Home

Een beetje hulp van buiten voor de zwaksten in Gaza

Saïd Mansour (26) doolt elke dag kilometers lang door Gaza om verzwakte kinderen te helpen, dankzij geld dat via crowdfunding binnenkomt uit de hele wereld. ‘Als er iets met mij gebeurt, sterf ik in elk geval in waardigheid.’

Voor een engel ziet hij er atypisch uit: smalle schouders, een klein brilletje en een basketbalpetje. Saïd Mansour lacht het bovendien weg als je hem zo noemt. ‘Ik heb toch geen keuze’, zegt hij een beetje verlegen. ‘Er is zoveel verdriet in Gaza. Als je dat ziet, dan moét je toch helpen?’

Logisch dus, vindt de 26-jarige Mansour, dat hij al anderhalf jaar de benen uit zijn lijf loopt. Dat hij werkt in het Nasser ziekenhuis in Khan Younis, waar hij voor de oorlog stage liep als verpleger, en daarna maar gewoon onbetaald is gebleven. En dat hij donaties uit het buitenland probeert binnen te slepen om de zwakste kinderen te helpen.

Saïd Mansour is één van die talloze mensen die je op sociale media kunt tegengekomen met een hulpvraag. Inwoners van Gaza die hun kinderen geen eten meer kunnen geven, mensen die een gaarkeuken runnen of Palestijnen die zelf in het buitenland wonen en alles proberen om hun familie in Gaza te steunen. Ze hebben een pagina aangemaakt op websites als GoFundMe of WhyDonate en hopen dat buitenstaanders geld overmaken waarmee zijzelf, of hun geliefden, kunnen overleven.

Mansour vraagt het geld niet voor zichzelf of zijn eigen familie, maar voor de uitgemergelde of doodzieke kinderen die je op zijn instagrampagina kunt vinden. Kleintjes die hij bijvoorbeeld in het ziekenhuis tegenkomt en waarvan hij weet dat ze het zonder extra hulp niet redden.

A post shared by Said Mansour (@nurse_said_mansour)

Daar begon hij anderhalf jaar geleden mee, toen een Britse arts die tijdelijk in het Nasser ziekenhuis werkte hem in contact bracht met Sally. Deze Britse vrouw wilde op de hoogte worden gehouden van het lot van twee kinderen en doneerde geld om hen te helpen. Vanaf dat moment ging Mansour ook filmpjes maken van andere kinderen in nood en plaatste ze op sociale media in de hoop ook voor hen geldschieters te vinden.

Drie Nederlandse vriendinnen

‘Vanaf dat moment kreeg ik berichten uit de hele wereld’, vertelt Mansour. ‘Sommigen bleven contact houden en ik heb samen met hen projecten opgezet. Shams Relief is bijvoorbeeld een initiatief dat ik samen met drie Nederlandse vriendinnen draai om gezinnen te helpen met voedsel, babymelk en pijnstillers. Soms regel ik watertanks voor tentenkampen en tijdens het Suikerfeest hebben we een evenement georganiseerd voor zeshonderd weeskinderen.’

Hij heeft er een dagtaak aan, naast zijn werk in het ziekenhuis. Die diensten zijn zwaar en niet alleen omdat ze 24 uur duren. ‘Ik weet dat veel mensen de beelden kennen, maar ik kan niet beschrijven wat je voelt als je er zelf bij bent’, vertelt Mansour over de telefoon. ‘Je hoort het geschreeuw, je ruikt het bloed en je loopt door een gang waar losse lichaamsdelen op de vloer liggen terwijl er overal mensen huilen.’

Mansour is tijdens zijn diensten op de chirurgische afdeling beschikbaar voor ieder klusje: hij verbindt wonden, assisteert artsen en ruimt bloed en uitwerpselen op. Maar belangrijkste verschil maakt hij door er simpelweg te zijn. Door op een bed te gaan zitten en de hand van een kind vast te houden tot het weer rustig is. Door met patiënten te praten. En door grapjes te maken. ‘Als ik optimisme uitstraal, krijgen mensen soms weer een beetje hoop. En dat kan hen er doorheen slepen.’

Hij loopt altijd rond met een notitieblokje en als hij mensen tegenkomt die extra hulp nodig hebben, gaat hij met ze praten en maakt aantekeningen. ‘Dat is vaak in het ziekenhuis, soms op straat, en steeds vaker ook via via. Dan word ik gebeld en vertellen mensen dat ze hoorden dat ik wellicht iets voor ze kan betekenen.’

