Home

Zwanger en zonder papieren op Curaçao. En dan? Kliniek Salú pu Tur helpt jaarlijks duizenden ongedocumenteerden

Migranten op Curaçao Curaçao vangt zo’n vijftienduizend migranten op zonder verblijfspapieren, na Libanon en Aruba de meeste per hoofd van de bevolking ter wereld. De kliniek Salú pu Tur verleent medische zorg aan deze groep. Begin dit jaar stopte de regering-Trump buitenlandse hulp. „Ineens stond alles op losse schroeven.”

Salú pa Tur biedt cruciale medische ondersteuning aan onverzekerde migranten op Curaçao.

Ja echt, ze eet gezond, zegt de Colombiaanse Jessica zachtjes tegen de Nederlandse arts. Of althans, dat probeert ze: ’s ochtends een broodje, ’s middags rijst met kip, een appel tussendoor en ’s avonds eigenlijk nauwelijks meer. Toch zijn haar bloedsuikerwaardes nog steeds flink te hoog, maar al zóveel lager dan ze waren, dat de arts haar vooral complimenten geeft.

Want dat, weet arts Nathalja Knijnenburg, werkt vaak beter dan te streng zijn. De patiënten die ze ziet in de kliniek Salú pa Tur, dat in het Papiaments ‘gezondheid voor iedereen’ betekent, zijn vaak kwetsbaar. Hier, in landhuis Cas Chikitu aan de oostkant van Willemstad, worden mensen zonder verblijfspapieren gratis door artsen gezien. Het leven is niet makkelijk voor deze groep, die in het dagelijks leven juist probeert onzichtbaar te blijven voor officiële instanties. Op een preek zit niemand hier te wachten.

Foto Gino Da Silva

Maar ook de kliniek zelf is kwetsbaar. Salú pa Tur is afhankelijk van donateurs en ontvangt geld van onder meer Stichting Vluchteling en UNHCR, de vluchtelingenorganisatie van de VN. Toen president Donald Trump bij zijn aantreden begin dit jaar de geldkraan voor buitenlandse hulp dichtdraaide, viel in een klap de financiële steun van de Pan American Development Foundation (PADF) weg, met 35 procent van het totale budget de grootste donateur van de Curaçaose kliniek.

„Dat was schrikken”, zegt Knijnenburg in een van de drie eenvoudig ingerichte spreekkamers. Er liggen witte tegels op de vloer, de airco loeit – het is warm buiten. „Het is al behelpen, met de beperkte middelen die we hebben, maar ineens stond alles op losse schroeven.” Aan de muur hangt nog altijd een poster van de PADF. „Zouden contracten wel verlengd worden? Konden we openblijven?”

Arts Nathalja Knijnenburg werkt in Salú pa Tur. „We zien hier veel ontregelde diabetes maar ook mannen met metaalsplinters in ogen, van het werk in de bouw.” Foto Gino Da Silva

Dat bleek, voorlopig, te kunnen. De Curaçaose regering zegde toe het ontstane financiële gat in 2025 te dichten. Een paar weken later lazen medewerkers van Salú pa Tur op Facebook een bericht van de minister van Financiën Javier Silvania dat de kliniek vanaf volgend jaar wordt opgenomen in de meerjarenbegroting. Na flink wat duimendraaien volgde op 31 juli de bevestiging dat Salú pa Tur de komende drie jaar verzekerd is van 478.000 Curaçaose gulden (zo’n 234.000 euro) per jaar. Wederom bezegeld via een bericht op Facebook, een veelgebruikt communicatiekanaal van de overheid. Hoewel het Nederlandse ministerie van Binnenlandse Zaken vorig jaar een eenmalige subsidie verstrekte, liet staatssecretaris Zsolt Szabó (Binnenlandse Zaken, PVV) in antwoord op Kamervragen dit voorjaar expliciet weten geen extra financiële steun te willen verlenen aan de kliniek.

Jules Pieters, voorzitter van de stichting Salú pa Tur, rekende er weliswaar op dat het goed zou komen, maar slaakte toch een zucht van verlichting bij dat nieuws. „Dit is heel belangrijk voor onze voortzetting”, zegt hij, ernaar verwijzend dat ook UNHCR aankondigde vanaf volgend jaar het budget te halveren. „Wij besparen de overheid ook geld. Door ons werk komen veel mensen niet in het toch al overbelaste Curaçaose zorgsysteem terecht.”

Mannen in de bouw

Ook Jessica (31) heeft niet de juiste papieren om op Curaçao te blijven, daarom wil ze ook niet met haar achternaam in de krant – een foto vindt ze goed. Anderhalf jaar geleden kwam ze, samen met haar man en twee dochters van elf en vijf jaar, uit de Colombiaanse stad Barranquilla naar Curaçao, haar moeder achterna, die al twintig jaar in Willemstad woont. Met name om economische redenen, op zoek naar een beter leven. Haar man werkt bij een lasbedrijf, Jessica maakt schoon. In de weekenden kookt ze in een hotel.

Toen ze aankwam was ze zwanger van de derde, vertelt Jessica, een lange dunne vlecht losjes over haar schouder. Salú pa Tur kende ze nog niet en ze kwam terecht bij een particuliere kliniek met marktconforme prijzen. Daar, denkt ze nu, werd haar diabetes niet goed gecontroleerd. Haar baby kwam levenloos ter wereld. Onbehandelde zwangerschapsdiabetes kan grote risico’s met zich meebrengen voor moeder en kind.

De Colombiaanse Jessica woont met haar man en twee dochters op het eiland. Foto Gino Da Silva

Op Curaçao verblijven naar schatting vijftienduizend mensen zonder geldige verblijfspapieren – waarschijnlijk ligt het echte aantal hoger. Daarmee vangt Curaçao volgens UNHCR na Libanon en Aruba de meeste migranten op per hoofd van de bevolking ter wereld. Ze hebben geen recht op sociale voorzieningen en kunnen geen zorgverzekering afsluiten, waardoor ze vaak verstoken blijven van noodzakelijke gezondheidszorg. De mannen werken veelal in de bouw, de vrouwen maken vaak schoon. Velen werken onder slechte of uitbuitende omstandigheden, vrouwen soms ook in de, al dan niet gedwongen, prostitutie.

Venezolanen vormen de grootste groep, vooral tussen 2015 en 2019 ontvluchtten tienduizenden hun land, vanwege de ijzeren greep van president Nicolás Maduro en de economische en humanitaire crisis waarin het land verkeert. Curaçao ligt op slechts 65 kilometer van de Venezolaanse kust, Aruba zelfs op maar 24 kilometer. Curaçao heeft het VN-Vluchtelingenverdrag niet geratificeerd. Dat betekent dat het eiland niet is gebonden aan de bepalingen die daarin zijn opgenomen, zoals dat vluchtelingen een beroep kunnen doen op de asielprocedure en bescherming kunnen afdwingen, en dat een vluchteling niet mag worden teruggestuurd naar het land waar zij of hij niet in vrijheid kan leven.

Alarm Amnesty

Curaçao is een autonoom land binnen het Koninkrijk der Nederlanden, maar is voor een aantal taken afhankelijk van Nederland, zoals op het gebied van buitenlandse zaken en defensie. Nederland heeft het Vluchtelingenverdrag wel ondertekend en geratificeerd, maar er is nooit een territoriale uitbreiding gekomen voor Curaçao en zowel op het eiland als in Nederland bestaat politieke terughoudendheid om dat te doen.

Amnesty International sloeg alarm over de manier waarop Curaçao Venezolanen behandelt en constateerde in 2021 en 2023 dat mensen op oneigenlijke gronden werden vastgezet en uitgezet – afgelopen vrijdag 1 augustus oordeelde het Hof van Justitie op Curaçao dat dit gangbare detentiebeleid onrechtmatig is. Dat leidde al jaren tot schrijnende situaties en in 2019 besloot de Nederlandse arts Elisa Janszen Salú pa Tur op te richten. Om juist voor deze, kwetsbare groep basiszorg toegankelijk te maken. Er werken veelal Nederlandse artsen; de directeur, doktersassistenten, verpleegkundigen en tolken komen van het eiland.

Zes jaar later staan ruim achtduizend patiënten ingeschreven, wekelijks melden zich nieuwe mensen aan. De kliniek heeft meerdere artsen, een verloskundige en een psycholoog in dienst. Er is een eigen echo-apparaat, vooral voor zwangerschappen, en een bus, waarmee een verpleegkundige de wijken ingaat, naar mensen die zelf moeilijk naar de kliniek kunnen komen.

„We zien hier veel ontregelde diabetes en, vaak als gevolg daarvan, relatief veel nierpatiënten. Veel mensen met een hoge bloeddruk en hechtwonden of metaalsplinters in ogen, die met name mannen oplopen bij het werken in de bouw”, zegt arts Knijnenburg. „En veel vrouwen, rondom zwangerschap, bevalling en alles wat daarmee samenhangt.”

Bij Salú pa Tur gaat de zorg die huisartsen leveren verder dan alleen het fysieke. „Deze populatie leeft vaak in de marge, mensen hebben veel meegemaakt, er zit veel spanning en trauma”, zegt Knijnenburg. „We hebben psychologen, maar verlenen zelf ook psychosociale hulp. Wij zijn soms de enigen die naar deze mensen omzien.”

Oogaandoening

Als ze naar haar telefoonscherm kijkt, gaan de letters dansen, zegt de Venezolaanse Jacqueline, nadat ze tegenover huisarts Esther van de Scheur-Oosting is gaan zitten. En als ze stress heeft, wordt haar oog rood. Haar rechterbeen trilt onophoudelijk, ze kijkt naar de tolk, die vertaalt vanuit het Spaans. Van de Scheur-Oosting pakt een oftalmoscoop en kijkt. „Dit kan ik niet behandelen”, zegt ze.

Jacqueline, die niet herkenbaar wil zijn vanwege haar verblijfsstatus, heeft pterygium, oordeelt de arts, een aandoening waarbij een stukje bindvlies langzaam over het hoornvlies groeit, wat het zicht belemmert. Behandeling kan alleen in het ziekenhuis, maar Van de Scheur-Oosting zal contact opnemen met een bevriende oogarts, belooft ze. Bij Salú pa Tur hebben ze een uitgebreid netwerk van specialisten op het eiland, vertelt ze later, waardoor ze ook tweedelijnszorg voor patiënten soms sneller en goedkoper kunnen regelen.

Foto Gino Da Silva

Veel ongedocumenteerden hebben geen geld voor medische zorg. Ze werken als dagloner, zonder contract en ziek zijn betekent geen inkomsten. „Wij kunnen mensen ook maar tot op zekere hoogte helpen, dat vind ik echt moeilijk aan dit werk”, zegt Van de Scheur-Oosting. „Onlangs kwam hier een man met een vergevorderde longontsteking. Hij kon echt niet werken. Hij raakte zijn huis kwijt, vroeg mij om geld, of hij als poolman mijn zwembad zou kunnen onderhouden. Dat doen we niet, maar het knaagt soms wel.”

Vaker gaan mensen tevreden naar huis. Zoals de Venezolaanse Rusmelly (29). Ze komt ter controle, na de geboorte van haar jongste dochter Aurora, vijf dagen geleden. De placenta lag aan de voorzijde, ze verloor veel bloed en kreeg een keizersnede. Met hulp van Salú pa Tur kon ze een betalingsregeling afsluiten met het ziekenhuis. „Anders had ik het niet gered”, zegt ze. Het meisje in haar schoot slaapt onverstoorbaar door.

Source: NRC

Previous

Next