Nederland geeft weinig uit aan wegen en dat verergert de woningnood. Wegen zijn nodig om huizen te bereiken, maar helaas zitten regels en geldgebrek in de weg, vertellen experts. "Het resultaat is dat het op sommige plekken niet lukt woningen te bouwen."
"Als er geen weg ligt, heb je niets aan een woning", zegt Herman Reinten, algemeen directeur van wegenbouwer ReintenInfra. Hij verbaast zich over hoe het gesprek in Nederland gaat.
"Ik denk dat het zorgelijke is dat we in Nederland praten over bereikbaarheid, maar er geen geld voor overhebben. Terwijl iedereen het erover eens is dat de infrastructuur toe is aan grootschalige vervanging."
Ook gemeenten maken zich zorgen. VVD-wethouder Jan van Burgsteden van Meierijstad noemt de verborgen gebreken aan bruggen "een sluipmoordenaar". Volgens hem zie je dat probleem pas als het te laat is. Gemeenten stellen vanwege geldgebrek het onderhoud van bruggen, viaducten, sluizen en andere zogeheten civiele kunstwerken geregeld uit.
Nieuwbouw heeft ook goede infrastructuur nodig. Daarom roepen zeven grote partijen uit de woningbouw de overheid op te investeren. Dat kan gaan om fietspaden, openbaar vervoer, kleine N-wegen of de verbreding van snelwegen.
"Woningbouw op schaal is alleen mogelijk als nieuwe gebieden goed bereikbaar zijn", schreven de grote bouwers vorige week. Zij richtten zich tot demissionair minister Mona Keijzer (Volkshuisvesting), die probeert de ambitie van 100.000 nieuwe woningen per jaar waar te maken.
Maar dat gaat niet makkelijk. Bouwers moeten nog meer obstakels overwinnen, zoals de stikstofregels, een trage vergunningverlening, lange bezwaarprocedures en een complex web aan regelgeving. Dit speelt overal in de bouw, dus ook in de infrastructuur. Daarom vragen de bouwers het kabinet niet alleen om investeringen, maar ook om duidelijkheid.
Wegenbouwer Reinten herkent hoe moeilijk het is geworden om aan alle regels te voldoen. "Niet alleen als het gaat om infrastructuur voor nieuwe wijken, maar ook voor het bestaande netwerk. We merken daarbij heel vaak dat het lastig is om alle stempeltjes te krijgen." Reinten noemt het "onbewust tegenwerken".
In Nederland leggen we graag dingen vast in regels, merkt Wijnand Veeneman, hoogleraar Governance van infrastructuur en mobiliteit aan de TU Delft. "Die regels beperken juist de bewegingsruimte. Je zou willen dat de politiek slimmer met die regels omging, bijvoorbeeld door de vergunningsverlening te versnellen of de stikstofregelgeving anders in te regelen."
Lastige regelgeving kan bijvoorbeeld gaan over normen voor parkeren, geluidsoverlast en uitstoot. Nu zijn er verschillende CO2-uitstootnormen op verschillende plekken, wat de planning voor bouwers complexer maakt. En gemeenten komen soms zelf met aanvullende eisen.
"De regels klonken heel logisch toen ze los van elkaar werden gemaakt", zegt Veeneman. "Maar ze tellen op tot een geheel waardoor we niet meer vooruit komen. Het resultaat is dat het op sommige plekken niet lukt om woningen te bouwen."
Duidelijk kabinetsbeleid laat op zich wachten, oproepen als die van de bouwers blijven komen en intussen veroudert de infrastructuur.
"Infrastructuur kun je gemakkelijk een tijd negeren", zegt hoogleraar Veeneman. "Afgezien van de ingestorte bruggen in Dresden en Genua is het de laatste jaren niet echt fout gegaan. Zeker niet in Nederland."
Vanwege financiƫle problemen stellen gemeenten het onderhoud vaak uit. Als er te weinig geld is, is het makkelijk om het onderhoud aan infrastructuur een paar jaar op te schuiven. Maar veel bruggen, viaducten en sluizen zijn in de jaren zestig en zeventig gebouwd en naderen het einde van hun levensduur.
Ook het spoor kampt met bezuinigingen. ProRail drong onlangs bij de overheid aan om daarmee te stoppen. Anders ontstaan volgens de spoorbeheerder Duitse toestanden met een sterk verouderd railnetwerk en veel vertragingen. ProRail zegt inmiddels bezuinigd te hebben wat er te bezuinigen valt.
"Meer kun je niet van een bedrijf vragen", zei ProRails CFO Mirjam van Velthuizen. "Anders betaalt Nederland later de rekening."
Waar zou het geld voor de infrastructuur dan vandaan moeten komen? Nederland heeft de lasten bij de overheid gelegd, maar die heeft zelf geen geld over. "Zo is er minder geld voor onderhoud en uitbreiding. Dus of de Rijksoverheid moet investeren, of je gaat creatiever denken."
Hij ziet voldoende mogelijkheden in het buitenland. "Frankrijk heeft, behalve tolwegen, voor grote steden een transportwet die bepaalt dat werkgevers meebetalen aan openbaar vervoer. In de Verenigde Staten gaat de btw omhoog als je een tramlijn aanlegt. En in Kopenhagen komen investeringen in vastgoed rondom metrostations ten goede aan de bouw van de metrolijn langs die stations."
"Er zijn legio oplossingen", zegt Veeneman. "We zouden kunnen overwegen daar in Nederland wat van over te nemen."
Wegenbouwer Reinten vestigt zijn hoop op het geld dat Nederland volgens de nieuwe NAVO-norm aan defensie moet uitgeven. 1,5 procent van het bbp (alles wat we in Nederland in een jaar verdienen aan de productie van goederen en diensten) mag naar defensiegerelateerde zaken, zoals infrastructuur. Dat zou miljarden per jaar extra kunnen betekenen voor infrastructuur.
"Dat kun je volgens mij heel goed koppelen aan de woningbouw en aan het aansluiten van wegen", zegt Reinten. "Zo kunnen we het wegenstelsel weer robuust maken."
Source: Nu.nl economisch