Donald Trump zet zijn tarievenoorlog nu ook in als middel om zich te bemoeien met de interne politiek van landen. Dat is een garantie voor ellende, voorspelt politiek econoom Matthias Matthijs. ‘Trump is het grootste risico voor de wereldeconomie.’
Niet vaak wordt handel zo expliciet als wapen ingezet als het laatste halfjaar door de huidige Amerikaanse regering. Daarin leek president Donald Trump afgelopen weken nog weer een stapje verder te gaan.
De importtarieven die hij de wereld sinds zijn inauguratie oplegde, presenteerde hij tot nu toe vooral als een instrument om landen te laten betalen die in zijn ogen oneerlijke handel drijven met de Verenigde Staten. Hoe groter dat handelstekort, hoe hoger de tarieven, was in april zijn boodschap.
Maar vorige week dreigde hij Brazilië, een land waarmee de VS juist een handelsoverschot hebben, met een heffing van 50 procent. De reden: Trump vindt de vervolging van ex-president Jaïr Bolsonaro ‘een schande’ en wil de nieuwe Braziliaanse regering met tarieven dwingen het proces tegen Bolsonaro te beëindigen.
Afgelopen week deed hij iets vergelijkbaars richting Rusland. Als dat land niet voor 1 september een staakt-het-vuren heeft getekend met Oekraïne, zullen de VS ‘enorme heffingen’ opleggen. Landen die dan nog Russische olie kopen, zoals China en India nu nog doen, kunnen ‘secundaire heffingen’ verwachten van wel 100 procent.
‘Redelijk uniek’, noemt Mathhias Matthijs die inzet van tarieven. ‘In de geschiedenis worden importheffingen eigenlijk altijd gebruikt als manier om de binnenlandse productie te beschermen. Het doel van de heffingen is vrijwel nooit helemaal los te zien van handel.’
Tegelijkertijd zijn ook handel en geopolitiek in de geschiedenis nooit los van elkaar te beschouwen, stelt de Belgische politiek econoom, die is verbonden aan de gerenommeerde Johns Hopkins Universiteit in Washington. ‘In het Westen hebben we sinds de Tweede Wereldoorlog wel enigszins in de illusie geleefd dat je politiek en handel kunt scheiden. Maar die periode is nu echt voorbij. We zijn terug van een soort vakantie in de geschiedenis.’
Ziet u die puur politieke tarieven als een belangrijk voorbeeld?
‘Ja. De heffing tegen Brazilië vond ik opvallend. Trump kwam net terug uit het Midden-Oosten, waar hij in een speech had gezegd dat de VS zich niet moeten bemoeien met de binnenlandse aangelegenheden in die regio. Vervolgens doet hij in Brazilië precies het omgekeerde.
‘Het dreigement richting Rusland is ook vreemd. Het is zeker niet ongebruikelijk om een land economisch te straffen. Alleen deed men dat afgelopen decennia doorgaans met sancties. Maar Trump is ervan overtuigd dat sancties slecht zijn voor de VS en tarieven goed.
‘Het gekke is dat hij ook dreigt met een 100 procent importheffing richting landen die handel drijven met Rusland. De grootste, China en India, onderhandelen nu juist intensief met de VS over een handelsdeal. Maar wat is zo’n deal waard als Trump direct weer aan tafel kan zitten met nieuwe tarieven? Ik denk dat hij met dit soort dreigementen zijn hand overspeelt.’
Hoe verklaart u dat Trump nu opnieuw zo heftig tekeergaat met die tarieven? Toen hij dat in april deed, kwam hij daar toch snel van terug, omdat de rente op de Amerikaanse staatsschuld snel opliep en Amerikanen in de supermarkten buitenlandse producten gingen hamsteren.
‘Trump telt het geld. Tijdens de drie maanden van ‘tarievenpauze’ die hij dit voorjaar inlaste om te onderhandelen, gold een importbasistarief van 10 procent. Plus nog een aantal specifieke tarieven zoals op staal (50 procent) en auto’s (25 procent). Daardoor komen er miljarden binnen.
‘In het tweede kwartaal incasseerde de douane 64 miljard dollar aan importheffingen. Dat is 47 miljard meer dan een jaar eerder in die periode. Dat is echt een gigantisch bedrag. Als je het doortrekt, is het genoeg om het gat te vullen dat zijn ‘Big Beautiful Bill’ (met grootschallige belastingverlagingen voor bedrijven en particulieren, red.) in de begroting heeft geslagen.
‘We horen dat Trump elke dag aan zijn adviseurs vraagt hoeveel er die dag weer is binnengekomen. Alsof hij de manager is van een supermarktketen: hoeveel hebben we vandaag binnengehaald van Vietnam, de EU, Canada? De cijfers bevestigen hem in zijn aanpak.’
Dat is ook opmerkelijk, want alle macro-economen hebben de afgelopen maanden gewaarschuwd dat tarieven helemaal niet werken. Dat bedrijven die kosten doorberekenen aan Amerikaanse consumenten. En dat in de VS de inflatie snel zou oplopen. De inflatie loopt nu inderdaad iets op, maar heel licht.
‘Die kan de komende tijd nog wel verder oplopen. Want veel bedrijven hebben behoorlijke voorraden in de VS. De centrale bank voorspelt dat de tarieven pas in de herfst grotere invloed gaan hebben op de inflatie.
‘Maar voor een deel zie je toch ook dat bedrijven die naar de VS exporteren ervoor kiezen om die tarieven helemaal niet door te berekenen. Bijvoorbeeld bij auto’s. De Amerikaanse markt is zo groot dat veel bedrijven als Volkswagen en BMW ervoor kiezen voorlopig zelf de tarieven ‘op te eten’. Zo hopen ze hun marktpositie in de VS te behouden in afwachting van minder extreme heffingen in de toekomst.
‘Trump ziet dat allemaal als een bevestiging dat zijn beleid werkt. Hij voelt zich King of the Hill want hij heeft zijn Big Beautiful Bill door het Congres geloodst. Hij voelt zich ook een winnaar in de oorlog met Iran, en op de Navo-top heeft hij met hulp van flatterer in chief Mark Rutte afgedwongen dat alle lidstaten 5 procent van het bruto binnenlands product aan defensie gaan uitgeven.
‘Met die acties richting Brazilië en Rusland ondermijnt hij de kans om voor de VS toch behoorlijk gunstige akkoorden te sluiten. Overmoed zie je ook in onderhandelingen met de EU, daar lag een akkoord klaar om te tekenen. Maar in plaats daarvan dreigt hij nu weer met nog hogere tarieven. Daardoor riskeert hij een nieuwe handelsoorlog met Europa.’
Wat bedoelt u als u zegt dat we terug zijn van een vakantie van de geschiedenis?
‘Ik heb zelf nog als assistent gewerkt voor Francis Fukuyama die in de jaren negentig het beroemde boek The End of History schreef. Amerika was de onbetwiste leider van de wereld, en de Verenigde Staten en hun bondgenoten volgden allemaal dezelfde regels. Met name in Europa leefden we in de illusie dat politiek en economie behoorlijk gescheiden zijn.
‘Maar dat tijdperk is ergens rond 2014 echt wel ten einde gekomen. Vladimir Poetin annexeerde de Krim en China sloeg onder Xi Jinping een fundamenteel andere koers in dan zijn hervormingsgezinde voorganger. Daarmee eindigde het tijdperk van vanzelfsprekende vrijhandel en de gedachte dat de rest van de wereld vanzelf het westerse model zou volgen. In 2016 werd Trump verkozen, en sindsdien zijn tarieven nooit meer zo laag geweest als daarvoor.’
Door Matthijs en andere politiek economen wordt dezer dagen vaak verwezen naar het werk van econoom Charles Kindleberger. Die beschreef in 1973 hoe de Grote Depressie in de jaren dertig het gevolg was van het feit dat Groot-Brittannië na de slopende Eerste Wereldoorlog niet langer de rol van onbetwiste wereldleider op zich kon nemen. De Britten grepen niet in toen in Oostenrijk een bank in financiële problemen raakte. De opkomende wereldmacht, de VS, pakte die verantwoordelijkheid ook niet op. Zo kon één omgevallen bank in een Europees berglandje uiteindelijk een financiële kettingreactie veroorzaken die in een diepe wereldwijde recessie uitmondde.
Waarom is dat inzicht nu weer relevant?
‘Amerika heeft die rol als hoeder van de financiële wereldorde sinds de Tweede Wereldoorlog heel duidelijk op zich genomen. Barack Obama speelde het Kindleberger-spel bijvoorbeeld perfect tijdens de financiële crisis in 2008. Hij redde banken, en de Amerikaanse centrale bank zorgde ervoor dat banken in de hele wereld aan kapitaal konden komen.
‘Het land was de scheidsrechter die de regels vaststelde die iedereen respecteerde, en Amerika werd er rijk van. Maar van scheidsrechter is Amerika speler geworden. Trump denkt van China en Europa te kunnen winnen. Alleen: als je speler bent, kun je ook geweldig verliezen. Dat dreigt natuurlijk nu voor de VS. Dat landen zeggen: we willen minder afhankelijk worden van de VS, want dat is een te groot risico.’
Die Kindleberger-vergelijking is beangstigend: de Grote Depressie was de opmaat tot de Tweede Wereldoorlog.
‘Het is zoals Mark Twain zei: ‘De geschiedenis herhaalt zich niet, maar ze rijmt.’ Er is veel politiek extremisme en burgeronvrede, net als toen. En de wereldmacht lijkt niet meer bereid garant te staan voor het financiële systeem. Maar een groot verschil met toen is dat Amerika begin vorige eeuw veel dominanter was in de wereldeconomie dan elk andere wereldmacht. Nu is de wereld multipolair. De geintegreerde Europese Unie is ook een economische supermacht geworden, sterk verweven met de Amerikaanse economie. En China kan leiden in Azië en het heeft Amerika aan zich gebonden via kritieke grondstoffen. Hopelijk kunnen dat soort afhankelijkheden de rust in het systeem bewaren.’
Kindleberger schrijft ook met name over de rol die de hoeder van het financiële systeem moet spelen in tijden van een grote financiële crisis. Maar zo’n crisis is er nu helemaal niet.
‘Dat klopt. Dus het wordt pas echt spannend als er paniek ontstaat op de financiële markten. Dat kan komen door een crisis op de beurs, een barstende bubbel op de huizenmarkt of een crypto bust. Maar het kan ook puur politiek ontstaan. In die zin is Trump zelf de belangrijkste kandidaat. Hij heeft nu alleen nog adviseurs om zich heen die weinig van economie weten of hem juist alleen maar bevestigen en zijn destructieve instincten versterken. Dat biedt een enorm potentieel voor problemen. Uiteindelijk is Trump zelf het grootste risico voor de wereldeconomie.’
Luister hieronder naar onze nieuwspodcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant