De gedachte dat Joden een monolithisch blok vormen dat collectief schuldig is aan het optreden van één staat, is niet alleen historisch onjuist. Het is ook gevaarlijk, stelt Eline van Erdewijk.
Tijdens een informele borrel bij een Nederlandse overheidsinstantie belandde ik in een discussie over antisemitisme, moreel ongemak en beleidsvisies.
Als onderzoeker doceer ik de geschiedenis van antisemitisme in Nederland en Noord-Afrika en verhoudingen tussen religie, etniciteit, kolonialisme en racisme. Daarom heb ik, net als vorig jaar, deze instantie gevraagd of ze een Holocaust-overlevende wilden ontvangen, ter aanvulling op zijn lezing in mijn collegereeks over antisemitisme in Nederland.
Vorig jaar hoorde ik al dat men de toegevoegde waarde van een ontmoeting met deze Holocaust-overlevende en auteur niet inzag. Dit jaar hoopte ik op heroverweging. Maar het antwoord was, opnieuw, ontwijkend. En toen ik aandrong, kwam dit keer de werkelijke reden naar voren: ‘In de huidige context is het lastig’, werd me gezegd. ‘Met de oorlog in Gaza’.
Maar wat heeft een Nederlandse Holocaust-overlevende, woonachtig in Amsterdam, te maken met de oorlog in Gaza? Waarom zou zijn verhaal, over onderdrukking, overleven, genocide, rouw en rechtvaardigheid, minder welkom zijn omdat er elders vreselijke dingen gebeuren?
Over de auteur
Eline van Erdewijk is promovendus Midden-Oostenstudies aan de Rijksuniversiteit Groningen, gespecialiseerd in antisemitisme in Frans-Algerije, en docent aan de Sorbonne in Parijs.
Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.
Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.
Toen ik de beleidsbepaler vroeg wat hiermee werd bedoeld, luidde het antwoord: ‘Hoe kunnen juist die mensen die zulke gruwelijke dingen hebben meegemaakt, dit nu doen?’
Die mensen?
‘Wie bedoel je?’ vroeg ik. ‘De meeste Holocaust-overlevenden leven immers niet meer.’ Israëlische regeringsleden? Joodse burgers? Alle Joden wereldwijd?
De redenering suggereerde een morele collectieve verantwoordelijkheid van Joden wereldwijd. Deze generalisering kan het antisemitische idee voeden dat alle Joden collectief verantwoordelijk zijn voor Israëlisch beleid.
Volgens deze logica is een individuele Jood automatisch verbonden met de daden van de Israëlische staat. Alsof een Nederlandse Holocaust-overlevende verantwoordelijk zou zijn voor het huidige militaire optreden in Gaza. Is dit gedachtegoed acceptabel bij andere bevolkingsgroepen? Is elke Chinees verantwoordelijk voor de onderdrukking van de Oeigoeren? Elke Rus voor de oorlog in Oekraïne? Elke Amerikaan voor de daden van de regering-Trump? En elke Nederlander voor de uitspraken van Geert Wilders?
Deze verwarring zie ik vaker. In colleges benadruk ik juist het verschil tussen Joden, Israëliërs, zionisme, antizionisme en antisemitisme. Dit legde ik deze regeringsfunctionaris ook uit. Begrippen die elkaar kunnen raken, maar niet hetzelfde zijn. Dat onderscheid maken is geen semantische luxe. Het is een intellectuele en maatschappelijke noodzaak in tijden van polarisatie.
Naar mijn ervaring wordt dat onderscheid in maatschappelijke discussies regelmatig weggepoetst. Zie bijvoorbeeld de Belastingdienst, die onlangs een bezoek aan een synagoge afzegde. Wat overblijft zijn generalisaties, zwart-witdenken en uiteindelijk vijanddenken, met mogelijk gevaarlijke gevolgen.
Daarom is het cruciaal dat Holocaust-overlevenden gehoord worden. Niet om namens ‘de Joden’ te spreken, want er bestaat geen universele Joodse stem. Maar om een persoonlijk, historisch en moreel perspectief te bieden. Zijn verhaal raakt aan universele waarden van menselijkheid, rechtvaardigheid en waakzaamheid. Dit kan los worden gezien van conflicten elders en is belangrijk voor de Nederlandse geschiedenis. Het wist de gebeurtenissen in Gaza ook niet uit. Dit zijn thema’s waarover we juist in onze huidige tijd zouden moeten en willen praten.
Beleidsvorming zou moeten staan voor bruggen bouwen, niet voor ontwijken van morele kwesties uit angst. Ik begrijp dat beleidsmakers voorzichtig moeten opereren in de huidige omstandigheden. Maar morele helderheid vereist juist dat we individuen niet laten verdwijnen in collectieve projecties en ideologische karikaturen.
Het is jammer dat historisch bewustzijn in de (internationale) politieke gemeenschap soms zo beperkt is. Dat Joodse stemmen afhankelijk lijken te zijn van de huidige geopolitieke temperatuur. En dat Holocaust-overlevenden anno 2025 weer moeten vechten voor hun recht om hun verhaal te vertellen, simpelweg omdat ze Joods zijn.
Wereldwijd zijn er naar schatting zo’n 15 tot 17 miljoen Joden, waarvan iets meer dan de helft niet eens in Israël woont. Wie zegt dat ‘de Joden’ iets doen, negeert deze enorme geografische, maar ook culturele en politieke diversiteit.
Zelfs onder de Joodse bevolking in Israël is er diepe verdeeldheid over het politieke en militaire beleid. De gedachte dat Joden een monolithisch blok vormen dat collectief schuldig is aan het optreden van één staat, is niet alleen historisch onjuist. Het is gevaarlijk.
Er is nu meer dan ooit behoefte aan genuanceerd spreken. Aan luisteren. Aan mensen met kennis van zaken. En ook aan de moed om nee te zeggen tegen ongenuanceerde vergelijkingen. Gaza verdient serieuze aandacht, onderzoek en politieke actie, maar ook een eigen, eerlijke benadering, zonder oneigenlijke vergelijkingen.
Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant