Natuurbrand Frankrijk De grootste natuurbrand in zeker vijftig jaar heeft in Zuid-Frankrijk een ravage aangericht. Het medeleven uit Parijs wordt er door bewoners met scepsis ontvangen.
Pierre Fabre maakt zich zorgen over zijn druiven. De wijnboer staat met zijn gezin en een collega bij de brandkraan voor zijn huis. Het groepje kijkt hoe een vijftal brandweerwagens met loeiende sirenes door de smalle hoofdstraat denderen. Langs het café en het gemeentehuis snellen de hoge, rode wagens over een oude stenen brug het dorp uit. Daar beginnen de zwartgeblakerde velden, waaronder de tachtig hectare met wijnstruiken van de familie Fabre. „Dinsdagnacht zagen we het vuur komen. We waren doodsbang, maar het stopte net achter de brug”, zegt Fabres echtgenote.
Fabrezan is een van de dorpen in het zuid-Franse departement Aude, waar bosbranden de afgelopen dagen zeker 17.000 hectare in de as legden. Het vuur heeft Fabres wijngaarden wonderwel gespaard, maar hij vreest dat de intense geur van rook, die zwaar over de velden hangt, de smaak van zijn druiven zal verpesten. „Gisteren kwam het vuur tot tweehonderd meter van onze struiken. Vannacht is de wind gedraaid en blies de rook en de as over de velden.” Of hun druiven nog te redden zijn, kan het gezin Fabre pas over twee weken onderzoeken wanneer in de beroemde heuvels van de Corbières de oogst begint.
In het dorpshuis staat de burgemeester van Fabrezan, Isabelle Géa, in felgroen shirt boven een korte broek en gele sportschoenen, druk te bellen. De kleine, pezige zestiger is al dagen in touw om evacuees uit de naburige dorpen op te vangen. Bij de ingang van zaal ligt een grote berg waterflessen, binnen staan lange rijen gedekte tafels vol fruit, frisdrank en energierepen. „Toen het vuur begon, hebben we een noodplan in werking gesteld en de burgers opgeroepen om water en voedsel te brengen. Hier kunnen de brandweerlieden op adem komen. De evacuees sliepen daar achter de gordijnen, op het podium”, vertelt Géa.
Na twee dagen intensief blussen door tweeduizend brandweerlieden is het vuur grotendeels onder controle. Maar het gebied is dan nog niet veilig verklaard en brandweerchef Vivien Doudoux kan niet vertellen wanneer dat gebeurt. De harde en onvoorspelbare wind kan de vlammen snel weer doen oplaaien, de heuvels maken het blussen ingewikkeld en bewolking bemoeilijkt bluswerkzaamheden vanuit de lucht. Vakantiegangers hebben het gebied verlaten en campinghouders vrezen een verloren seizoen.
De bosbranden die de regio Aude en de Corbières in de as legden, zijn volgens deskundigen de grootste in zeker vijftig jaar. De oorzaak is nog onduidelijk. Sommigen spreken van een uit de hand gelopen barbecue, anderen van een weggegooide peuk. Zeker is dat wijnboeren al weken aan de bel trokken over de extreme hitte en droogte, die het gebied al de hele zomer teisteren. „Er is geen water, we staan droog. Maar er wordt veel te weinig gedaan aan preventie en de brandweer heeft te weinig middelen”, zegt Fanou Belvèze, een makelaar uit een naburig dorp, geagiteerd.
Op satellietbeelden is de omvang van de schade zichtbaar. Het getroffen gebied is groter dan Parijs. Het zou gaan om de grootste natuurbrand in zeker vijftig jaar.
Wie Fabrezan uitrijdt, langs de bordjes ‘route barrée’ en via de stenen brug over de smalle rivier de Orbieu, treft aan de andere kant een verbrande wereld. Witte rookpluimen kringelen op uit zwartgeblakerde heuvels, waar bos en wijnbouw en verdroogd grasland elkaar afwisselen. De oude platanen langs de smalle weg zijn wonderwel gespaard, maar staan in witte ashopen. De grond zindert in de brandende zon. Een zurige rookwalm beneemt de adem en prikt in de ogen. Op brandweerwagens na is er nauwelijks verkeer.
Even verderop, in Saint-Laurent-de-la-Cabrerisse, hangt een bedrukte sfeer. De toeristen en inwoners zijn verdwenen. Groepjes brandweerlieden staan voor een kazerne, op het naastgelegen sportveld stijgt een helikopter op. Aan de rand van de zwarte velden, een paar honderd meter verder, staat een huis te smeulen, het dak en de muren ingestort. Hier kwam een 65-jarige bewoonster om het leven in de razendsnel om zich heen grijpende vlammen. Twee Franse journalisten staan met een camera bij het hek.
