Home

Tachtig jaar na Hiroshima en Nagasaki verschijnen barsten in het Japanse kernwapentaboe

Kernwapens Bij de herdenking van de atoombom op Hiroshima, nu tachtig jaar geleden, riepen hoogwaardigheidsbekleders, overlevenden en nabestaanden op tot een wereld zonder atoomwapens. Maar het taboe brokkelt ook in Japan langzaam af.

Een plengoffer symboliseerde woensdag bij de herdenking in Hiroshima de eerste slokjes water die overlevenden van de atoombom na het bombardement kregen.

De twee kernbommen die Amerikaanse vliegtuigen op 6 en 9 augustus 1945 afwierpen boven de steden Hiroshima en Nagasaki, maakten naar schatting ruim tweehonderdduizend directe slachtoffers. In de decennia daarna kwamen nog eens tienduizenden mensen om door blootstelling aan radioactiviteit. Het heeft ervoor gezorgd dat op nucleaire bewapening in Japan, meer nog dan elders in de wereld, een groot taboe rust.

„Japan voert de inspanningen van de internationale gemeenschap aan om een wereld zonder kernwapens tot stand te brengen”, zei premier Shigeru Ishiba woensdag bij de herdenking in Hiroshima. „Dat is Japans missie als het enige land dat de verschrikkingen van nucleaire vernietiging heeft ervaren.” Maar elders in het land valt langzaam maar zeker een tegengeluid te beluisteren.

Een grote rol is daarbij weggelegd voor Sanseito, een radicaal-rechtse partij die bij de verkiezingen vorige maand sterk groeide: van slechts één naar veertien zetels in het Japanse Hogerhuis. Een van de populairste kandidaten, de 43-jarige Saya die alleen met haar voornaam campagne voerde, veroorzaakte grote ophef toen ze voor de stembusgang stelde dat Japan „misschien toch eens moet nadenken” over kernwapens. Die zouden „een goedkope en effectieve manier” zijn om de nationale veiligheid te verzekeren.

Er volgde een storm aan kritiek. Terumi Tanaka, overlevende van de bom op Nagasaki en vertegenwoordiger van Nihon Hidankyo, de organisatie die vorig jaar nog de Nobelprijs voor de Vrede ontving , sprak van „schaamteloosheid” en noemde de suggestie onacceptabel. Ook andere antikernwapenorganisaties reageerden woest.

Toch kreeg Saya steun uit haar partij. Partijleider Sohei Kamiya benadrukte dat „de discussie niet geschuwd mag worden” en dat kernwapens bespreekbaar moeten zijn in een vijandige wereldorde. Saya werd uiteindelijk met 668.568 voorkeursstemmen verkozen in de Japanse Senaat.

De Japanse premier Shigeru Ishiba riep tijdens de plechtigheid op tot nucleaire ontwapening. Foto Kim Kyung-Hoon/Reuters

Rusland en Noord-Korea

Volgens onderzoekers van Waseda Universiteit in Tokio is het Japanse kernwapentaboe minder absoluut dan vaak wordt gedacht. Hoewel Japanners nog altijd massaal tegen kernwapens zijn, blijken ze onder bepaalde omstandigheden opvallend tolerant tegenover het gebruik ervan. Bijvoorbeeld wanneer de wapens afkomstig zijn van bondgenoot de Verenigde Staten en gericht zijn tegen een bedreiging als Noord-Korea.

De Japanse publieke opinie schuift dus op. Het verzet tegen kernbewapening is nog steeds groot, maar niet onbreekbaar. De steun voor Amerikaanse nucleaire bescherming neemt toe. En waar ooit het uitspreken van een kernwapenoptie politieke zelfmoord betekende, is het nu onderwerp van serieus debat in partijprogramma’s.

Japan is daarin niet uniek. Wereldwijd brokkelt de kernwapenorde af. Internationale akkoorden liggen onder vuur, de non-proliferatieverdragen verkeren in crisis en de internationale norm van non-gebruik, het ‘nucleaire taboe’, vertoont scheuren.

Rusland ontwikkelt nieuwe wapentypes en uit steeds vaker dreigementen over de inzet van kernwapens. Noord-Korea laat zich door internationale sancties niet weerhouden van een grootscheeps nucleair programma en regelmatige rakettesten. China werkt hard aan de uitbreiding van zijn kernarsenaal, en ook de VS investeren fors in modernisering. Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk zoeken intussen nauwere samenwerking om met hun kernwapens Europa te beschermen.

Volgens deskundigen winnen kernwapens opnieuw aan legitimiteit binnen nationale veiligheidsstrategieën. Niet omdat er moreel anders over wordt gedacht, maar omdat het verdedigbaar wordt gevonden in een wereld die almaar onveiliger schijnt te worden.

Elders in Hiroshima demonstreerden Japanners tegen de Amerikaanse president Trump, die in juni zijn aanval op Iran vergeleek met de atoombommen op Japan, die volgens hem de oorlog hadden beëindigd. Foto Kim Kyung-Hoon/Reuters

Nationale identiteit

Japan staat daarin op een kruispunt. Aan de ene kant is er het diepe besef, en de fysieke littekens, van wat kernwapens kunnen aanrichten. Nog altijd zijn een kleine honderdduizend hibakusha in leven, overlevenden van de bombardementen die uit eigen ervaring kunnen getuigen van de verschrikkingen van kernoorlog. Het lijden van de slachtoffers is geworteld in de nationale identiteit, een verplicht onderdeel op school, en daardoor onderdeel van de collectieve herinnering.

Anderzijds groeit in Japan de onzekerheid over de nationale veiligheid. Veel Japanners voelen zich bedreigd door nabije buren China, Rusland en Noord-Korea, terwijl het vertrouwen in diplomatieke oplossingen vlug afneemt.

De opmars van Sanseito is illustratief voor deze verschuiving. De partij pleit officieel nog altijd voor een kernwapenvrije wereld, maar stelt tegelijk dat „afschrikking noodzakelijk is zolang de realiteit onveilig blijft”. Het is een redenering die ook in Japan steeds minder omstreden is.

Source: NRC

Previous

Next