Indonesië probeert met nieuwe ziekenhuizen en buitenlandse artsen het vertrouwen in de eigen gezondheidszorg te herstellen. Nu vliegen Indonesiërs met enig geld – tot ergernis van de regering – liever naar Maleisië of Singapore voor medische zorg.
is correspondent Zuidoost-Azië van de Volkskrant. Hij woont in Indonesië.
Wie ziek wordt in Indonesië kan sinds kort terecht in het fonkelnieuwe Bali International Hospital. Langs de oprit aan de rand van de badplaats Sanur groeien palmen en frangipani-bomen, de lobby kan wedijveren met die van het nabijgelegen Hyatt Resort en het baliepersoneel buigt beleefd, gekleed in traditionele sarongs. De sfeer: meer Singapore Airlines, dan spoedeisende hulp. Een groot scherm in de hal adverteert de belangrijkste reden om hier medische zorg te zoeken: het ziekenhuis heeft buitenlandse artsen in dienst.
Het nieuwe hospitaal is onderdeel van een ambitieuze strategie van de Indonesische regering om patiënten in eigen land te houden. Nu vliegen meer dan twee miljoen Indonesiërs jaarlijks naar Maleisië, Singapore, Thailand of verder, voor een medische behandeling. Wie ook maar een beetje geld heeft in Indonesië, vermijdt liever de eigen gezondheidszorg. Tot grote ergernis van de Indonesische regering verdwijnt zo jaarlijks ongeveer 10 miljard euro naar het buitenland. Door drie nieuwe zorgcomplexen te bouwen die aan de hoogste medische standaarden voldoen, te beginnen op Bali, hoopt Indonesië het lek te dichten en tegelijkertijd medische toeristen te lokken.
‘Veel Indonesiërs hebben geen vertrouwen meer in hun gezondheidszorg’, zegt operationeel directeur Noël Yeo, die eerder ziekenhuizen bestuurde in Singapore en Vietnam. ‘Wie geld heeft, vliegt liever naar Penang (Maleisië, red.), Singapore of Bangkok voor een snelle diagnose en een complete behandeling.’ Daar werken volgens Yeo artsen die deels in het Westen zijn opgeleid en daar worden de laatste medische inzichten en apparaten ingezet. Ook de manier waarop artsen er met hun patiënten communiceren, speelt een belangrijke rol. Wie wat hoger is opgeleid, wil graag serieus worden genomen. Die wil met de arts overleggen over zijn of haar opties en dan zelf beslissen.’
Die manier van werken, merkte de ziekenhuisdirecteur, is niet vanzelfsprekend in Indonesië. Weinig landen tellen zo weinig artsen, waardoor een specialist weinig tijd heeft per patiënt (zestig per dag is geen uitzondering) en hun stijl is vaak nog directief: u mankeert dit en dat wordt uw behandeling. Yeo helpt een nieuw ziekenhuis opzetten dat – bruut gezegd – on-Indonesisch is. Waar de autonomie van patiënten centraal staat en de zorg van internationaal niveau wordt geleverd.
In eerste instantie zocht de Indonesische regering samenwerking met de Mayo Clinic in de Verenigde Staten, op veel lijstjes de beste kliniek ter wereld, maar die bedankte voor een vestiging op Bali. Uiteindelijk werd gekozen voor partnerschappen met gespecialiseerde klinieken uit het buitenland.
Yeo gaat voorop door de open gangen van het private ziekenhuis, waar een prettig zeebriesje waait. In de openbare ziekenhuizen van Indonesië liggen de gangen doorgaans vol met brak ogende familieleden die helpen met het voeden en wassen van patiënten. Op de verpleegzalen ontbreekt een airco, patiënten delen een hurk-wc op de gang. De nasi goreng komt van een eetkraampje voor de deur. Het Bali International Hospital daarentegen beschikt over 255 eenpersoonskamers met badkamer waar verpleegkundigen de verzorging op zich nemen.
Boven een dubbele glazen deur prijkt de tekst: Icon Cancer Centre. Yeo: ‘Dit is een Australische keten die in meer dan vijftig vestigingen over de wereld chemotherapie en bestraling aanbiedt volgens de laatste inzichten.’ Wijzend op een grote witte machine die ronkend warm draait: ‘Kost 3,7 miljoen dollar, daar staan er maar drie van in Indonesië.' Icon werkt met eigen artsen uit Australië en Singapore. ‘Zo halen we in één klap veel buitenlandse kennis en ervaring binnen.’
Dezelfde truc haalde de directeur uit met een vermaard laboratorium uit Singapore en een cardiologiecentrum uit Japan. Normaliter krijgen buitenlandse artsen geen werkvergunning in Indonesië, maar de regering wees Sanur, Batam (nabij Singapore) en Tangerang (nabij Jakarta) aan als speciale economische zone waar minder regels gelden. Dat maakt het ook makkelijker om buitenlandse apparatuur te importeren.
