DEN HAAG - Het Haagse jenevermuseum van Van Kleef hangt nog altijd aan een zijden draadje en sluiting dreigt. Maar alle tegenslag lijkt directrice Fleur Kruyt alleen maar strijdbaarder te maken. Ze wil het jenevermuseum verbouwen, uitbreiden en zorgen dat het museum een erkende status krijgt. En daarvoor is ze zelfs bereid haar woning op te geven: 'Emotioneel en fysiek ben ik nu leeg. Er is geen geld en geen huis meer.'
Het zat directrice van het Van Kleef Museum, Fleur Kruyt, de afgelopen vijftien jaar niet mee. Het woord opgeven komt alleen niet voor in haar woordenboek. Ondanks een nieuwe financiële crisis ziet Kruyt toch nog altijd een toekomst in de historische winkel en het jenevermuseum aan de Lange Beestenmarkt in Den Haag.
Ze heeft zelfs plannen voor een grote verbouwing en uitbreiding. 'Ik wil hier onwijs graag blijven. Op deze manier zou er een oplossing kunnen komen voor het bekostigen van het onderhoud van de inventaris. Hierdoor kan het cultureel erfgoed behouden blijven. We gaan door', zegt Kruyt.
Al sinds het begin van het jenevermuseum wisselden financiële crises, ontstaan door onbereikbaarheid, elkaar af tot Kruyt twee jaar geleden opnieuw aan de bel trok bij de gemeente Den Haag. Ze kan de onderhoudskosten van het culturele erfgoed van de distilleerderij uit 1842 echt niet meer betalen. Gesprekken volgden, maar vooralsnog zonder uitkomst.
Financiële crises die elkaar eerder opvolgden kwamen onder meer door het zogeheten verkeerscirculatieplan in 2009, waardoor het centrum werd gesplitst en het pand onbereikbaar werd. 'Niemand kon het meer vinden', zegt Kruyt. De gemeente bood in 2010 hulp in de vorm van een lening van 160.000 euro waar de ondernemers Kruyt en haar man Louis Centazzo alleen wel acht procent rente over moesten betalen. Als onderpand werd hun huis gebruikt.
Het ontstaan van Museum Van Kleef begint in 1999 als de inmiddels overleden echtgenoot van Fleur Kruyt vanuit Monumentenzorg van de gemeente Den Haag en Stadsherstel Den Haag het verzoek krijgt om aan de Lange Beestenmarkt een jenevermuseum te realiseren. Op de plek waar sinds 1842 een distilleerderij was gevestigd. Het cultureel erfgoed was al aanwezig.
Om er een museum van te maken, moest er een ondernemingsplan worden ontwikkeld. De Van Kleef dranken werden gemaakt, er werden proeverijen georganiseerd en rondleidingen gegeven.
Begin jaren 90 is in opdracht van Stadsherstel Den Haag een rapport opgesteld om de inventaris en kansen van het openen van een jenevermuseum in kaart te brengen. 'De conclusie: de inventaris verkeerde in slechte staat, de ruimte om een en ander tentoon te stellen was te klein en de omstandigheden niet toereikend om alles museaal verantwoord te beheren.
De conclusies die toentertijd getrokken zijn, zijn ruim dertig jaar later nog steeds actueel', vertelt directrice Fleur Kruyt.
In 2015 kwam Centazzo te overlijden en raakte Kruyt het huis kwijt dat als onderpand diende. Stadsherstel Den Haag wilde Kruyt wel als huurder behouden, maar alleen als ze een huurverhoging van dertig procent zou betalen.
Daarna volgden de coronacrisis, een energiecrisis en om 'the perfect storm te creëren', zoals Kruyt het noemt, het '50 euro parkeerbeleid' in onder andere de Lange Beestenmarkt. Bezoekers konden niet meer eventjes naar het museum of de winkel, maar moesten direct een dagtarief van 50 euro aftikken.
'Sommige bezoekers hadden ook een parkeerboete gekregen, dat was dan gelijk 130 euro', zegt Kruyt. Het leidde opnieuw tot een afname van de bezoekersaantallen en een teruglopende bron van inkomsten.
Door alle tegenslagen is de geldpot leeg en dreigt de onderneming, bestaande uit de winkel en het museum, failliet te gaan. Door de slechte staat van het pand is het volgens Kruyt ook moeilijk om de museumstukken goed te houden.
Ondanks alles gooit Kruyt niet zo snel de handdoek in de ring. Voor het behoud van het museum en de verbouwing is een paar maanden geleden onder meer een crowdfunding opgezet. Inmiddels is er zo'n drieduizend euro binnen. 'We kunnen natuurlijk niet zoveel jaren aan financiële ellende oplossen met crowdfunding. Maar het is een begin voor onze nieuwe plannen', zegt Kruyt.
Enthousiast laat Kruyt de tekeningen zien van het nieuwe museum, die kosteloos door architectenbureau Kroder zijn gemaakt. Ook zijn er contacten gelegd met het Jenevermuseum in Schiedam. Zij hebben stukken van zo’n twintig Haagse distilleerderijen in bezit die binnen het Haagse museum een podium zouden kunnen krijgen in het pand aan de Lange Beestenmarkt.
Het museum wil 'hiermee de rijke geschiedenis van jenever, likeuren en andere Haagse sterke verhalen tot leven brengen'.
Daarvoor is alleen wel een groter en beter pand nodig. Op dit moment is het erfgoed volgens Kruyt niet goed te onderhouden, doordat de ruimtes in het pand hier niet op zijn ingericht.
Ze loopt door de winkel, richting een ruimte met allerlei ketels en tafeltjes. Ernaast is een aparte ruimte waarin een aantal vaten en rijen met flessen Van Kleef staan. 'Er staan hier alleen flessen, omdat het gewoon niet te gebruiken is voor iets anders.'
Het plafond bestaat uit golfplaten, waartussen soms een aantal doeken is gestopt tegen lekkages die regelmatig ontstaan. De vloer bestaat uit stenen en de buitenmuur uit houten planken van 2,7 centimeter doorsnee.
'De eigenaar van het pand, Stadsherstel, heeft dit laten verbouwen, maar we betalen dezelfde prijs als de ruimte hiernaast. Terwijl, je hebt er weinig aan. Het is eigenlijk gewoon een soort verkapt tuinhuisje', vertelt Kruyt, terwijl ze met een trieste blik naar het plafond kijkt.
Ook de wijnkelder is volgens Kruyt nodig aan een renovatie toe. 'Het klimaat is vreselijk. Er moet echt een afzuiginstallatie komen', aldus de directrice die het trappetje in de winkel afloopt. Een muffe geur komt je tegemoet.
'Dat moet in de toekomst dus anders worden', zegt Kruyt. Ze neemt plaats achter een computer en bekijkt de tekeningen van het nieuwe museum. Ze wijst de verschillende ruimtes aan.
Kruyt, die ook naast het pand woont, wil haar huis opgeven, zodat het museum kan worden uitgebreid. De wijnkelder moet het begin van het museum gaan vormen. Hier worden straks films getoond en zijn straks verschillende verhaallijnen te volgen, voor ieder wat wils.
De ruimte achter de slijterij wordt een proeflokaal met een tentoonstellingsruimte, waarna delen van het huis van Kruyt worden omgebouwd tot kamers met het erfgoed en sanitaire voorzieningen. Ook komt er een serre met een museumkas, een museumtuin en een proeftuin.
Het museum moet zo'n 40.000 bezoekers per jaar gaan trekken en een erkende museumstatus krijgen, waardoor mensen met museumjaarkaarten hier ook terechtkunnen. Dat zou volgens Kruyt een ideale situatie zijn. 'Daardoor zouden we de onderhoudskosten jaarlijks wel zelf kunnen financieren.'
Dat is: als de plannen kunnen doorgaan. Want dat blijft nog wel de vraag. 'Daarover zijn we nog in overleg', aldus Kruyt. 'De plannen zijn aan Monumentenzorg van de Gemeente Den Haag en de eigenaar van het pand en de inventaris, Stadsherstel Den Haag, voorgesteld. Die zijn positief, maar niemand heeft nog toegezegd geld te willen investeren.'
Kruyt hoopt dat Stadsherstel Den Haag 'in ieder geval een bijdrage kan leveren in het realiseren van een pand waarin de inventaris duurzaam kan worden beheerd'.
Stadsherstel Den Haag is eigenaar van de inventaris, maar toch betaalt de ondernemer achter het museum zelf voor het onderhoud. 'Vanaf de opening is er 400.000 euro uitgegeven aan het onderhoud van erfgoed dat niet eens van mij is. Vind maar eens een ondernemer die daartoe bereid is.
Stadsherstel Den Haag zegt zich nog niet te kunnen vinden in de rol als investeerder, maar we hopen echt dat ze hierop terugkomen.'
'Het enige dat ik wil is een pand. Als ze een pand kunnen geven waar wij een erkend museum in kunnen realiseren, dan betalen wij de onderhoudskosten. Ik heb jarenlang alleen de kar getrokken, emotioneel en fysiek ben ik nu leeg. Er is geen geld en geen huis meer', aldus Kruyt.
'Het enige dat ik wil is een pand. Als ze een pand kunnen geven waar wij een erkend museum in kunnen realiseren, dan betalen wij de onderhoudskosten. Ik heb jarenlang alleen de kar getrokken, emotioneel en fysiek ben ik nu leeg. Er is geen geld en geen huis meer', aldus Kruyt.
Vrijwilligers die zich blijven inzetten voor het museum, geven Kruyt kracht om door te blijven vechten, vertelt ze. 'Daar krijg ik echt zoveel energie van. Laatst kwam hier ook een vrouw van in de zeventig langs die in de buurt woont. Ze zei: je kent me waarschijnlijk niet, want ik drink niet, maar ik vind het zo erg dat jullie misschien dicht moeten. Ik heb nog een beetje spaargeld, dat kan ik wel aan jullie geven, zodat je open kan blijven. Zo lief.'
'Ik zei natuurlijk dat ze haar spaargeld moest houden, maar mijn hart brak wel echt even,' aldus Kruyt.
Arie Stappers, bestuurder bij Stadsherstel Den Haag, laat weten: 'We staan positief tegenover de plannen van het museum. Het is uniek en ik vind het mooi dat Den Haag dit heeft. Zelf vind ik de producten ook fantastisch. Maar als je wilt investeren, horen er ook cijfers bij. We wachten nog op het complete plaatje. We hebben ook een zorgplicht dat het in stand kan worden gehouden. Dus niet dat ze over drie jaar de huur niet meer kunnen betalen.'
Source: Omroep West Den Haag