Home

Om femicide te voorkomen is vroegtijdige herkenning van signalen van levensbelang

is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft onder meer over justitie.

Recente gevallen van (ex-)partnerdoding laten zien dat aandacht voor femicide niet leidt tot betere bescherming van bedreigde vrouwen. Dat is een onacceptabele vaststelling, waarbij de samenleving zich niet mag neerleggen.

Als mannen worden vermoord, gaat het vaak om een uit de hand gelopen vechtpartij of een liquidatie in het criminele circuit. In 90 procent van de gevallen is de dader een andere man. Bij vrouwen (gemiddeld veertig per jaar) is de dader in meer dan de helft van de gevallen hun partner of ex, blijkt uit politiecijfers. De reden is doorgaans dat de man een verbroken relatie niet wil accepteren.

Zijn deze cijfers al onheilspellend, de vooraanstaande Britse hoogleraar criminologie Jane Monckton Smith kwam in haar jarenlange onderzoek naar geweld tegen vrouwen tot een nog onrustbarender conclusie. Partnerdoding gebeurt zelden in een opwelling. Uit verschillende voorafgaande indicatoren is zelfs een zekere voorspellende waarde af te leiden.

Een van de aanwijzingen die vroeg kan worden herkend, is dat de man in een eerdere relatie agressief is geweest, of zelfs met de politie in aanraking kwam. Bezitsdrang en isolatie van het latere slachtoffer zijn andere indicatoren. De mannelijke controle wordt verstoord als de vrouw kenbaar maakt de relatie te willen verbreken. Leidt dat tot gewelddadig gedrag, dan moeten alle alarmbellen afgaan.

Juist op dit punt gaat het in de praktijk vaak mis. Uit het onderzoek van Monckton Smith blijkt dat, als de relatie eenmaal is verbroken, forse bedreigingen een voorbode zijn van later onheil. De categorie mannen die het betreft, werkt niet zelden lang aan een moordplan.

Het valt de politie niet altijd aan te rekenen, maar hier schiet zij vaak tekort. De expertise ontbreekt om onderscheid te maken tussen een incidentele ruzie achter de voordeur of een in potentie fatale situatie. Bovendien is geweld dat ten onrechte als ‘huiselijk’ wordt omschreven voor justitie meestal geen reden om een man langdurig op te sluiten. Terwijl vroegtijdig ingrijpen, zoals bijvoorbeeld in Schotland gebeurt, bewezen effectief is.

In de Tweede Kamer is de laatste jaren vaak over femicide gesproken. Het kabinet Rutte IV kwam met het actieplan ‘Stop femicide’. De Telegraaf-verslaggever Saskia Belleman had met haar berichtgeving een agenderende rol. De Leidse hoogleraar Marieke Liem houdt inmiddels een ‘femicide monitor’ bij.

De vertrokken staatssecretaris Ingrid Coenradie (Justitie en Veiligheid, PVV) maakte er een speerpunt van in haar beleid. Praten over problematische relaties en slechte ervaringen in de eigen omgeving is van het grootste belang, betoogde zij, ook als dat gepaard gaat met angst en schaamte.

Kamerleden als Hanneke van der Werff (D66) en Songül Mutluer (GL-PvdA) kwamen met voorstellen voor vroegtijdige herkenning van de achtergronden van een potentieel gewelddadige man.

Maar de tegenstrijdige uitkomst is dat femicide als maatschappelijk probleem op de kaart staat, terwijl het tegelijkertijd in alle heftigheid blijft voorkomen.

Coenradie kondigde eerder dit jaar een publiekscampagne aan om ‘rode vlaggen’ te herkennen, voor zowel slachtoffers als omstanders. Ze wilde bovendien politie en justitie laten ‘bijtrainen’. Het valt te hopen dat het demissionaire kabinet-Schoof dit tot zijn prioriteiten blijft rekenen.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next