Home

‘Borculo is vernietigd, stuur het leger’ – de tornado die Nederland veranderde

Het is zondag precies een eeuw geleden dat een tornado Borculo grotendeels vernietigde. Het was de geboorte van een nieuw tijdperk in hoe we omgaan met rampen. Kan zo’n ramp zich herhalen?

Maarten Keulemans is wetenschapsredacteur bij de Volkskrant, gespecialiseerd in klimaat en microleven.

De ‘cycloon van Borculo’ was natuurlijk helemaal geen cycloon, zo’n tropische storm op zee, dat was al direct duidelijk. Eén getuige zag ‘een trechter met vies geel-groen kleur’, een ander ‘een zwarte zuil, zo hoog als een toren’, en een derde ‘een lange rechte buis welke snel ronddraaide en in duizelingwekkende vaart en onder ontzettend geloei dichtbij kwam.’

Maar dit was het jaar 1925. Rampenfilms zoals Twister of The Day After Tomorrow bestonden nog niet, er was nog geeneens internet of televisie. Wat wisten de inwoners van het dorp Borculo nu van tornado’s? Amper tien minuten later lag Borculo in puin. Daken waren ingezakt, muren omgevallen, de straat lag vol bomen en puin.

Een wonder was het dat er in Borculo slechts drie doden en tientallen gewonden vielen te betreuren (een vierde persoon kwam verderop om). Er waren huizen ‘ontploft’ en vervolgens ‘geïmplodeerd’, vertelt meteoroloog Jordi Huirne van Buienradar en RTL Weer, na lezing van de ooggetuigenverslagen uit die tijd. ‘Heel kenmerkend voor een tornado. Die zuigt de lucht letterlijk weg, waardoor er binnenshuis overdruk ontstaat en ramen en deuren naar buiten knallen.’

En mensen. Diverse inwoners meldden hoe ze opeens uit hun huizen naar buiten werden gezogen, soms met huisraad en al. ‘Een kinderwagen vloog door de lucht, de baby had gelukkig geen schrammetje. Kippen en stuks vee werden overal teruggevonden. En later trof men vijftig kilometer verderop nog bankbiljetten en een boekje uit Borculo aan’, somt Huirne op. ‘Echt heel uitzonderlijk.’

Video wordt geladen...

Gekke wending

De ‘cycloon van Borculo’ zou uitgroeien tot een ramp van mythische proporties. ’s Lands bekendste recente natuurramp na de Watersnood van 1953. ‘Borculo is er bekend mee geworden’, zegt Peter Nieuwenhuis, van de Historische Vereniging Borculo. ‘Als je op vakantie op de camping in gesprek raakt en je zegt waar je vandaan komt, is het al snel: o, Borculo, van de stormramp.’ Deze zomer herdenkt Borculo ‘zijn’ ramp dan ook uitbundig, met een openluchttoneelstuk, een muziekstuk, een kerkdienst en diverse plechtige onthullingen van memorabilia.

Raar is dat ergens ook. Twee jaar ná Borculo, op 1 juni 1927, veroorzaakte een vergelijkbare tornado in Neede, vijf kilometer verderop, méér doden en gewonden. En op de fatale dag in 1925 zelf werden behalve Borculo ook andere dorpen getroffen: Graspeel, Trent, Oventje, Didam. Toch is het de stad aan de Berkel die het meeste verbonden raakte met de ramp.

Dat kwam ‘honderd procent’ door de toenmalige burgemeester, zegt Nieuwenhuis: jonkheer en civiel-ingenieur Robert de Muralt. Een flamboyante liberaal, die als oud-lid van zowel de Tweede als de Eerste Kamer de weg wist in Den Haag, en bovendien een feilloos gevoel had voor publiciteit.

Dat begon al met het telegram dat hij verstuurde aan de latere premier Dirk de Geer, destijds minister voor Binnenlandse Zaken. ‘Mijn gemeente Borculo gisteravond tegen zeven uur getroffen door orkaan. Grotendeels vernietigd’, stelde De Muralt daarin droogjes vast. ‘Acht dringend hulp nodig van militairen bij voorkeur geniesoldaten.’

Dat werkte. De volgende ochtend arriveerden 373 militairen, koningin Wilhelmina bezocht de rampplek en, een noviteit in een snel moderniserende wereld, er kwam massaal ramptoerisme op gang. ‘Je moest in Borculo zijn geweest, om het met eigen ogen te zien’, zegt Nieuwenhuis. ‘Een half tot een miljoen mensen is langsgeweest. Ook dat heeft ongetwijfeld bijgedragen aan de blijvende roem van de ramp: mensen vertelden door wat ze hadden gezien.’

‘Hulp moet er koomen’

Er waren meer nieuwerwetsigheden. Filmbeelden van de rampplek werden getoond in de bioscopen, en in de kranten – destijds nog grotendeels vrij van fotografie – verschenen foto’s van de ravage. De Muralt gaf intussen onophoudelijk interviews, vaak met gevoel voor drama rechtstreeks vanaf de puinhopen. ‘Want hulp moet er koomen’, noteerde het Deventer Dagblad uit zijn mond.

Zo te oordelen aan de schade was dit een tornado van de derde categorie, op de ‘Fujita’-schaal van vijf, oordeelt Huirne. ‘Daarbij moet je denken aan windsnelheden van meer dan 250 kilometer per uur. Echt onvoorstelbaar voor ons land, dit zijn Amerikaanse toestanden.’ Zeldzaam, maar niet uniek: ook in 1967 raasde een tornado met geschatte kracht 3 over Nederland, bij Tricht in de Betuwe en Chaam in Brabant. Zeven mensen kwamen om.

Tornado’s kunnen ontstaan als koele lucht vanaf zee botst op hete lucht boven land. Als daarbij de ‘straalstroom’ van koude lucht op grote hoogte een andere richting heeft dan de windrichting boven land, en de straalstroom is extreem sterk, kan een zich ontwikkelend onweersfront om zijn as gaan draaien: een supercel.

Gaat dat heftig genoeg, dan kan de supercel van onderen gaan uitstulpen en een slurf krijgen, zoals wegstromend water door het putje van de wastafel. Dan nóg is een tornado die de grond raakt zeldzaam, vertelt Huirne: ‘Zelfs in de Verenigde Staten produceert maar een op de acht supercellen een tornado.’

Voorloper van Giro 555

Áls Nederland al zoiets heeft als een ‘tornado alley’, een plek waar wervelwinden wat makkelijker ontstaan, dan is het wel wat verder in het binnenland. Daar warmt het ’s zomers sterker op en koelt het ook minder snel af: onder de juiste omstandigheden het ideale toneel voor draaiende supercellen. ‘Dat geldt voor een hele band in Europa: van Midden-Frankrijk via Luxemburg en Oost-België naar Duitsland en het oosten van ons land’, schetst Huirne.

Het kan vandaag dus gewoon weer gebeuren. Maar het is een zeldzaam fenomeen. Bovendien lijkt de kans op tornado’s door de opwarming van het klimaat eerder kleiner geworden dan groter. Reden: door de opwarming lijkt de straalstroom wat af te zwakken. Dat remt de vorming van de slurven af. ‘Je zou meer langdurig stilliggende plensbuien verwachten waaruit zeer veel neerslag valt en minder van die ronddraaiende supercellen’, zegt Huirne.

De hulp waarom burgemeester De Muralt smeekte, kwam er. En niet zo’n beetje. Er kwam een landelijke inzameling, met posters van een getekende collectebus, rammelend boven het puin. ‘Los de koorden van uw beurs!’, kopte De Telegraaf, op de voorpagina. ‘Er mag geen oogenblik van aarzeling zijn. Nederland helpt zijn landgenooten, zooals het honderdduizenden vreemdelingen geholpen heeft.’

Om de hulp in banen te leiden, richtte minister De Geer een ‘Nationaal Steuncomité’ op, ook al nieuw in die dagen. Het steuncomité zou uitgroeien tot het Nationaal Rampenfonds, en nog later tot het huidige Giro 555. Uiteindelijk kwam er ruim 3 miljoen gulden binnen, omgerekend naar hedendaags geld ongeveer 66 miljoen euro. ‘Er bleef geld over’, vertelt Nieuwenhuis.

Cycloonpark

Voor De Muralt liep het vervelender af. De burgemeester, een stugge en autoritaire man, kreeg het met steeds meer instanties en medebestuurders aan de stok over de hulpacties en de wederopbouw. Drie jaar na de ramp diende hij zijn ontslag in, officieel om medische redenen, maar naar historici aannemen, ook omdat hij begreep dat hij niet zou worden herbenoemd.

In Borculo zijn de stille getuigen van de ramp nog altijd te zien. Zoals aan de Burgemeester Bloemersstraat, waar sommige panden gevelstenen hebben die zijn opgedragen aan gul gevende gemeenten: Zutphen, Amsterdam, Utrecht. Waar ooit noodwoningen stonden om de daklozen te huisvesten, is nu een park, het ‘Cycloonpark’. Met als beeldbepaler een wervelwind, sierlijk vormgegeven van gevlochten staal.

Luister hieronder naar onze wetenschapspodcast Ondertussen in de kosmos. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Alles over wetenschap vindt u hier.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next