Eén ding moet je de dierentuin in het Deense Aalborg nageven: hun timing is uitstekend. Net nu de zomervakantie begint komen ze met de oproep om huisdieren te doneren als roofdiersnacks – vooral de lynx lust wel een cavia of dwergkonijn. Geen kind dat erover peinst om Huppeltje of King Kong weg te geven, maar ouders die tevergeefs zoeken naar wéér een dierenoppas komen vast in de verleiding. Een zomerversie van kersthit Flappie ligt op de loer:
Het was augustus 2025 ik weet het nog zo goed /Mijn konijnenhok was leeg / En moeder zei dat ze zo naar de zoo zou fietsen / En dat ze dan zou toezien hoe de leeuw wat lekkers kreeg.
Ik lees het Deense nieuws op het voetveer over het Spaarne, onderweg naar Buurttuin Schalkwijk. Ooit werd het gras er platgelopen door amateurvoetballers van VV Young Boys, totdat de vereniging in 2011 in opspraak kwam: die zou een dekmantel zijn geweest voor een criminele organisatie en in de kantine werd illegaal gegokt. Einde club.
Maar in 2019 toverden buurtbewoners met toestemming van de gemeente Haarlem de voetbalvelden om tot natuurparadijs. Kicksen maakten plaats voor rubberlaarzen, doelpalen voor spades. Langzamerhand ontstond een natuurlijke lappendeken, onder beheer van stichting Vrij Waterland. „De buurttuin is nu schooltuin, pluktuin, wereldtuin en moestuin in één”, vertelt betrokken buurtbewoner en bioloog Michiel Boeken, omringd door klaprozen en wilde cichorei. Basisschoolleerlingen schoffelen zij aan zij met nieuwkomers in de wijk. „Mensen van alle leeftijden en culturele achtergronden zijn welkom.” Nog wel, want zodra het huidige contract in 2027 afloopt zullen de zonnebloemen en courgettes het veld moeten ruimen voor asfalt en zand. De gemeente wil een grootschalig sportpark realiseren, zegt Boeken. „Op de plek van de buurttuin komen dan parkeerplaatsen en beachvolleybalvelden.” Dat er op een steenworp afstand al beachvolleybalvelden liggen en dat het nog geen half uur fietsen is naar het Zandvoortse strand is kennelijk niet genoeg.
Eeuwig zonde, vindt Boeken, voor de buurt én de natuur. Want minstens zo groot als de sociale diversiteit is de biodiversiteit: samen met de Leidse Taxon Foundation organiseerde Vrij Waterland de afgelopen jaren drie telweekenden waarbij omwonenden en experts samen naar soorten zochten. Het resultaat: ruim 800 verschillende diersoorten, waaronder ruim 100 vlinders, bijna 300 kevers en 60 spinnen. Eén soort was zelfs nog nooit in Nederland gezien: het kortschildkevertje Edaphus lederi. „Dat troffen we aan in de composthoop.” De buurttuin als mini-dierentuin, maar dan zonder caviadonaties – kom daar in Aalborg maar eens om.
Te vaak wordt natuur door gemeenten gezien als tussenstation, zegt Boeken. „Leuk voor even, tot ze aan het echte project beginnen. Biodiversiteit hoort een doel op zich te zijn.” Bovendien: tuinieren en lichaamsbeweging sluiten elkaar niet uit. „Goed schoffelen is topsport.”
Zijn enige hoop is nog dat het geld voor het sportpark op is tegen de tijd dat ze bij de buurttuin zijn aangeland. Anders eindigt het onherroepelijk zoals in de Joni Mitchell-song Big Yellow Taxi: „They paved paradise and put up a parking lot.”
Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin
Source: NRC