De Amerikaanse importheffingen zitten de Europese automarkt dwars, maar er speelt meer. Zoals de Aziatische concurrentie en de onzekerheid over elektrisch rijden. Sommige fabrikanten maken strategische keuzes die verkeerd uitpakken. Intussen ziet de Koreaanse fabrikant Kia zijn kans.
Bestuurders van autofabrikanten spraken in de afgelopen weken van een uitdagende situatie. Dat blijkt uit hun pijnlijke cijfers. Porsche verkocht wereldwijd 6 procent minder auto's. De winst van Volkswagen daalde in de eerste helft van dit jaar met meer dan een derde naar 4,5 miljard euro. Audi liet eenzelfde verliespercentage zien. Renault leed zelfs een miljardenverlies.
"Het gaat slechter dan verwacht, maar bij niet alle autofabrikanten gaat het even slecht", zegt Erik Slaaf, sectorspecialist mobiliteit bij ING. "Renaults verlies komt bijvoorbeeld door een aanpassing van het belang in Nissan. Zonder die forse afschrijving gaat het, als je onder de motorkap kijkt, best aardig."
"Renault is meer Europees georiënteerd", vervolgt Slaaf. "Veel van die Duitse premiummerken verkochten veel in China, maar Chinezen associëren die merken steeds meer met fossiel aangedreven motoren. Steeds vaker kijken zij naar hun eigen markt voor elektrische auto's."
Toch zijn het roerige tijden voor de Europese autofabrikanten. De vraag in Europa neemt af. Elektrisch rijden komt op, maar daarop overstappen is voor consumenten een dure investering. China zet juist volop in op elektrisch en richt zich steeds meer op de Europese markt.
"De onzekerheid voor Europese fabrikanten bestond al en daar komen de Amerikaanse importheffingen bij", zegt Slaaf. De Verenigde Staten hadden in de eerste helft van het jaar een importheffing van 25 procent ingesteld, wat de auto's daar flink duurder maakte.
Door nieuwe afspraken geldt er voor Europese producten inmiddels een tarief van 15 procent in de VS. Beter, maar nog steeds een heffing.
"De autofabrikanten stonden al de vooravond van belangrijke strategische keuzes en de vraagstukken worden alleen maar groter", zegt Slaaf.
De keuzes die de fabrikanten maken, pakken niet altijd goed uit. "Stellantis is een goed voorbeeld", zegt Marieke Kuijpers, sectormanager Mobiliteit & Logistiek bij Rabobank.
Stellantis produceert niet alleen auto's van Fiat, Opel, Citroën, Peugeot en Alfa Romeo, maar ook van de bekende Amerikaanse merken Dodge, Chrysler en Jeep. Het concern, waarvan het wereldwijde hoofdkantoor in Hoofddorp zit, dook in het eerste half jaar diep in de rode cijfers. Het nettoverlies was 2,3 miljard euro, onder meer door de importheffingen.
"De Amerikaanse merken van Stellantis worden geproduceerd in Canada en Mexico", vertelt Kuijpers. Voor producten uit deze landen gelden nog hoge importtarieven, waardoor de verkoop in de VS afneemt. "Het bedrijf denkt erover de productie naar Amerika te verplaatsen. Dat soort overwegingen zie je veel in de handelsoorlog."
Om de winstgevendheid te verbeteren, koos Stellantis op sommige plekken voor een andere manier van werken. In plaats van dat een dealer auto's van het concern kocht, kreeg de tussenpersoon een commissie voor de verkoop, terwijl Stellantis de eigenaar bleef.
"Na invoer in vier landen is de verdere uitrol van dit project stopgezet", zegt Kuijpers. "Dat heeft veel geld gekost."
Veel Europese autofabrikanten klagen bij de halfjaarcijfers over Chinese concurrentie. De Duitse premiummerken zien de verkoopaantallen in China sterk teruglopen. Renault en Stellantis maken zich juist zorgen over de concurrentie in Europa.
"De vraag is welke concurrentie het zwaarste weegt", zegt Kuijpers. "De concurrentie op de Chinese markt, of de concurrentie van Chinese modellen hier."
"Europese premiumauto's zijn steeds minder een statussymbool in China. Daardoor daalt de verkoop, waarschijnlijk ook omdat er steeds betere auto's van de Chinese markt zelf komen."
De Chinese merken die naar Europa komen, zijn volgens de sectormanager de merken die het in China al goed deden. "In China zijn iets van 150 merken, waarvan 20 naar Nederland komen. BYD is daarvan verreweg het succesvolst."
"In Europa is best een concurrentiestrijd gaande, maar het marktaandeel van Chinese auto's is nog beperkt. Tot en met juni was dat zo'n 4 procent. De verwachting is wel dat dat zal toenemen."
Het valt Kuijpers op dat veel wordt gekeken naar de nieuwe concurrentie uit China, maar dat een belangrijk deel van de concurrentie al veel langer in het Westen aanwezig is. Het Zuid-Koreaanse Kia ziet hoe moeilijk andere autofabrikanten het hebben. Het bedrijf wil de concurrentie verder onder druk zetten met nieuwe, betaalbare modellen.
"Er gaat enorm veel geld zitten in het introduceren van nieuwe modellen en het veroveren van de markt. Maar in Nederland gaat dat uitzonderlijk goed." Kia's marktaandeel in Nederland groeide in de eerste helft van 2025 naar bijna 11 procent - daarmee staat het bovenaan het lijstje van autofabrikanten.
"Vroeger voerden Opel en Volkswagen de lijstjes aan, nu is dat Kia", zegt Kuijpers. "Ze hebben een sterk assortiment, een sterke importeur en een sterk dealernetwerk. Net als veel Aziatische merken is het geen premium, maar levert het wel veel kwaliteit. Europese merken hielden hier vroeger geen rekening mee en daar hebben ze nu last van."
"Kia heeft mooie volledig elektrische auto's en nog hybride modellen ook", zegt Slaaf. "De Chinese merken zijn zich nu ook op hybride aan het richten." Het valt de sectorspecialist ook op dat Volkswagen het in Europa best goed doet met elektrische auto's. "Misschien dat zij in het gat springen dat Tesla achterlaat."
De strijd tussen die merken kan volgens Slaaf goed uitpakken voor consumenten. "Uiteindelijk zul je zien dat als Chinese merken blijven komen met goedkopere auto's, elektrische auto's in het algemeen steeds betaalbaarder worden. Dat is goed voor de beperking van de CO2-uitstoot van het wegverkeer. Maar het is niet goed voor de Europese fabrikanten."
Source: Nu.nl economisch