Home

Opinie: Waarom een nieuw kiesstelsel cruciaal is voor onze bestuurbaarheid

Hoe stoppen we de politieke versplintering en de dreigende democratische crisis? Dit concrete voorstel van oud-burgemeester Paul Scholten moet de oplossing bieden.

‘Een wezenlijk debat over fundamentele wijzigingen van het kiesstelsel wordt snel onvermijdelijk’, aldus het Commentaar van Raoul du Pré op 6 augustus. Wie zich net als vele Nederlanders zorgen maakt over de bestuurbaarheid van ons land, zal bij de komende verkiezingen overtuigd moeten kunnen kiezen voor een partij die een ingrijpende aanpassing van ons kiesstelsel voorstaat.

Zonder deze kunnen nauwelijks nog belangrijke besluiten tot stand komen. Bijgaand voorstel, hoe de versplintering van de politiek definitief gestopt kan worden, biedt hopelijk houvast. Het doel moet zijn onze kwetsbaar geworden parlementaire democratie van een nieuw, stevig fundament te voorzien.

De toekomst van ons bestel begint bij haar verleden. Laten we erkennen dat ons bestel er na 175 jaar niet goed meer tegenop kan. De samenleving van 2025 is in al die jaren in aard en inwonertal met toen 3 miljoen en nu 18 miljoen mensen totaal veranderd. De deksel past niet meer op de bijna barstende ketel.

De vermaarde Herman Tjeenk Willink zei het zo in Het tij tegen: groot onderhoud op alle terreinen van de overheid is urgent, met als klap op de vuurpijl: het functioneren van de Tweede Kamer is te bestempelen als griezelig.

Hoezeer de meeste Kamerleden persoonlijk hun best doen, blijft het moeizame dagelijks functioneren van de Tweede Kamer als geheel met haar vijftien vaak veel te kleine fracties, maar doorgaan. Kabinetten vallen voortijdig, structurele oplossingen voor de steeds groter wordende problemen blijven nu al jaren uit. Te grote ongelukken doen zich voor bij wetgeving, uitvoering en controle. Kiezers zien dat heel scherp en verliezen hun vertrouwen. Politieke partijen zullen in hun eigen belang hierop moeten reageren in hun verkiezingsprogramma’s, te beginnen met een krachtige versterking van de grondslag van de eigen Tweede Kamer: het kiesstelsel.

Over dit auteur

Paul Scholten is oud-burgemeester van onder andere Arnhem (1989-2001). Hij schreef in Schets van een Korte Grondwet (2016) de eerste contouren van dit plan.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Bestuursstructuur onder de loep

Verandering van bestuurscultuur alleen is niet meer voldoende, de versplinterde kracht van het wetgevende en controlerende parlement zelf blijft hiermee te verzwakt. Alle nieuwe vormen van meedenken met het landsbestuur hebben een groot mankement: ze versterken de organisatie van de kern van de democratie, de structurele opzet van de Tweede Kamer, zelf niet. Daarom moet nu onze bestuursstructuur onder de loep.

Marc Chavannes, de vorig jaar overleden eminence grise van de Nederlandse journalistiek, zei het nog letterlijk: het systeem werkt niet meer, wantrouwen is deel van het systeem geworden. Of Kustaw Bessens in Stuurloos: het systeem hapert, het moet op de schop.

De bedreigingen voor onze democratie worden groter en groter. De dreigingen vanuit het oosten (Poetin), vanuit het westen (Trump) en zeker ook binnen Europa met haar antidemocratische partijen tot in ons land toe, maken dat ook Nederland kwetsbaar wordt. Wij zullen het democratisch gehalte van het staatsbestel meer moet beschermen, te beginnen met de Tweede Kamer. Voor onze economie, voor de bescherming van onze natuur, voor onze veiligheid, voor onze vrijheid. Laten we opschieten nu maffia en andere onzichtbare zware criminaliteit de argeloze bovenwereld al maar naderbij sluipen.

