Noodhulp Na een verzoek van Jordanië besloot het kabinet vorige week om mee te werken aan voedseldroppings, ondanks dat deze volgens hulporganisaties „zeer duur” en „zeer ineffectief” zijn. Vanaf vrijdag zal een Nederlands militair vliegtuig elke dag een vlucht maken boven de Gazastrook.
Een Nederlands militair transportvliegtuig op Vliegbasis Eindhoven. Het toestel van het type C-130 zal gebruikt worden om hulpgoederen boven Gaza te droppen.
Een militair transportvliegtuig vol met parachutes en pallets is woensdagochtend vertrokken vanaf Eindhoven Airport naar Jordanië, waar het wordt bevoorraad. De komende twee weken gaat het vliegtuig elke dag een vlucht maken boven de Gazastrook, om pakketten met voedsel en hulpmiddelen af te leveren.
Na een verzoek van Jordanië besloot het kabinet vorige week mee te werken aan de voedseldroppings, ondanks dat deze „zeer duur” en „zeer ineffectief” zijn. Dat benadrukken niet alleen hulporganisaties, maar ook ambtenaren van het ministerie van Buitenlandse Zaken in een openbaar gemaakte nota.
Omdat Israël sinds maart de grensovergangen heeft gesloten en slechts mondjesmaat humanitaire hulp toelaat, ontvouwt zich een hongersnood in Gaza. De toegang tot voedsel is er „gedaald tot ongekende laagte”, meldde de VN-voedseltoezichthouder IPC vorige week.
Enkele dagen daarvoor kondigde Israël aan dat het, net zoals in het voorjaar van 2024, voedseldroppings zou toestaan. Sindsdien hebben verschillende landen, waaronder Spanje, België, Canada en de Verenigde Arabische Emiraten, onder leiding van Jordanië hulpgoederen gedropt vanuit de lucht.
Vanaf vrijdag doet Nederland ook mee: twee weken lang zal het iedere dag een bundel uit het transportvliegtuig parachuteren met daarin drinkwater, medicijnen en vooral houdbaar voedsel. „Onder andere rijst, pasta, suiker, melkpoeder, olie, tomatenpasta, bonen en sardines”, zegt een woordvoerder van Buitenlandse Zaken.
Het korte antwoord: nee. ‘Airdrops’ „kunnen simpelweg niet op voldoende schaal plaatsvinden om de hongercrisis te verlichten”, schrijven ambtenaren van Buitenlandse Zaken in een openbaar gemaakte nota.
Hulporganisaties zijn zeer kritisch over voedseldroppings. Ze zijn inefficiënt en „minstens honderd keer zo duur als trucks” schreef Philippe Lazzarini, hoofd van het VN-agentschap voor Palestijnse vluchtelingen UNRWA afgelopen vrijdag op X. Maar trucks met hulpgoederen laat Israël bijna niet toe.
Tijdens de eerste dagen van de voedseldroppings lukte het Jordanië en de Verenigde Arabische Emiraten om per dag ongeveer het equivalent van één truck aan hulpmiddelen af te leveren. Nederland is van plan om iedere dag een bundel met zestien pallets van zo’n duizend kilo te droppen, zegt een woordvoerder van het ministerie van Defensie. Ter vergelijking: op een truck passen minstens 22 pallets, volgens de logistieke richtlijnen van UNRWA. Alleen al UNRWA heeft zesduizend trucks aan de grens tussen Egypte en de Gazastrook klaarstaan om hulp te leven, volgens Lazzarini.
Bovendien kennen voedseldroppings grote risico’s voor de bevolking. Maandag overleed een verpleger van het al-Aqsa-ziekenhuis nadat een voedselpakket op hem viel, meldde nieuwszender Al Jazeera. Ook vorig jaar overleden meerdere Gazanen door droppings, doordat een pakket op hen belandde of door het gedrang van de menigte die op de pakketten afstormde.
