Home

Adviescommissie maant kabinet: bij dreigende genocide is Nederland verplicht te handelen

Het Genocideverdrag en volkenrechtelijke uitspraken zijn helder over de inspanningsverplichting van verdragsstaten om genocide te voorkomen. Dat inzicht is niet nieuw, maar om ‘politieke en maatschappelijke verwarring’ erover te bestrijden brengt de Commissie van advies inzake volkenrechtelijke vraagstukken (CAVV) het opnieuw onder de aandacht.

In een advies erover schetst de CAVV, een onafhankelijk juridisch adviesorgaan van de regering, de reikwijdte van die inspanningsverplichting - en reikt een catalogus aan van diplomatieke, politieke en economische maatregelen die de regering in voorkomende gevallen kan nemen. Hoewel het advies niet over een specifiek geval van mogelijke of dreigende genocide gaat, is het duidelijk dat het is bedoeld als richtsnoer voor de Nederlandse opstelling inzake Israëls optreden in Gaza.

Het rapport bevestigt gedetailleerd en met verwijzing naar de tekst van het Genocideverdrag en eerdere uitspraken van het Internationaal Gerechtshof en het Joegoslaviëtribunaal, wat twee volkenrechtdeskundigen eind mei ook al verkondigden tegen de vaste commissie voor buitenlandse zaken van de Tweede Kamer: elk land dat het Genocideverdrag heeft geratificeerd, moet zich inspannen om, als zo’n dreiging bestaat, genocide te voorkomen - en die verplichting is nog groter als er hechte banden zijn met de staat die zich hieraan schuldig dreigt te maken.

Pikant

Pikant aan het advies is de politieke achtergrond waarbinnen het tot stand kwam: al in april adviseerde de juridische afdeling van het ministerie van Buitenlandse Zaken aan minister Caspar Veldkamp (NSC) een dergelijk advies te vragen aan de CAVV. De adviescommissie ‘heeft deze aanvraag niet van de minister ontvangen’, staat er droogjes in de inleiding van het advies, maar was zelf al van plan een dergelijk stuk op te stellen.

Elke verdragsstaat ‘is verplicht om te handelen, ook als hij niet de capaciteit heeft om, alleen handelend, een genocide te voorkomen’, stelt de CAVV. Tegelijkertijd is die inspanningsverplichting ‘afhankelijk van diens mogelijkheden invloed uit te oefenen op de personen die genocide plegen of dreigen te plegen. Hij (de derde staat, red.) is verplicht alle maatregelen te nemen die hij redelijkerwijs ter beschikking heeft om genocide te voorkomen. Dat zal per staat en per geval verschillen.’

Mogelijk genocide

De CAVV benadrukt - zonder expliciet de historisch goede banden tussen Nederland en Israël te benoemen - dat als een relatie van een derde staat met het land dat mogelijk genocide pleegt ‘goed’ is, ‘een maatregel ter voorkoming van genocide meer gewicht in de schaal zal leggen en daarmee effectiever zal zijn’.

De juridische adviescommissie komt met een lange opsomming van maatregelen die een land kán nemen. Behalve diplomatieke maatregelen (onder andere ‘naming-and-shaming’, démarches, terugroepen van de ambassadeur), somt de CAVV ook maatregelen op die ‘onaangenaam maar niet onrechtmatig’ zijn: het invoeren of verscherpen van visumvereisten, het intrekken van overvliegrechten, het niet toekennen van overheidscontracten, inreisbeperkingen, wapenembargo’s, het ontmoedigen van investeringen, of het opschorten van een verdrag’. Tot slot zijn ook tegenmaatregelen mogelijk die op zich onrechtmatig zijn, maar onder omstandigheden van een ernstig risico op genocide niet: het niet naleven van verdragsverplichtingen of de bevriezing van activa.

Inspanningsverplichting

De commissie spreekt zich ook uit over de aansprakelijkheid van derde staten als zij hun inspanningsverplichting onvoldoende nakomen. Zij herinnert eraan dat het Internationaal Gerechtshof (IGH) heeft overwogen dat het schenden van de verplichting tot voorkomen van genocide niet hetzelfde is als medeplichtigheid. ‘Medeplichtigheid aan genocide vereist volgens het IGH een actieve handeling, terwijl een verzuim om te voorkomen een nalaten betreft.’

Maar een verdragsstaat kan wel degelijk aansprakelijk zijn, zegt de CAVV op grond van een uitspraak van het Internationaal Gerechtshof uit 2007, indien hij ‘duidelijk heeft gefaald alle maatregelen binnen zijn macht te nemen die zouden hebben kunnen bijdragen aan het voorkomen van genocide’. Tot slot adviseert de CAVV dat verdragsstaten ‘zich in vergelijkbare situaties op consistente wijze uitspreken en maatregelen nemen in geval van een ernstig risico op genocide’.

Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Al onze podcasts vind je op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Lees hier alle artikelen over dit thema

Source: Volkskrant

Previous

Next