Denk aan de scherpe observatie van Marcia Luyten in haar vrij recente boekje Kiezen voor democratie of dictatuur: het kan zo niet langer, want in het duister woekert de rot en gedijen hypocrisie en corruptie.

Waar moet het in de praktijk van alle dag om gaan? Rekening houdend met verkiezingsuitslagverschillen per partij moeten Tweede Kamerfracties redelijkerwijs zo rond de 25 zetels gaan tellen om als fractie al het zware Kamerwerk naar behoren te kunnen doen. Alleen al voor grondige beoordeling van wetsvoorstellen, verantwoord beslissen over duizenden moties per jaar, overtuigd stemmen over vele honderden ingewikkelde wetsontwerpen en amendementen, is een fractie van zo’n omvang onmisbaar.

Zes grote(re) fracties

Dit kan op een totaal van 150 zetels dus met niet meer dan zes grote(re) fracties. De dan belangrijke vraag is of dat ook verantwoord is. Ik meen van wel. De grote politieke stromingen van zes brede fracties van sociaaldemocraten, christendemocraten, liberaal-democraten, conservatieven en nog twee extra zijn voldoende voor het afdekken van het totale spectrum. Soortgelijke kleine(re) fracties en de grote(re) worden door die beperking gestimuleerd elkaar op te zoeken.

Het succes van de combinaties van eerder het CDA en nu van GroenLinks met PvdA, spreekt voor zich. Ligt doortrekken van die lijn, zoals een volgende combifractie van D66 met Volt, voor de hele Kamer dan niet voor de hand? Vrijwillige vorming van genoemde combifracties was een goede stap in de richting, een dwingende steun in de rug lijkt nu onvermijdelijk. Hoogleraar staatsrecht Wim Voermans mag met zijn uitspraak in NRC van dit weekend dat ‘politieke fragmentatie niets minder dan een zegen is’, zuiver theoretisch het democratisch gelijk aan zijn zijde hebben, in de dagelijkse bestuurspraktijk wijzen de tekenen des tijds er op, dat in ons bestel een nieuw evenwicht tussen representativiteit en bestuurbaarheid gevonden moet worden.

De aanpassingsmethode: wijziging van de Kieswet. Hiermee kan het concrete middel van gemiddeld 25 leden per fractie relatief snel bereikt worden. De Grondwetgever van 1938 maakte rechtstreekse inschakeling van de gewone wetgever mogelijk. Men dacht toen vrij naïef met invoering van een kiesdrempel het snel opkomende nationaalsocialisme de pas af te kunnen snijden, al is een kiesdrempel – waarbij niet elke stem telt – principieel ondemocratisch van aard.

Twee rondes

Uit die wetsgeschiedenis blijkt wel, dat een mindere ingreep in het kiesrecht, wijziging van de Kieswet met het vooraf houden van partijverkiezingen niet onmogelijk is: in eerste ronde met een wettelijk bekrachtigde selectie van de zes grootste partijen voor de tweede ronde. In beide ronden telt elke uitgebrachte stem.

Deze tweede ronde geschiedt geheel conform artikel 53.1 van de Grondwet, met de daarin voorgeschreven verkiezing van Kamerleden met evenredigheid van zeteltoedeling. Voorafgaande partijverkiezingen vallen daar dus uitdrukkelijk niet onder. De doelstelling van deze aanpak behoort bij beoordeling een rol van betekenis te spelen: een betere bescherming van onze parlementaire democratie. Dat is dan ook de doorslaggevende reden voor mijn voorstel.

De in 2018 gemaakte opmerking door de Staatscommissie parlementair stelsel over de in haar ogen onjuiste beperking van de evenredigheid moge hiermee voldoende beantwoord zijn. We zijn nu wel bijna zeven jaar verder met intussen een steeds verdere verzwakking van het bestel. Tijd voor een minstens vier jaar durende onnodige en onzekere grondwetwijziging is er niet meer.

Partijprogrammamakers, aan de slag hiermee.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next