Home

Krijgsliteratuur

Al maanden, zo niet jaren word ik achtervolgd door twee kale, gespierde mannen. Ze dragen aardetinten en strakke T-shirts waar je hun tepels doorheen ziet. In de Bruna staren ze me aan, of anders wel vanaf mijn televisiescherm. Ik heb het over Dai Carter en Ray Klaassens: ex-commando’s, tv-persoonlijkheden en bestsellerauteurs.

De tijd dat (ex-)commando’s zich verscholen hielden in helikopters en kazernes ligt ver achter ons. Sinds hun eerste tv-optredens schreven Carter en Klaassens diverse boeken, waarvan meer exemplaren zijn verkocht dan er mannen zijn gesneuveld bij de Slag om Verdun. Tientallen weken infiltreerden ze de Bestseller 60. Deze boeken, met titels als Groeipijn, Mentale kracht en Nu of nooit gaan stuk voor stuk over persoonlijke ontwikkeling. Dat wil zeggen: Carter en Klaassens hebben zich persoonlijk ontwikkeld, en nu is het onze beurt.

Waarom is dit nieuwe genre – in het kielzog van de twee mannen volgden nog vele andere schrijvende ex-militairen – zo waanzinnig populair? En waarom willen lezers zo graag de harde lessen die Klaassens en Carter leerden in Afghanistan en Libanon toepassen op hun kantoorbanen en relaties?

Op het eerste gezicht heeft het iets potsierlijks om je als lezer te willen meten aan de Special Forces. Het idee van commando’s lijkt me juist dat ze over speciale fysieke en mentale capaciteiten beschikken die de gewone burger simpelweg niet heeft en nooit zal hebben. Denk aan een bizar uithoudingsvermogen waarmee je een gewelddadige kidnapping overleeft, of een zelfhulpboek voltooit. Voor het gemak gaan we er maar even vanuit dat het ministerie van Defensie genoeg van deze types heeft verzameld om ons allemaal te beschermen zodra de pleuris uitbreekt (niet ontkennen graag). En in plaats van zich gelukkig te prijzen dat zij niet zo stressbestendig of gedisciplineerd als deze beroepsmilitairen hoeven te zijn, proberen lezers zich massaal aan dit ideaal op te trekken, al is me een raadsel waarom.

Persoonlijke groei is, nou ja, persoonlijk. Ik vind het mooi voor Ray Klaassens dat hij „zich in de jungle van Belize en bij een gijzelsituatie in het Midden-Oosten steeds verder kon ontwikkelen”, maar mijn brein is op geen enkele manier in staat deze anekdotes te vertalen naar de les „treed vaker buiten je comfortzone”. Die ontwikkeling lijkt me meer iets wat je moet overkomen dan wat je met lessen van anderen kan afdwingen. Maar goed, misschien ben ik door die houding wel nooit een commando geworden.

Gelukkig voor Carter en Klaassens, die me even sympathiek als intimiderend lijken, blijven er genoeg andere lezers over. Mogelijk is de toenemende oorlogsdreiging simpelweg de verklaring voor hun groeiende afzetmarkt. Hoe verder Poetin oprukt, hoe meer mensen wel eens even willen leren hoe je dat eigenlijk doet, „veerkracht en weerbaarheid toepassen”. Afgelopen maand bracht Carter een nieuw boek uit: Schokbestendig, met daarin akelig concrete tips over wat te doen „in geval van hoge stress/noodsituaties/eerste hulp/rampen/evacuaties”. Ook Klaassens schreef een nieuw boek, dat in september zal verschijnen: Je bent wat je doet. Ondertitel: De situatie is een gegeven. Hoe je ermee omgaat is je karakter. De situatie: WO III. Hoe we ermee omgaan: hopelijk niet zo beroerd als de vorige keer dat we met de rest van de wereld in de clinch lagen.

Verschil met 1940 is dat de natie nu massaal naar Special Forces VIPS en Kamp van Koningsbrugge (het programma waarmee Klaassens en Carter bekend werden) heeft gekeken. Meer Nederlands dan ooit hebben een korporaal wel eens horen uitleggen dat het allemaal draait om wat er „in je koppie” gebeurt. En anders valt deze boodschap nu dus ook op honderd verschillende manieren na te lezen. Zodra de oorlog uitbreekt, zullen de boekhandels als eerste worden geplunderd.

Source: NRC

Previous

Next