Home

Wat is het nut van miljarden weggeven aan vermogende burgers?

De fiscus heeft net de eerste brieven verstuurd waarmee belastingplichtigen te veel betaalde vermogensheffing in box 3 kunnen terugvragen. Er lopen bij de Belastingdienst duizenden medewerkers rond om te helpen met het herstel van de toeslagenaffaire. Daar komen de komende jaren nog duizenden tijdelijke krachten bij die claims moeten afhandelen van vermogende burgers.

Mensen aan de andere kant van het spectrum, kun je zeggen. Ongeveer de helft van de box 3-gedupeerden heeft een laag tot middelhoog inkomen, maar het leeuwendeel zal uitgekeerd worden aan rijken. Zij hebben het meeste te winnen en kunnen belastingadviseurs inhuren voor deze lastige klus. Wie geld terug wil, moet immers per belastingjaar aantonen dat hij te veel belasting heeft betaald. Hij moet ‘tegenbewijs’ leveren dat zijn rendement lager was dan wat de Belastingdienst had verondersteld. Dat geldt voor iedereen vanaf belastingjaar 2021 en voor sommigen ook over eerdere jaren vanaf 2017, als zij aan de regels voor bezwaar hebben voldaan.

De Hoge Raad oordeelde eind 2021 dat de Belastingdienst ten onrechte vermogen belast volgens een fictief rendement en niet op basis van het werkelijke rendement. Het gaat daarbij om spaargeld, beleggingen en woningen voor verhuur of recreatief gebruik. Het werkelijke rendement belasten lukt de fiscus niet eerder dan vanaf 2028.

De compensatie van box 3 zal naar schatting 9- tot 12 miljard euro kosten. De reden voor dit hoge bedrag is dat iedere belastingplichtige tot 2028 ieder jaar kan kiezen voor de meest gunstige variant: vermogensheffing volgens een fictief of werkelijk rendement.

De overheid doet haar best om de compensatie te beperken. Het belastingtarief in box 3 is de afgelopen jaren verhoogd van 31 naar 36 procent, net zo hoog als het tarief over inkomen in box 1. Er geldt een vrijstelling van 57.700 euro per belastingplichtige. Vanaf 2026 gaat die vrijstelling omlaag naar 51.400 euro. Het belaste rendement op beleggingen en woningen in box 3 stijgt van 5,9 naar 7,8 procent. Als je die twee maatregelen omrekent, stijgt het belastingtarief van 36 naar ongeveer 49 procent. Dat is in de buurt van het hoogste tarief voor inkomen uit arbeid in box 1.

De tegenbewijsregeling is onaantrekkelijk gemaakt. Je kunt geen gebruikmaken van de vrijstelling en kosten niet verrekenen. Dat laatste treft beleggers en vooral huiseigenaren met kosten voor onderhoud en aan- of verkoop. Je betaalt ook voor eigen gebruik als de verhuur te weinig oplevert. Bij woningen telt verder de gestegen WOZ-waarde mee. Dat geldt ook voor een daling, maar dat komt niet vaak voor.

Hoe dit uitpakt, moet de komende jaren blijken. Als beleggingen en woningen mooie winsten opleveren, valt de schade mee. Anders gaat het ten koste van de staatsschuld, want daar wordt een deel van het verlies mee betaald.

Er is niet veel aan te doen. Vermogensbelasting op basis van werkelijk rendement is de enige optie. Kabinet en Tweede Kamer hebben dat telkens uitgesteld, omdat de Belastingdienst dat niet zou aankunnen. De Hoge Raad besliste anders.

Over de auteur
Reinout van der Heijden is hoofdredacteur van de Geldgids.
Zelf een vraag? Geldvraag@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next