Vanaf een loopbrug wijst Yeo naar de rest van het 42 hectare grote terrein. ‘Daar komt de cosmetische kliniek met Koreaanse artsen, daar de ivf-kliniek uit Maleisië en daar het centrum voor stamcelbehandelingen uit Duitsland.’ Sanur wordt een one-stop shop voor rijke Indonesiërs en buitenlanders op zoek naar zorg. Meereizende familieleden kunnen neerstrijken in een suite of vakantievilla van het naastgelegen luxe strandresort, dat ook eigendom is van de overheid. Totale investering: naar schatting 850 miljoen euro.
Opvallend afwezig in het Bali International Hospital: patiënten. Yeo: ‘Eh, tsja, we zijn net open.’ Bovendien verloopt de vergunningverlening toch trager dan verwacht. Van de vijftig buitenlandse artsen die een werkvergunning hebben aangevraagd, hebben er volgens de directeur nog maar 14 het papiertje binnen. ‘We kunnen helaas niet voluit starten.’
Op de tweede verdieping krijgt de 51-jarige Yermia Agustina vandaag een chemokuur. De taxichauffeur uit Surabaya ligt aan een infuus in een gloednieuw ziekenhuisbed. ‘Ik ging eerst naar een Indonesisch ziekenhuis, waar de artsen mij twee keer naar huis stuurden. ‘Niks aan de hand’, zeiden ze. ‘Toen ben ik naar Penang gevlogen, waar de arts baarmoederhalskanker vaststelde. Daar ben ik dezelfde dag behandeld!’ De rekening van 6.000 euro werd door haar familie betaald. ‘Ik las dat er nu ook een Icon-kliniek op Bali is, dus dat wilde ik wel proberen.’ Met een onzekere blik op de dokter: ‘Ik hoop dat de rekening hier lager uitvalt.’
Op de vraag of het niet triest is, dat Indonesië het vertrouwen in de gezondheidszorg probeert te herstellen door speciale zones te creëren met buitenlandse artsen, antwoordt Yeo: ‘De regering heeft haast, die wil binnen vijf jaar resultaten zien.’ Fase 2 is volgens hem een wervingscampagne onder de Indonesische diaspora. Inclusief artsen in Nederland wier ouders of grootouders in Indonesië zijn geboren. ‘Die zijn goed opgeleid en zeer welkom om hier aan de slag te gaan.’
Fase 3 is tienduizend studenten naar buitenlandse medische faculteiten te sturen en gestaag het aantal medische opleidingen in Indonesië te verhogen, van 92 naar 300. ‘Het blijft echter belangrijk dat artsen een deel van hun opleiding in het buitenland volgen. Daar pikken ze een andere arbeidsethos op – pro-actiever, planmatiger – en leren ze anders communiceren met de patiënt.’
Volgens universitair hoofddocent Jeremy Lim van de Universiteit van Singapore, die zorgsystemen met elkaar vergelijkt, probeert Indonesië terecht de patiëntenstroom naar het buitenland om te buigen. Die uittocht is volgens hem driedubbel schadelijk. ‘In de eerste plaats loopt Indonesië nu veel geld en goede banen mis. Daarnaast voelen zorgverleners weinig prikkels om hun medische kennis en vaardigheden te verbeteren zolang de ‘waardevolste’ patiënten wegblijven en ten derde verlaten ambitieuze artsen – die op zoek zijn naar meer klinische expertise of inkomen – zelf ook het land.’
Het Bali International Hospital is een goed begin, stelt Lim. ‘Het heeft buitenlandse partners binnengehaald met een goede reputatie. Dat is verstandig, want zo levert het ziekenhuis snel zorg van een hoog niveau en verbetert het op termijn de kennis en de kunde van lokale artsen en verpleegkundigen.’ Verbetering van de gehele Indonesische gezondheidszorg, inclusief het ombuigen van de patiënten-exodus, zal volgens de onderzoeker jaren in beslag nemen.
De gewone Indonesiër, met een zeer basale zorgverzekering van de overheid, merkt voorlopig weinig van de nieuwe nationale ambities. Vooral buiten het dichtbevolkte Java kampen ziekenhuizen met een tekort een artsen, verpleegkundigen en apparatuur. Met enige regelmaat verschijnen verontrustende verhalen in de media, over bijvoorbeeld een ziekenhuis op Timor waar maar één arts werkt (van de benodigde zestien) of over een 12-jarige patiënt op Batam die naar huis werd gestuurd (niet accuut genoeg voor de staatsverzekering) en binnen twee uur overleed.
Wie weinig geld heeft, belandt hooguit in het Bali International Hospital als die toevallig voor de deur van de spoedeisendehulpafdeling wordt aangereden. Yeo: ‘Patiënten met een staatsverzekering zullen we stabiliseren en doorsturen naar een openbaar ziekenhuis.’
De nieuwe economische zone levert volgens hem wel duizenden nieuwe banen op voor Indonesiërs. ‘Waaronder banen voor hoger opgeleiden. Dat is ook veel waard.’ En op termijn, zo hoopt hij, druppelt de hogere kwaliteit medische zorg in de speciale zones, indirect door tot de staatsziekenhuizen in de rest van het land.
Luister hieronder naar onze nieuwspodcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant