Home

‘Als je maar gelukkig wordt’, dat is een onmogelijk hoge eis aan kinderen

schrijft voor de Volkskrant over literatuur, non-fictie en onderwijs.

Afgelopen zondag, in een vrolijke reportage over de Canal Parade, kwamen een moeder en een volwassen zoon aan het woord, beiden van kleur. Hij vertelde over discriminatie en bedreiging die hij had ervaren, en dat die moesten stoppen. De moeder onderschreef dat en vertelde hoe ze in de opvoeding had benadrukt dat je mag zijn wie je bent. ‘Als ze maar gelukkig worden’, besloot ze haar verhaal.

Dat laatste vond ik nou weer jammer. Je gunt iedereen zo’n liefdevolle moeder, en ze bedoelde het ruimhartig, maar gelukkig worden is een onmogelijk hoge eis om aan je kind te stellen. Je kunt er eigenlijk niet eens je best voor doen, het moet je overkomen. Of nee, geluk moet je ‘afdwingen’, hoor je vaak. Maar hoe doe je dat in godsnaam?

‘Je zet helemaal geen druk hoor’, is een cynisch commentaar dat ik vaak heb gehoord uit de mond van pubers en jongvolwassenen, ook van mijn eigen kinderen. Ik had dat ook graag tegen míjn ouders durven zeggen. Ouders, ook aardige, ruimdenkende en empathische types, leggen kinderen hoge en stereotiepe verwachtingen op, zij het vaak onbewust. Kinderen weten dat het de bedoeling is dat ze een opleiding afronden, een leuke partner vinden en een goede baan; liefst zijn ze ook nog sportief en sociaal. Het gelukkige profiel, waar niet iedereen in past of talent voor heeft.

Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.

Het is fijn dat de meeste ouders hun kinderen tegenwoordig niet meer een seksuele voorkeur, geloof of beroepskeuze opdringen. Maar de druk om aan het ideaalbeeld van ouders te voldoen blijft. Diploma’s kun je halen, je kunt je best doen op je werk, de liefde alle kans geven en je medemens helpen. Toch word je daar niet vanzelf gelukkig van. Weten dat jouw geluk hun hoogste doel is maakt de teleurstelling erger. De parade van uitzinnig gelukkige, mooie en geslaagde mensen die op de sociale media voorbijkomt, zal niet meehelpen.

Onbekommerd gelukkig zijn grenst bijna aan onbenul. Zomergast Simon Kuper, een schrijver met een koel analyserende blik en een warm hart, noemde afgelopen zondag bondig de vier huidige ‘apocalyptische’ dreigingen waarmee we moeten zien te leven: een verwoestende kernoorlog, een fataal virus, AI die de boel overneemt en de klimaatcrisis.

Ook jongeren zijn bezorgd over de toestand in de wereld, blijkt uit de laatste versie van een kwartaalonderzoek dat de RIVM sinds corona uitvoert onder jongeren van 12 tot 25 jaar. Het RIVM ziet weliswaar een lichte stijging in mentaal welbevinden – de grote gevolgen van de corona-lockdown zwakken af – maar tegelijk is er minder vertrouwen in de toekomst. Steeds meer jongeren maken zich zorgen over oorlog (61 procent) en de wereldpolitiek (54 procent); jongeren gaan 19 procent vaker met angstklachten naar de dokter dan in 2019. In maart 2025 voelde 43 procent van de jongeren zich eenzaam.

Vaak steek ik in een Zuid-Europese kerk een kaarsje op voor de mijnen – van een gelovige jeugd rest vaak bijgeloof en de kinderlijke behoefte aan steun. Altijd bij Maria, die bij fouten en misdragingen over haar grote hart strijkt, en altijd vraag ik om iets concreets, nooit geluk.

Geluk is een genade, die je zomaar kan overkomen, als een weldadige windvlaag. Geluk is een bijproduct, geen stabiele toestand. Het zijn andere mensen die gelukkig maken, plotselinge schoonheid, of dat iets moeilijks ineens lukt. Geluk is misschien de zeldzame afwezigheid van angst en dreiging, totdat de ratio het roer weer overneemt. Dat je kinderen zich staande houden in de wereld, is al geweldig.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next