Home

Gezondheidspsycholoog Andrea Evers ontdekte dat je met je geest weinig kunt als je ernstig ziek bent

Andrea Evers (1967-2025) | psycholoog Andrea Evers heeft belangrijk onderzoek gedaan naar het placebo-effect. Totaal onverwacht is zij afgelopen maandag overleden.

Andrea Evers in 2019, ten tijde van het NRC-zomeravondgesprek.

Het was augustus 2019 en Andrea Evers, hoogleraar gezondheidspsychologie aan de Universiteit Leiden, had net de Stevinpremie gekregen voor haar onderzoek naar het placebo-effect in de geneeskunde en NRC had haar uitgenodigd voor een zomeravondgesprek. De Stevinpremie is met de Spinozapremie de hoogste wetenschappelijke onderscheiding in Nederland. Andrea Evers deed graag mee en het was haar idee om het met de illusionist en (niet-praktiserend) arts Victor Middelkoop te doen, artiestennaam Victor Mids, bekend van het tv-programma en het boek Mindf*ck. In zijn werk, zei ze, ging het net als in haar werk over vertrouwen, over al dan niet bewuste verwachtingen en hoe die te sturen zijn. Ze maakten gebruik van dezelfde psychologische mechanismen, met conditionering als de belangrijkste.

Aan het begin van de avond zei Victor Mids dat hij zich niet lekker voelde. Hij dacht dat hij ziek was. „Ziek?” zei Andrea Evers, terwijl ze naar achteren leunde in haar stoel. „Dan ga ik een beetje afstand houden.” Meteen daarna: „Niet echt, hoor.” Als iemand bij haar in de buurt ziek was, zei ze, of als ze een griepje voelde opkomen, of in de vakantie naar een vieze wc moest, „bah, overal bacteriën”, dan zei ze tegen zichzelf dat ze een heel goed immuunsysteem had. Ze hoefde het alleen maar te mobiliseren. „Grappig”, zei Victor Mids. „Ik doe precies hetzelfde.” Maar of het werkte? Daar was, zei Andrea Evers, geen wetenschappelijk bewijs voor.

Maandag 4 augustus is Andrea Evers tot verbijstering en verdriet van vrienden en collega’s – zie de reacties op de LinkedIn-post van het Instituut Psychologie van de Universiteit Leiden – totaal onverwacht op haar 58ste overleden.

Niets aan de hand

Floris de Lange, hoogleraar waarneming en cognitie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen, zegt aan de telefoon dat hij haar in juni nog heeft gesproken en dat er niets aan de hand leek. „Ze had een team van mensen verzameld om een subsidieaanvraag te doen voor onderzoek naar hoe lichamelijk onverklaarbare klachten ontstaan, op populatieniveau, de mechanismes erachter, hoe je daarop kunt ingrijpen. Ik wist dat ze kanker had gehad, maar dat leek helemaal over te zijn. In september zouden we weer bij elkaar komen.”

Roshan Cools, hoogleraar cognitieve neuropsychiatrie, ook in Nijmegen, zag Andrea in mei nog bij een wetenschappelijke meeting in Brussel. „We gingen ’s avonds samen eten en echt, ze blaakte van gezondheid. Ze zat te wachten op de toekenning van een advanced grant van de European Research Council, heel prestigieus, in juli heeft ze hem gekregen, en ze vertelde dat de kanker die ze gehad had gelukkig voorbij was. Toen ze nog ziek was, werkte ze gewoon door, ook tijdens de chemo. Ze wilde er geen aandacht voor, geen medelijden. De ziekte mocht haar niet overnemen. En nu opeens” – Roshan Cools zucht – „is ze dood, zo onbegrijpelijk, zo angstaanjagend.”

Andrea Evers werd in 1967 geboren in het Sauerland, Duitsland, en in dat zomeravondgesprek vertelde ze hoe mooi ze het daar vond, hoe graag ze er kwam. De bossen, de meren, de Möhnesee. Haar vader was psychiater en zelf had ze getwijfeld tussen geneeskunde en psychologie. „Ik was dertien, veertien jaar en ik dacht: wat is erger, dat je een been kwijt bent of dat je er niet mee kunt omgaan dat je een been kwijt bent. Wat is de essentie van jezelf? Wanneer raak je je identiteit kwijt? Ik dacht: psychologie is nóg belangrijker.”

Pijn of jeuk

Ze studeerde in Bielefeld en in Amsterdam, met een beurs. Wat haar toen ook al enorm interesseerde: hoe het lichaam beïnvloed wordt door de geest. Ze dacht dat de geest belangrijker was, maar toen ze later in een ziekenhuis werkte als medisch psycholoog kwam ze daarvan terug. „Je kunt niets met je geest”, zei ze tegen Victor Mids, „als je een ernstige ziekte hebt. Mensen kunnen zo veel pijn hebben, of jeuk, dat ze suïcide willen plegen. Zodra de pijn weg is, is de geest weer op orde.”

In 2011 werd ze hoogleraar psychologie van somatische aandoeningen in Nijmegen, in 2013 stapte ze over naar Leiden. Ze was vanaf 2019 lid van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen en sinds 1 januari 2024 werkte ze ook voor de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Haar belangrijkste verdienste voor de wetenschap: ze heeft aangetoond dat het effect van een medicijn op het lichaam niet alleen is toe te schrijven aan de werkzame stof, maar ook aan wat de patiënt ervan verwacht. En dat het lichaam door de verwachting dat het een bepaalde werkzame stof krijgt toegediend die stof zelf kan aanmaken. Evers liet ook zien dat de manier waarop artsen met patiënten spraken, de woorden die ze gebruiken, het herstel kon beïnvloeden, positief (placebo) of negatief (nocebo).

Hester Bijl, hoogleraar wiskunde en rector magnificus van de Universiteit Leiden, hoorde half juli dat Andrea Evers toch weer ziek was geworden. „Dezelfde kanker, en wat de eerste keer goed had geholpen, hielp nu helemaal niet meer.” Andrea accepteerde het, zegt ze. „Ze had een goed leven gehad en veel bereikt. Ze droeg haar werk over en afgelopen weekend schreef ze nog mails om te kijken of een deel van die Europese grant behouden kon worden voor haar groep. Ze liet een beachparty organiseren om nog één keer met iedereen samen te zijn en afscheid te nemen.” Die beachparty was maandagmiddag – zonder haar. „Haar zus was bij haar toen ze stierf”, zegt Hester Bijl. „Die heeft de laatste weken voor haar gezorgd.”

Schrijf je in voor de nieuwsbrief NRC Wetenschap

Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin

Source: NRC

Previous

Next