Wat hij dan doet? ‘Lang met ze spreken zodat ik een beeld krijg van hun situatie’, vertelt Mansour. Hij kan tenslotte niet iedereen helpen, hij is maar alleen, dus hij moet scherp kiezen. ‘Alleen de aller, allerzwaksten.’

Kleinschalig en transparant

Als iemand in aanmerking komt, neemt Mansour contact op met zijn buitenlandse vrienden om te overleggen of ze voor deze persoon geld kunnen ophalen – zij hebben ondertussen in eigen land een netwerk van donateurs opgebouwd die ze dan een bericht sturen. ‘Vervolgens houd ik deze vrienden tot in detail met foto’s en filmpjes op de hoogte van alles wat ik met het geld doe’, zegt Mansour trots. ‘Het is kleinschalig. En heel transparant.’

Om een voorbeeld te geven stuurt Mansour foto’s van Abood, een kind van 5 dat hij een dag eerder heeft bezocht. Het jongetje heeft osteoporose, een ziekte waardoor botten gemakkelijker breken, maar voor wie ze in het ziekenhuis nu niets kunnen doen. ‘Hij ligt daar maar, heeft breuken in zijn hele lijf en lijdt constant pijn’, vertelt Mansour. ‘Toen ik zijn naam doorkreeg, ben ik direct gaan kijken. Sindsdien probeer ik Abood regelmatig te bezoeken en te verplegen. Ik gebruik de donaties om eten voor hem te kopen, zodat hij kan aansterken, en ik heb adressen waar ik pijnstillers voor hem kan krijgen. Natuurlijk kan ik hem niet beter maken, maar het gaat nu wel ietsje beter met hem.’

A post shared by Shams Relief (@shamsrelief)

En zo zijn er tientallen kinderen, in alle uithoeken van Gaza, die hij met plastic tasjes vol hulpgoederen bezoekt. Mansour laat ’s avonds tijdens een videogesprek de zakken zien die in zijn tent klaarstaan, en stuurt filmpjes en foto’s van de gezinnen die ze krijgen. De distributie is gevaarlijk ja, maar veel wil hij daar niet over kwijt. ‘Soms ben ik bang. Zoveel mensen zijn wanhopig, anderen zijn crimineel, dus ja, als ik met die spullen op een ezelkar zit, of vele, vele kilometers loop, kan er van alles gebeuren. Maar ik heb dit pad gekozen, God vraagt me dit te doen. Als er toch iets met me gebeurt, sterf ik in elk geval in waardigheid.’

Als Mansour vertelt, spreekt hij razendsnel. Lange zinnen, korte zinnen, veel woorden, zoekend naar een manier om uit te leggen wat hij doet. Zo is hij altijd, vertelt hij lachend. Doorgaan, constant doorgaan, om je heen kijken, aantekeningen maken, bellen, markten afstruinen en pakketten samenstellen. Bidden dat er flink wat geld wordt opgehaald zodat de mensen die in zijn boekje staan weer een beetje kunnen worden geholpen.

Grijs puin

Mansour komt zelf uit Rafah, de stad in het zuiden van Gaza die niet meer bestaat. Een buitenstaander kan zich niet voorstellen hoe het voelt als je je eigen straat niet herkent. Je appartement. Dat ene gebouw waar je altijd langs liep. Het winkeltje waar je elke dag boodschappen deed, met die aardige man achter de toonbank. Allemaal weg, veranderd in anoniem grijs puin. Tot je plotseling iets vertrouwds ziet: die uitgebrande auto, was die niet van de buurman? En die boom! Die staat er nog!

Maar Rafah ligt voorlopig achter hem, zegt Mansour. Nadat ze in maart vorig jaar hun huis verloren, is hij met zijn ouders en zussen naar Al Mawasi vertrokken, waar hij met elf mensen in een tent woont. Tijdens een videogesprek laat hij zien wat het tentenkamp in deze woestenij voorstelt: lange rijen wit plastic, gespannen om dunne stokken. Het waait en je hoort het plastic flapperen, maar nog duidelijker hoor je het doordringende gezoem van de drones – een bromtoon die vrijwel altijd aanwezig is. [[In zijn eigen tent is het kaal. Er zijn wat dekens. Spullen in tassen, netjes opgestapeld in een hoek om ruimte vrij te houden voor de bewoners. ‘Het is zo warm hier’, zegt hij. ‘We slapen slecht door de honger, de hitte, het ongedierte, het stof. Ook al probeer je te overleven, uiteindelijk sterven we hier in Gaza allemaal een langzame dood.’]]

