De humanitaire hulp die ngo’s sinds dit weekend kunnen bieden aan uitgehongerde Palestijnen in de Gazastrook, is bij lange niet genoeg. Het Rode Kruis en andere ngo’s stellen dat hun vrachtwagens niet veilig Gaza in kunnen.
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.
Israël laste zondag gevechtspauzes in voor drie dichtbevolkte delen van Gaza. Gedurende een week wordt daar elke dag tien uur lang niet geschoten. Die onderbrekingen moeten hulpkonvooien van ngo’s gelegenheid geven eten te brengen naar de bijna half miljoen Palestijnen in hongersnood.
Honderdtwintig vrachtwagens van het Rode Kruis kwamen zondag en maandag de grens over bij Kerem Shalom, maar reden vervolgens niet verder. Dat zegt een woordvoerder van de Nederlandse hulporganisatie aan de Volkskrant. Van de permanent beveiligde routes waar Israël zondag over repte, zou geen sprake zijn. Volgens het Rode Kruis zijn de wegen in Gaza helemaal niet veilig, onder meer omdat er nog explosieven op de wegen liggen.
Ook zijn er volgens het Rode Kruis ook gedurende de gevechtspauzes nog steeds schoten te horen. UNRWA-functionaris Sam Rose zei maandag tegen Al Jazeera dat voedsel, water en medicijnen de Palestijnen die het meest in nood zijn niet bereiken door de Israëlische beschietingen. Alleen wie er fysiek toe in staat is, kan namelijk bij de vrachtwagens aan de grens komen.
‘De Palestijnen zijn wanhopig’, zegt Rode Kruis-woordvoerder Daniëlle Brouwer telefonisch. ‘Er ontstaan gevaarlijke situaties, zoals vechtpartijen en plunderingen.’
Ngo’s als het Rode Kruis zijn niet in staat de hulpgoederen te brengen naar hen die ze het hardst nodig hebben. In plaats daarvan gebeurt min of meer hetzelfde als bij de door Israël beheerde distributiecentra: het recht van de sterkste geldt. Volgens de woordvoerder lopen andere ngo’s die actief zijn in Gaza tegen dezelfde problemen aan.
De enorme schaarste aan voedsel en andere goederen veroorzaakt een cynische handel op de zwarte markt, zo zeggen mensen in Gaza aan de Volkskrant. Meel dat binnenkomt wordt niet beveiligd, zoals Israël had toegezegd. In plaats daarvan worden veel hulpgoederen gestolen en tegen woekerprijzen verkocht.
Tom Fletcher, bij de VN verantwoordelijk voor humanitaire hulp, zei gisteren al dat er een grotere en stabielere stroom aan hulpgoederen nodig is om de hongersnood écht aan te pakken. Die nood blijft hoog: het Gazaanse ministerie van Gezondheid, dat wordt aangestuurd door Hamas, meldde dat er in één etmaal zeker 14 Palestijnen omkwamen door hongersnood. Dat brengt het totaal in de huidige oorlog op 147, onder wie 89 kinderen.
Het Wereldvoedselprogramma, de coördinerende organisatie van de VN, zegt voldoende voedsel klaar te hebben staan voor alle inwoners van Gaza. De organisatie hoopt dagelijks honderd vrachtwagens Gaza in te krijgen, maar ook dat is eigenlijk niet genoeg, zegt een functionaris tegen Reuters. Volgens het Rode Kruis zouden er zeshonderd vrachtwagens per dag nodig zijn.
Israël staat sinds eind mei weer enige hulp toe, maar blijft de toevoer beperken. Ngo’s smeken de Israëlische regering al weken om meer vrijheid om hun specialistische hulpverlening naar eigen invulling te kunnen toepassen.
‘Laat ons ons werk doen’, stelt het Rode Kruis. ‘Laat ons veel meer goederen Gaza in brengen en veilig uitdelen aan mensen in Gaza die op de rand van de dood balanceren door de grote voedseltekorten. Meer hulpgoederen betekent meer voedsel, minder wanhoop en chaos en betere, gerichtere en veiligere hulpverlening.’
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant