Home

Komt er nu wél een wereldwijd plasticverdrag? 'Crisis loopt uit de hand'

Na een jarenlang proces hopen landen het volgende week eens te worden over een wereldwijd verdrag om plasticvervuiling aan te pakken. In Genève zijn de onderhandelingen inmiddels losgebarsten om dit groeiende probleem te beteugelen.

Terwijl de wereld steeds meer plastic gebruikt, worden de gevolgen daarvan steeds duidelijker. Niet alleen voor het milieu, dat tot aan de poolregio's toe wordt vervuild met (micro)plastics, maar ook voor onze gezondheid.

Jaarlijks levert plastic al meer dan 1.000 miljard euro aan gezondheidsschade op, schreven wetenschappers deze week in een overzichtsartikel in medisch tijdschrift The Lancet. Dat heeft onder meer te maken met ziekteverwekkende chemicaliën die in plastic worden verwerkt en die wij binnenkrijgen als plastic in contact komt met eten.

Over de exacte chemicaliën die bij de productie van verschillende soorten plastic worden gebruikt, is nog veel onduidelijk. Maar met het bestaande bewijs is het volgens de wetenschappers duidelijk tijd om in te grijpen.

"Deze crisis loopt uit de hand en mensen die leven met de vervuiling zijn woedend", zei Inger Andersen, directeur van het VN-milieuprogramma, op een persconferentie aan het begin van de plastictop. "We weten dat plastics in onze natuur, in onze oceanen en zelfs in onze lichamen zitten." VN-lidstaten riepen in 2022 al op tot een wereldwijd verdrag om dit probleem aan te pakken.

In de 3,5 jaar sinds dat moment is duidelijk geworden dat het invullen van de details van zo'n verdrag nog niet makkelijk is. In Genève vindt de zesde onderhandelingsronde plaats in 'blessuretijd', want eigenlijk had het verdrag er eind vorig jaar al moeten liggen. Maar de economische belangen zijn groot, vooral voor landen die veel olie produceren. Dat is de grondstof waar wereldwijd vrijwel al het plastic van wordt gemaakt.

Door de opkomst van elektrische auto's en andere groene technologieën is de plasticmarkt steeds belangrijker voor oliebedrijven en -staten. De wereldwijde plasticproductie is tussen 2000 en 2019 verdubbeld naar 460 miljoen ton per jaar.

Oliestaten willen er daarom alles aan doen om te voorkomen dat de plasticproductie wordt beperkt. Ambitieuze landen, waaronder Nederland en de Europese Unie, willen nog wel dat de plasticproductie daalt naar een "duurzaam niveau".

Maar volgens Katrin Schneeberger, directeur van het Zwitserse milieuagentschap BAFU, zullen de onderhandelingen niet leiden tot een productieplafond. Dat is een "belangrijke boodschap" aan plastic producerende landen, zei ze op de openingsdag van de top.

Mogelijk kunnen landen het nog wel eens worden over een verbod op bepaalde soorten plastic voor eenmalig gebruik, naar voorbeeld van de EU. Hier zijn onder meer plastic rietjes, vorkjes en wattenstaafjes al verboden. Ook hopen milieugroepen dat het gebruik van schadelijke chemicaliën wordt ingedamd. Verder moet het verdrag eisen stellen aan recycling, afvalverwerking en het opruimen van plastic dat al in het milieu is terechtgekomen.

De onderhandelingen vinden grotendeels achter gesloten deuren plaats, maar na de eerste dag geeft de officiële site al een boeiend inkijkje in de gesprekken. Daar zijn ditmaal alle voorstellen van landen openbaar. Zo blijkt dat Saoedi-Arabië niet alleen tegen vermindering van de plasticproductie is, maar ook probeert teksten over recycling en afvalverwerking te verzwakken.

De EU wil dan weer dat een voorgesteld verbod op het exporteren van plasticafval van rijke landen naar ontwikkelingslanden wordt geschrapt. Afrikaanse landen willen dat er een sterk mechanisme komt om ontwikkelingslanden financieel te steunen bij het nemen van maatregelen om plasticvervuiling tegen te gaan.

Ook is er gesteggel over de manier waarop landen in de toekomst besluiten kunnen nemen onder het plasticverdrag. Oliestaten zorgden er dertig jaar geleden voor dat besluiten op VN-klimaattoppen moeten worden gesteund door álle landen, waardoor zij in feite een veto kunnen uitspreken. Dat heeft de afgelopen decennia herhaaldelijk een rem gezet op het wereldwijde klimaatbeleid.

Saoedi-Arabië probeert dit trucje nu te herhalen bij het plasticverdrag. Tegelijkertijd willen veel andere landen dat het mogelijk wordt om bij gebrek aan unanimiteit te stemmen over beslissingen.

Volgens Esther Kentin, docent aan de Universiteit Leiden en specialist in internationaal milieurecht, is er sprake van een patstelling. "De mogelijkheid dat het weer niet gaat lukken is heel groot", zegt ze over de huidige onderhandelingsronde.

Maar ook als een verdrag buiten bereik blijft, hoeft dat ambitieuze landen er niet van te weerhouden hun eigen maatregelen te treffen, benadrukt Kentin. Zij kunnen onderling afspreken bepaalde chemicaliën en plastic producten te verbieden, of om andere stappen te zetten. "Een verdrag is maar een klein onderdeel van de oplossing."

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next