Catherine Savignol kende de gestorven vrouw alleen van gezicht. Al twee dagen staat de blonde vrouw in een geel hesje het verkeer te regelen tussen gemeentehuis en supermarkt. „Natuurlijk hebben de hulpdiensten haar gevraagd te vertrekken, maar ze weigerde. Ze had niet door hoe dichtbij het vuur al was. Ze is verbrand in de vlammen”, vertelt Savignol. Ze wijst voor verdere informatie op het gemeentehuis achter zich, maar daar wil niemand de pers te woord staan. „We zijn op, en we hebben nu andere dingen aan ons hoofd”, zegt een vermoeid ogende medewerkster.
Woensdag bezocht de Franse premier François Bayrou het kleine dorp van 640 inwoners. Samen met de minister van Binnenlandse Zaken, Bruno Retailleau, kwam hij namens de regering zijn medeleven betuigen met de getroffen inwoners en deed hij beloftes voor een veiligere toekomst. „Wij zullen alles wat er is mobiliseren. En als we kunnen, nog een beetje meer”, sprak Bayrou onder grote media-aandacht. Hij beloofde solidariteit „elke keer dat een deel van de Franse bevolking door een catastrofe van deze omvang wordt getroffen.”
De suggestie van Bayrou, om van de Corbières een „laboratorium” van wederopbouw te maken en toekomstige branden en andere rampen met nieuw beleid te voorkomen, is door inwoners met scepsis ontvangen. „De mensen zijn ten einde raad”, zo verwoordde burgemeester Xavier de Volontat – zelf ook wijnboer – woensdag de algemene stemming. „Zij willen onmiddellijke oplossingen voor hun gewassen, voor hun boerderijen en hun dagelijks leven. We moeten niet over zes maanden ingrijpen, we moeten dat nú doen”, sprak hij dringend.
In het getroffen gebied zijn veel wijngaarden verwoest.
Bij Saint-Laurent-de-la-Cabrerisse werd een vliegtuig ingezet om het vuur te bestrijden.
Donderdag was de brandweer nog druk bezig het vuur te bestrijden in de buurt van Saint-Laurent-de-la-Cabrerisse.
Ook Peggy Degiorgio (52) windt zich op over wereldvreemde bestuurders en stadsbewoners. Haar boerderij ligt een half uur verderop, maar is vanwege de verschroeide aarde lastig te bereiken. Anderhalve dag is ze in de weer geweest om haar zestig paarden, honderdvijftig schapen, zeventien varkens en gezin in veiligheid te brengen voor het oprukkende vuur. Alle journalisten heeft ze weggestuurd, maar telefonisch wil ze haar hart bij NRC wel even luchten. „Journalisten willen horen over onze misère, maar er was juist ontzettend veel solidariteit. Wij boeren mogen vaak op elkaar schelden, in tijd van nood zijn we één grote familie”, vertelt ze hoestend van de rook. De verbinding is slecht. In vijftien dorpen is de elektriciteit uitgevallen en het internet hapert.
Nu haar eigen vee in veiligheid is, helpt ze bevriende boeren met grote schade. Maar hoe graag Peggy ook wil vertellen over de veerkracht onder de boeren in de Aude, van binnen kookt ze van woede. „Ik ben ontzettend kwaad. Op de politiek. Op al die zogenaamde groene politici, de écolos, die niets snappen van ons werk en onze manier van leven. Ze hebben hun mond vol van de relatie tussen mens en natuur, maar ondertussen lobbyen ze voor de grote industrie. Vóór windmolens en elektrische auto’s en almaar meer technologie, maar tégen ons, de boeren”, fulmineert ze aan de telefoon.
Niet alleen de Franse milieu- en landbouwpolitiek met zijn trage bureaucratie en stroperige subsidieregelingen, maakt Degiorgio razend. Ook het onderwijs aan jongere generaties laat wat haar betreft te wensen over. „Iedereen wil barbecueën, maar niemand weet meer hoe je een lucifer moet vasthouden. Ze willen meloenen eten in de winter. Niet alleen de jongeren, maar ook hun docenten. Iedereen zit de hele dag op zijn telefoon, en is gewend om dingen met één klik te regelen. De mensen leven in een virtuele wereld en hebben geen notie van de werkelijkheid.”
In 2014 werd het gebied al eens getroffen door grote overstromingen, toen de Orbieu buiten zijn oevers trad na hevige regenval. Peggy en haar man verloren hun bedrijf. Het echtpaar aarzelde om opnieuw te beginnen maar deed het toch, voor de kinderen. Van verzekeringsgeld of een schadevergoeding was geen sprake en ook nu rekent ze niet op compensatie. „Wij hebben geleerd om op onszelf te bouwen. We zijn veel verloren, maar één ding krijgen we terug voor alle ellende: dat is respect van de bevolking en zichtbaarheid voor de politiek.”
Bij Saint-Laurent-de-la-Cabrerisse werd een vliegtuig ingezet om het vuur te bestrijden.
In de buurt van Saint-Laurent-de-la-Cabrerisse stegen woensdag grote rookwolken op.
Source: NRC