Maar dat geld, hoe werkt dat precies? De beheerders van de websites, de vrienden van Mansour dus, zorgen dat de donaties op zijn bankrekening in Gaza komen. Hij moet het bedrag vervolgens omzetten in contanten want op de markt betaal je niet met een pinpas. ‘Op sommige plaatsen, zoals Deir al Balah, is niet alles platgebombardeerd’, legt hij uit. ‘Daar staan nog huizen en winkels en dus ook geldwisselkantoren.’ En er zijn de geldmannen die in een tent-café op het strand zitten – want ja, natuurlijk zijn er in de kampen ook tenten verrezen waar mensen bij elkaar zitten. ‘En op die plek doen sommige mannen dus zaken. Zij hebben gewoon contant geld bij zich.’

Daarvoor moet je flink betalen: zowel de kantoren als de geldmannen rekenen 40 tot 45 procent commissie. ‘Het is tragisch’, knikt Mansour tijdens het videobellen. ‘Sommige mensen maken misbruik van deze oorlog en worden nu rijk.’ Maar inwoners van Gaza hebben geen keuze: of je nu een westers salaris van bijvoorbeeld Artsen zonder Grenzen krijgt of donaties van familie overzee, iedereen is bijna de helft van het geld kwijt aan commissie. Met dat schaarse geld kun je op de markt steeds minder kopen omdat alles zo duur is. ‘Vlees is er allang niet meer, bloem en olie zijn onbetaalbaar, maar toch: als je geld hebt, heel veel geld, kun je spullen bij elkaar scharrelen.’

Ja, Mansour voelt de frustratie over een wereld die de uithongering en het genocidale geweld laat voortduren, maar tegelijkertijd is hij diep geraakt door de solidariteit van mensen die zich blijven inzetten voor onbekende kinderen in Gaza. ‘Ik heb vrienden gemaakt in Nederland, Pakistan, Zwitserland en Australië en we hebben constant contact met elkaar.’ Het raakt hem diep, zegt hij. ‘Er zijn zoveel goede mensen en ik wil mijn vrienden laten zien dat ze mij ook kunnen vertrouwen. Zolang dat vertrouwen er is, kan ik anderen helpen.’

INZET: Crowdfunding voor wanhopige Gazanen

Op ’s werelds grootste website voor crowdfunding GoFundMe staan tienduizenden pagina’s om geld op te halen voor Gaza. Elke dag komen er meer dan honderd nieuwe noodkreten bij, die veelvuldig worden gedeeld op sociale media. Een groot deel van de mensen zamelt geld in voor acute hulp: eten en medische zorg.

Het platform zelf deelt weinig gegevens met de buitenwereld. Om een idee te geven onderzocht de Volkskrant een week lang nieuw aangemaakte pagina’s op de website. Van 22 tot en met 28 juli waren dat er 908. Opgeteld vroegen de initiatiefnemers omgerekend ruim 23,5 miljoen euro. Bijna 40 procent van de projecten had al enige opbrengsten; de teller stond op iets meer dan 350 duizend euro.

Iedereen kan een pagina aanmaken om geld te vragen, met een spaardoel. ‘Help Hosam en zijn familie de hongersnood te overleven’, zie je bijvoorbeeld, of: ‘Help me mijn familie te redden van honger en dood’.

GoFundMe keert uit als het doel is behaald en nadat de identiteit van de initiatiefnemer is bevestigd. De website keert uit aan de initiatiefnemer, die zelf verantwoordelijk is voor overdracht van het geld aan de mensen waarvoor is ingezameld. Lukt dat uitkeren niet binnen een bepaalde tijd, dan krijgen donateurs het bedrag terug.

Het platform rekent voor elke donatie 2,9 procent van het bedrag, plus 30 dollarcent (26 eurocent) per transactie. Een rekenvoorbeeld: als iemand 1.000 euro ophaalt bij vijf donateurs, krijgt diegene 969,50 euro uitgekeerd. De persoon in Gaza voor wie het geld verzameld is, betaalt vervolgens aan een plaatselijke geldwisselaar commissie. Vanwege de oorlog loopt die op tot wel 40 procent.

Crowdfundingplatform GoFundMe is de grootste, maar niet de enige website waarop particulieren geld inzamelen bij andere particulieren. Voor alle websites geldt dat het nooit uit te sluiten is dat er fraudeurs actief zijn die geld inzamelen voor eigen gewin middels het leed van inwoners van Gaza.

Pieter Sabel, Erik Verwiel

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next