Home

Was Daddy Lumba een Michael Jackson op Ghanese schaal? Nee, zelfs dan doe ik hem tekort

Ghana is een vreedzame, maar af en toe ook een verdeelde natie. De twee grote politieke partijen verdelen het volk – vóór, tijdens en lang na de vierjaarlijkse verkiezingen. Door de koloniaal getrokken grenzen bestaat dat volk uit vele volkeren met vele talen, met het koloniale Engels als ‘neutrale’, officiële taal. Dan is er nog het voetbal: het is alweer 43 jaar geleden dat Ghana’s Black Stars een groot toernooi wonnen. De ene generatie kent die ultieme verbroedering, de andere enkel de verhalen. Zo verdelen zelfs de successen de natie.

Tot 26 juli 2025 was er één figuur die bijna elke verdeeldheid oversteeg: Daddy Lumba, dé icoon van de swingende Ghanese highlife-muziek. Met 33 albums in vier decennia gaf hij zijn volk meer dan het ooit had durven vragen. Er is geen Nederlandse artiest met wie ik hem zou willen vergelijken. Was hij voor Ghana wat Lieve Hugo voor Suriname was? Een Michael Jackson op Ghanese schaal? Nee, zelfs dan doe ik Daddy Lumba tekort.

In de jaren tachtig trok Lumba als twintiger van Ghana naar Duitsland. Met een plaat over akwantuom – een bestaan opbouwen in den vreemde – brak hij in 1989 door als muzikant. Hij bezong de ontberingen van het migrantenleven, maar bovenal maakte hij dat leven lichter voor velen. Ongedocumenteerd, onderbetaald of in hoge onderhuur: Lumba herinnerde de diaspora eraan dat Ghanees-zijn een vreugdevolle identiteit was. Thuis lekker Bubra opzetten na een dag andermans huizen schoonmaken; overurenlang zwoegen en dan tot in de late uurtjes dansen op Aben Wo Ha.

Deze nummers roepen herinneringen op aan feestjes waar ik met mijn ouders naartoe ging. Bijlmerflats, torenspeakers, zwarte leren banken. En natuurlijk: ‘Géén jollofrijst op je nieuwe kleren morsen!’ Maar de volwassenen letten toch niet echt op, helemaal opgaand in de soms weinig kindvriendelijke Lumba-teksten – waar jij als kind dan weer niet echt op lette. Ook niet als alles nog eens werd afgespeeld in de snorder op weg naar huis.

Na Lumba’s overlijdensbericht kijken mijn broertjes en ik bij onze ouders naar zijn oude videoclips. Van gospel en liefdesliedjes tot slaapkamermuziek met heupwiegende vrouwen in korte rokjes. Ik ben gewend dat zulke promiscue, losbandige beelden afkeur oproepen bij de vaak kerkelijke generatie van mijn ouders. Maar nu? Gniffelende nostalgie, begripvol glimlachen om de jeugdige uitspattingen van de eigen generatie. Zo van: ‘Wij waren ook maar nieuw in Europa en jong in het leven.’

26 juli 2025: Ghanezen wereldwijd waren meer met elkaar verbonden dan na de pijnlijke uitschakeling van de Black Stars op het WK van 2010. Voor ons diasporakids onderstreept het nieuwste, gedeelde verlies dat de generatie van onze ouders langzaam opstijgt. Maar waar Daddy Lumba klinkt, leeft hun nalatenschap voort. Onze bruiloften, woonkamers en auto’s worden alledaagse museumruimtes van onze vreugdevolle (migratie)achtergrond.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant columns

Previous

Next