Een deel van de voedselpakketten die afgelopen week zijn gedropt, belandde in gebied dat Israël als „gevaarlijke gevechtszones” heeft bestempeld, analyseerde de BBC. In die zones lopen burgers het risico om te worden neergeschoten.
Twee weken lang zal iedere dag een bundel uit het transportvliegtuig worden gedropt met daarin drinkwater, medicijnen en vooral houdbaar voedsel.
Thea Hilhorst, hoogleraar humanitaire studies aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, noemt Israëls keuze om voedseldroppings toe te staan een „schijnbeweging” om de grensovergangen niet te hoeven openen. „Op deze manier kan Israël afwenden dat er gepraat wordt over serieuze maatregelen”, zegt Hilhorst. „Zo’n vlucht kost ongeveer 1 miljoen euro per keer. Het is onbegrijpelijk dat dit gebeurt.”
Het kabinet kan volgens Hilhorst beter druk zetten op Israël met „een heel groot sanctiepakket”. Nederland zou ook diplomatieke maatregelen kunnen nemen, door bijvoorbeeld ambassades te sluiten.
Die maatregelen lijkt het Nederlandse kabinet te omzeilen door mee te doen aan de voedseldroppings, zegt Hilhorst. „Het ligt zo voor de hand om het sanctiebeleid flink op te schalen, maar dat doen we niet. We sturen een vliegtuig. Het is een schijnbeweging van twee kanten.”
In een Kamerbrief benadrukken demissionaire ministers Caspar Veldkamp (NSC, Buitenlandse Zaken) en Ruben Brekelmans (VVD, Defensie) dat de voedseldroppings geen vervanging mogen zijn voor hulp over land. Ook besloten ze een extra bijdrage van 4,5 miljoen euro vrij te maken voor het Nederlandse Rode Kruis en een VN-organisatie die ervoor zorgt dat de bevoorrading over land via Jordanië naar de Egyptische grensplaats Rafah gaande blijft.
De Tweede Kamer komt donderdag terug van zomerreces om over de situatie in Gaza te spreken. Concrete aanleiding vormen de maatregelen die minister Veldkamp vorige week aankondigde. Zo heeft Nederland als tweede EU-land – na Slovenië – een inreisverbod afgekondigd voor de extreemrechtse ministers Itamar Ben-Gvir (Nationale Veiligheid) en Bezalel Smotrich (Financiën). Verder is Nederland in Brussel op zoek naar steun voor het opschorten van het handelsdeel van het EU-associatieakkoord met Israël. Met die stap zou het land economisch worden geraakt.
In de Kamer bestaat grote verdeeldheid over de vraag of Nederland nu genoeg doet om het geëscaleerde geweld in Gaza te stoppen. De linkse partijen vinden van niet en eisen onder meer een volledig wapenembargo, inclusief stopzetting van de aankoop van Israëlische wapens. Ook willen zij dat Nederland de Palestijnse staat erkent, een diplomatiek drukmiddel waar Frankrijk en waarschijnlijk ook het Verenigd Koninkrijk voor kiezen. Dit soort stappen bepleiten ook de Commissie van advies inzake volkenrechtelijke vraagstukken (CAVV) en het College voor de Rechten van de Mens de afgelopen dagen in adviezen. „De nood in Gaza is dusdanig hoog dat zwaardere pressiemiddelen niet langer uitgesteld mogen worden”, schreef het College.
Rechtse partijen, inclusief coalitiefracties BBB en VVD, vinden juist dat het kabinet nu te eenzijdig druk op Israël legt. VVD-woordvoerder Eric van der Burg noemde het op X „een belangrijk signaal” dat Arabische landen vorige week opriepen tot ontwapening en het vertrek van Hamas uit Gaza. Dit is iets waar het kabinet ook al langer voor pleit. BBB schreef op de site dat Israël wordt „gedemoniseerd”. „Schurkenstaten en Hamas-aanhangers zien hoe Israël onder druk komt en lachen zich rot. Zij zullen hun anti-Israëlpropaganda nu alleen maar opvoeren. We moeten onze bondgenoot juist sterker maken, niet zwakker.”
Source: NRC