Home

Hockeyers zorgeloos richting de halve finale na 5-0 tegen Oostenrijk, maar wie staat er dan op doel?

Hockeybondscoach Jeroen Delmee heeft normaal gesproken geen moeite met knopen doorhakken. De keuze voor een eerste doelman van het Nederlands team blijft echter een heikel thema.

schrijft voor de Volkskrant over zwemmen, hockey en golf.

In een veredeld trainingspotje op een warme zomeravond walsten de Nederlandse hockeyers op het EK in Mönchengladbach over Oostenrijk heen. Zonder bovenmatige inspanning won Oranje met 5-0 van het zwakke Oostenrijk, dat het toernooi na drie pouleduels afsloot met 25 tegentreffers.

Het Nederlandse team was na twee overwinningen (op Spanje en België) al geplaatst voor de halve finales, waardoor enkel de groepswinst op het spel stond. Aanvoerder Thierry Brinkman bekroonde zijn tweehonderdste interland al binnen een halve minuut met een doelpunt. Het was zijn 82ste goal in het Nederlandse team, waarmee hij zijn vader Jacques (aandacht toeschouwer op de tribune) voorbijstreefde. Brinkman senior had 339 interlands nodig om 81 keer te scoren.

Oostenrijk leek na de vroege openingstreffer klaar voor de slachtbank, maar pas in het tweede kwart tekende Koen Bijen voor de 2-0. Na rust prikte de spits nog tweemaal raak en tussendoor was Tjep Hoedemakers trefzeker. De regerend Europees en olympisch kampioen stevent zodoende zorgeloos af op het echte werk dit EK.

Eerste doelman

De grote vraag die blijft hangen, is wie er in de halve finale (donderdag) en in de finale dan wel troostfinale (zaterdag) onder de lat zal staan. De keuze voor de eerste doelman blijft een heikel thema voor Delmee. De coach die duidelijkheid predikt en doorgaans geen moeite heeft met het maken van moeilijke keuzes, wil zijn handen nog niet branden aan het benoemen van een absolute nummer één.

De afgelopen jaren vochten Pirmin Blaak en Maurits Visser een hevige concurrentiestrijd uit om een plek onder de lat. Blaak is na het veroveren van olympisch goud vorig jaar afgezwaaid, waarna de strijd weer helemaal openligt. Het afgelopen seizoen maakten drie keepers deel uit van de trainingsgroep van het Nederlands team: Maurits Visser (30), Derk Meijer (28) en Hidde Brink (27).

Visser en Meijer werden geselecteerd voor het EK, maar Delmee wil vooralsnog geen eerste doelman aanwijzen. ‘De verschillen tussen Maurits en Derk zijn minimaal. Nu een voorkeur uitspreken kan en wil ik niet’, aldus Delmee. De bondscoach benadrukt dat beide keepers in Duitsland de kans krijgen om te laten zien wat ze waard zijn. Volgend jaar, in aanloop naar het WK in Nederland en België, zal hij wel een keuze maken tussen zijn topkeepers.

Voorafgaand aan de Europese titelstrijd was al duidelijk dat Visser en Meijer allebei twee topwedstrijden zouden keepen plus allebei één helft tegen zwakke broeder Oostenrijk. Visser, de meest ervaren doelman met 47 interlands, was het toernooi begonnen met een hele wedstrijd tegen Spanje (3-0). De goalie van Bloemendaal onderscheidde zich vooral in het laatste kwart met vier knappe reddingen.

Meijer (23 interlands) stond in de topper tegen België (4-2) op doel en keepte eveneens een prima pot. Vooral zijn redding in de slotseconden voor het rustsignaal, bij een 2-1-voorsprong van Nederland, verraadde de klasse van de doelman van Rotterdam. Meijer trof weinig blaam bij de twee Belgische tegentreffers.

Gestopte strafballen

Afgelopen weekend waren de gedachten van Visser bij zijn entree in het Sparkassenpark van Mönchengladbach teruggegaan naar zijn heldenrol op het EK van twee jaar geleden in hetzelfde stadion. Eindelijk mocht Visser zich in de zomer van 2023 eerste doelman van Oranje noemen, omdat Blaak ontbrak vanwege gezinsuitbreiding. Visser speelde een sterk toernooi en blonk in de gewonnen EK-finale tegen Engeland uit met twee gestopte strafballen.

Na een mindere periode in het olympisch seizoen bij zijn club Bloemendaal werd Visser in de zomer van 2024 gepasseerd voor de Olympische Spelen. Bondscoach Delmee verkoos Blaak als eerste keeper en tot zijn verdriet mocht Visser ook niet als reserve naar Parijs afreizen. Die rol ging verrassend naar Meijer.

Visser, in het dagelijks leven werkzaam als arts-onderzoeker, vond in die periode veel steun bij Terrance Pieters en Teun Beins, die eveneens op het laatste moment waren afgevallen voor de Spelen. Het spookte na die koude douche heel even door zijn hoofd om te stoppen. ‘Maar zo zit ik niet in elkaar’, zei Visser tegen Hockey.nl. In Mönchengladbach is hij blij dat hij weer deel uitmaakt van het Nederlands team. ‘Ik weet hoe mooi het kan zijn.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next