Met frisdrank en snacks in de hand verzamelen Israëliërs zich op Uitkijkpost Sderot om live de verwoesting van Noord-Gaza te aanschouwen. Bij elke inslag klink gejuich. ‘Ik wil krachtigere explosies’, jubelt een oudere vrouw.
schrijft vanuit Istanbul over Turkije, Iran, Israël en de Palestijnse gebieden.
Uitzicht op Gaza. In de verte, maar ‘dichtbij’ is eigenlijk een beter woord, klinkt het geluid van een ontploffing. Daarna wordt een grote stofwolk zichtbaar aan de horizon. Een kwartiertje later weer een, en weer een. Knallen zonder stofwolk zijn nog frequenter.
‘Hoppa!’, klinkt het verheugd na elke plof. De oudere vrouw die zo reageert, staat met haar zoon, dochter en schoondochter op een heuveltop bij de Israëlische stad Sderot die dient als uitkijkpost voor iedereen die aan de noordelijke rand van de Gazastrook wil zien hoe het er daarbinnen, een paar kilometer verderop, aan toegaat.
Al in eerdere Gazaoorlogen verkreeg Uitkijkpost Sderot een bedenkelijke reputatie. Israëlische burgers posteerden zich er elke avond op stoelen en sofa’s, voorzien van bier, popcorn en shishapijpen, om te observeren hoe de Israëlische luchtmacht doelen in Gaza aan flarden schoot. ‘Sderot Cinema’, doopte een Deense journalist het fenomeen. Bij elke treffer klonk gejuich.
Sinds oktober 2023 vertoont ‘bioscoop’ Sderot een heftiger film dan ooit, en ook nu wordt er dagelijks gejuicht, met ‘hoppa!’ of anderszins. Popcorn en sofa’s zijn er vandaag niet, wel zijn er automaten met frisdrank en snacks. Er staat een verrekijker die voor 5 shekel (1,20 euro) twee minuten lang inzoomt op het tafereel.
Bij een vorig bezoek, in augustus vorig jaar, toonde de lens nog een skyline met gebouwen die deels in puin lagen. Nu staat er bijna niets meer. Ongeveer 10 kilometer naar het noordwesten is zelfs een strook Middellandse Zee te zien; die werd voorheen aan het oog onttrokken door de bebouwing. Maar sommigen gaat het nog niet hard genoeg. ‘Ik wil krachtigere explosies’, zegt de vrouw. ‘Ze moeten B2-bommenwerpers inzetten, net als de Amerikanen.’
Bommenwerpers worden in deze fase van de oorlog echter nauwelijks meer gebruikt. Wat nu in Gaza gebeurt, is vooral het op grote schaal vernietigen van gebouwen. Niet om aanwijsbare militaire redenen, maar om een groot deel van het gebied voorgoed onbewoonbaar te maken.
‘We verwoesten steeds meer huizen’, zei premier Benjamin Netanyahu in mei in het parlement. ‘De Gazanen hebben nergens om naar terug te keren. De enige te verwachten uitkomst is dat ze de Gazastrook willen verlaten.’ Volgens hem zal minstens de helft van de Palestijnen in Gaza uiteindelijk vertrekken. Voor de krant Haaretz is het duidelijk dat sinds het begin van de Operatie Strijdwagens van Gideon, begin mei, het Israëlische leger ‘vernietiging pleegt omwille van de vernietiging zelf’.
Daarvoor zijn meer bulldozers en slopershanden nodig dan waarover het leger beschikt. Op grote schaal worden daarom particuliere bulldozers ingezet, bemand door burgers die enthousiast genoeg zijn om het niet risicovrije klusje te klaren. Het ministerie van Defensie betaalt 2.500 shekel (640 euro) voor een gebouw van maximaal drie verdiepingen, voor hogere gebouwen het dubbele. Het grootste deel van het bedrag gaat naar de eigenaar van de bulldozer, de rest is voor de werker.
Veel van degenen die zich aanmelden zijn fanatieke kolonisten van de Westoever, zij doen het deels uit ideologische motieven. ‘Eerst deed ik het voor het geld, nu uit wraak’, zegt Gadi (een pseudoniem) tegen webkrant TheMarker. Ronen (ook een pseudoniem) zegt: ‘Er is geen tekort aan plekken waar je huizen kunt vernielen.’
Een rolmodel voor mensen als Ronen en Gadi is Avraham Zarbiv, een rabbijn die zich anderhalf jaar geleden als vrijwilliger bij het leger meldde, speciaal om zo veel mogelijk huizen met de grond gelijk te maken. In Israëlische media getuigt hij vol enthousiasme van zijn passie. Zijn score is vijftig huizen per week, zo pocht hij.
‘Er is geen Rafah meer’, zei hij begin juli in een interview. ‘Noordelijk Gaza is bijna volledig met de grond gelijk gemaakt. Khan Younis is de volgende. Naar mijn bescheiden mening beschouwt God onze taak simpelweg als het ontruimen van het land.’
Door de verrekijker op de heuveltop zijn bulldozers te zien op een ongeplaveide weg. Stof stuift achter de wielen op. Het schemert al, waarschijnlijk zijn ze op de terugweg na een dag hard werken. Vooral sinds mei jassen de sloopploegen flink door. De Hebrew University in Jeruzalem leidt uit satellietbeelden af dat zeker 70 procent – waarschijnlijk meer – van de gebouwen in de Gazastrook vernield of als verloren moet worden beschouwd.
Het publiek van Sderot Cinema, waaronder schoolklassen en bedrijfsuitjes, lijkt er niet mee te zitten. ‘Dit is een attractie’, zegt de 24-jarige Ariel Goldberg, begeleider van Birthright-tours, groepen jongeren uit de Joodse diaspora op bezoek in Israël. ‘De mensen komen het liefst ’s avonds, als ze de ontploffingen en lichtflitsen beter kunnen zien.’
Hij zegt te doen te hebben met de burgers in Gaza (‘zij worden ook gegijzeld door Hamas’), maar een oplossing voor de Palestijnse kwestie ziet hij niet. ‘Als we ze een staat geven, krijgen we binnen de kortste keren een heleboel 9/11’s.’
Toch is niet iedereen op de heuvel voor een leuk dagje uit. Zeker niet voor de 42-jarige onderwijsconsultant Neora, die als linkse activist vaak op de Westoever is om belaagde Palestijnen bij te staan. Op de vraag wat ze vindt van wat de meeste bezoekers hier doen, antwoordt de Joodse met een kotsgebaar.
‘Ik ben hier om dichtbij mijn vriend Omar te zijn’, zegt ze. Ze doelt op Omar Ashtawy, een Palestijnse fotograaf die in Gaza werkt. De twee hebben elkaar nooit in levenden lijve ontmoet, maar hebben frequent contact. Neora maakt een foto van het uitzicht, met rookpluim en al. ‘Die stuur ik nu naar Omar’, zegt ze. ‘En ik wens hem toe dat hij veilig is.’
Luister hieronder naar onze nieuwspodcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant