Grensgeschil Thailand en Cambodja maakten donderdag nadere afspraken over een staakt-het-vuren na een maand vol gewelddadige confrontatie. Een structurele oplossing voor hun grensconflict werd niet bereikt.
Militaire waarnemers en diplomaten inspecteerden eind juli een verwoeste grenspost in Cambodja. Een enkele dagen eerder gesloten staakt-het-vuren met buurland Thailand houdt nog altijd stand.
Thailand en Cambodja gaan waarnemers van de regionale samenwerkingsorganisatie ASEAN toelaten in hun grensregio’s. Die moeten toezien op de naleving van een staakt-het-vuren dat beide landen eind juli overeenkwamen na bemiddeling van de Maleisische premier Anwar Ibrahim. Daarmee kwam een einde aan de ernstigste gewelddadigheden in lange tijd tussen Thailand en Cambodja, die al decennia een grensgeschil hebben.
Dat conflict draait onder meer om de zeggenschap over verschillende oude hindoetempels in het grensgebied tussen beide landen. De ongeveer achthonderd kilometer lange grens werd in 1907 vastgesteld door Frankrijk, destijds kolonisator van Cambodja, maar Thailand vocht de demarcatie later aan.
Ook de aanwezigheid van grote casino’s aan de Cambodjaanse kant van de grens lijkt een rol te spelen. Die leveren veel geld op, ook van Thaise gokkers, maar die inkomstenbron kan in gevaar komen nu de Thaise regeringspartij Pheu Thai zich inspant om gokken ook in Thailand te legaliseren.
De casino’s dienen daarnaast vaak als dekmantel voor scamcentra, waar dwangarbeiders worden ingezet om mensen via internet op te lichten, bijvoorbeeld met investeringen in cryptomunten. Thailand staat onder druk die scamcentra aan te pakken. In januari werd een Chinese acteur vanuit Thailand naar Myanmar ontvoerd, waar hij in zo’n scamcentrum werd vastgehouden. Hij werd enkele dagen later bevrijd, maar het belangrijke Chinese toerisme naar Thailand liep door die affaire fors terug.
Het geweld tussen beide landen laaide afgelopen maand op nadat in mei een Cambodjaanse militair om het leven kwam bij een vuurgevecht in het grensgebied tussen beide landen. Door artilleriebeschietingen, landmijnen en aanvallen van Thaise gevechtsvliegtuigen vielen sindsdien enkele tientallen doden. Zo’n driehonderdduizend mensen aan weerszijden van de grens sloegen op de vlucht.
In Thailand maakte de strijd bovendien een politiek slachtoffer: premier Paetongtarn Shinawatra werd geschorst nadat de nog altijd invloedrijke Cambodjaanse voormalige leider Hun Sen een telefoongesprek met haar had laten uitlekken. Daarin distantieerde de premier zich van de Thaise legerleiding, die volgens haar met de oppositie zou samenspannen.
Eind juli kwamen Thailand en Cambodja na bemiddeling door huidig ASEAN-voorzitter Maleisië een staakt-het-vuren overeen, mede onder Amerikaanse druk. De Amerikaanse president Donald Trump had beide landen gewaarschuwd dat hij geen handelsakkoord met ze zou sluiten zolang er gevochten werd. Trump legde Cambodja en Thailand in april importheffingen van respectievelijk 49 en 36 procent op. Enkele dagen na de wapenstilstand verlaagde hij die tot 19 procent.
Thailand en Cambodja overlegden sinds maandag in de Maleisische hoofdstad Kuala Lumpur over de details van het staakt-het-vuren, dat afgezien van enkele incidenten standhield. Een structurele oplossing voor het geschil heeft dat overleg niet opgeleverd. Wel spraken beide landen af de onderlinge communicatie te herstellen, de troepenopbouw aan de grens te staken, en waarnemers van ASEAN toe te laten. Ook planden ze vervolgafspraken, waarvan de eerste over twee weken moet plaatsvinden.
Cambodja had daarnaast aangedrongen op de vrijlating van achttien militairen die Thailand enkele uren voor het staakt-het-vuren gevangen had genomen. Daarover lijken beide landen geen overeenstemming te hebben bereikt. Thailand zegt de militairen als krijgsgevangenen te beschouwen, en ze daarom vast te houden tot de vijandelijkheden definitief zijn beëindigd.
Source: NRC