Home

Bloeiende ‘penisplant’ lokt naast aasvliegen ook veel bezoekers naar Hortus Leiden

Een zeldzaam spektakel in de Hortus botanicus Leiden: de reuzenaronskelk – beter bekend als de penisplant – staat in bloei. De imposante, stinkende bloem trekt niet alleen aasvliegen, maar ook bezoekers uit het hele land, die dit tropische mirakel met eigen ogen willen ervaren.

is regioverslaggever van de Volkskrant in de provincie Zuid-Holland.

Een vlezig, anderhalve meter hoog gevaarte rijst op uit het schutblad. Eens in de vijf tot vijftien jaar staat hij fier overeind: de reuzenaronskelk, ook wel de Amorphophallus titanum genoemd – ofwel: de penisplant. Bezoekers zijn dinsdag van heinde en verre naar de Hortus botanicus in Leiden gekomen om deze vlezige bloeikolf te kunnen aanschouwen. In de natuur komt de reuzenaronskelk uitsluitend voor in de regenwouden op het Indonesische West-Sumatra.

Publiekstrekker

Door zijn imposante verschijning en, natuurlijk, zijn bijzondere naam is de penisplant een van de absolute publiekstrekkers van de oudste botanische tuin van Nederland. De reuzenaronskelk, waarvan de Hortus acht bloeirijke exemplaren heeft, is misschien nog wel populairder dan de reuzenwaterlelies, de Ginkgo biloba (de Japanse notenboom) en de tropische orchideeëncollectie die de botanische tuin bezit. De knol van de plant kan tot wel 100 kilo wegen.

Uiteraard levert de naam van de penisplant zo nu en dan een flauwe grap op. ‘Hij is net zo groot als de mijne. Dat valt nog wel mee, dus’, zegt de 65-jarige Peter uit Haarlem (zijn achternaam heeft hij na deze opmerking liever niet in de krant). Maandag zag hij een bericht van de Hortus op Facebook, dat het zover was. ‘Ik dacht: jeetje, nu moet ik er snel bij zijn.’ Lang genieten van de plant is er namelijk niet meer bij: maandagavond was de penisplant op zijn mooist, inmiddels is hij alweer aan het sluiten.

Bewonderaars moeten overigens wel iets voor een bezoekje overhebben. De plant verspreidt namelijk een geur die het midden houdt tussen een kadaverlucht en doorgekookte spruitjes, die al een nachtje buiten de koelkast hebben gelegen. ‘Hij stinkt lekker!’, roept een pensionado, die net te dichtbij staat.

Rottend dier

De plant doet zich voor als een rottend dier: door de aasgeur en het donkerrood van het schutblad (dat de kleur van bloed heeft), lokt het vliegende insecten zoals aaskevers en vleesvliegen. Die insecten brengen de stuifmeelkorrels vervolgens naar andere penisplanten, en bevruchten ze zo. ‘Ook Nederlandse vliegen zijn er dol op’, zegt plantenkenner Rogier van Vugt van de Hortus.

‘Wat ik zo bijzonder vind, is dat deze plant altijd iets anders nadoet’, zegt Van Vugt, terwijl op de achtergrond het getjilp is te horen van de kleine driekleurige gifkikker, die overal in de kas rondspringt. ‘Niet alleen doet hij een dood dier na, maar ook in een eerder stadium zet hij andere dieren op het verkeerde been.’

Van Vugt wijst een ander exemplaar van de penisplant aan, die nu niet in bloei staat. ‘Zie je deze vlekjes op de stam? De plant doet alsof het korstmos heeft. Daarom denken dieren, zoals olifanten, dat het geen plant, maar een boom is. En dus eten ze hem niet op.’

De 55-jarige Fransman Bertrand (zijn achternaam heeft ook hij liever niet in de krant) is vanaf afgelopen zaterdag elke dag naar de plant komen kijken. Via de live-webcam die de Hortus heeft ingeschakeld, houdt hij de plant in de gaten. ‘Deze plant is een mirakel, zeer zeldzaam. Dat wilde ik niet missen.’ De stank vindt hij wel meevallen. ‘Een paar jaar geleden stond er een andere penisplant in bloei, en rook ik hem al van buiten de kassen. Dat was pas erg.’

Goede marketing

Van Vugt moet toegeven dat de naam van de plant op dagen zoals vandaag een goede marketing blijkt. Volgens hem zouden huidige botanici niet meer zo snel een naam als deze aan een plant geven. ‘Die zijn vaak toch een stuk ernstiger. Vroeger waren de botanici seksueel wellicht weer een tikkeltje wanhopig, dat ze zulke namen bedachten. Maar wij dragen de naam penisplant met trots.’

Hij hoopt dat de naam bijdraagt aan de bekendheid van de plant. De penisplant kan namelijk wel wat bescherming gebruiken. In West-Sumatra staat het natuurlijke leefgebied zwaar onder druk, omdat de laaglandbossen waar de plant gedijt vaak worden verbouwd tot oliepalmplantages. ‘Dat is zorgelijk’, aldus Van Vugt. ‘Gelukkig gaat het met onze collectie in Leiden wel erg goed.’

Bezoeker Ria van den Burg (79) uit Vlaardingen kan haar geluk niet op. Ze was vanochtend nog bij haar tante in Leiden op bezoek, en wilde nog even een kijkje nemen bij de Japanse tuin van de Hortus. ‘Hoorde ik bij de entree ineens dat deze in bloei staat! Zet mij eens met die plant op de foto’, zegt ze tegen een andere bezoeker.

Ze gaat dicht naast de plant staan. ‘Je mag hem niet aanraken hoor, straks word je nog bevrucht’, grapt haar gelegenheidsfotograaf. Van den Burg: ‘Dat zou wel mooi zijn hè, zo op mijn oude dag.’ Wel vindt ze de huidige plant van anderhalve meter een tikkeltje klein. In 2022 zag ze een exemplaar van liefst drie meter lang. ‘Dat is het betere werk.’

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next