Home

Op safari in Senegal: de bezoeker moet en zal wilde dieren zien, ook al zijn de meeste opgegeten

Veel westerse toeristen zien Afrika nog steeds vooral als een savanne vol wilde dieren. Inspelen op dat ‘Afrika-gevoel’ opende een ondernemer in het van zichzelf savanne-arme Senegal een safaripark met honderden uit Zuid-Afrika ingevlogen dieren.

is correspondent Afrika van de Volkskrant. Hij woont in de Senegalese hoofdstad Dakar.

Met een natte smak landt een bloederig stuk vlees op de legergroene kooi die op het dak van de terreinwagen is bevestigd. ‘Madiba, kom!’, roept Ousmane (32), een Senegalese man met een zwart mutsje op zijn hoofd, vanaf de passagiersstoel. Hij reeg het stuk vlees zojuist aan een dolk, en smeet het door een luikje op de auto.

Naast de auto komt de gigantische leeuw langzaam in de benen. Na twee verrassend behendige sprongen zit het ruim 200 kilo wegende beest op de kooi. Terwijl Madiba het stuk vlees kwijlend verorbert, slaken de drie Canadese toeristen die vlak onder hem op de leren autostoelen zitten zachte kreetjes.

Na de smakelijke snack rekt het kolossale dier zich uit – als hij als een natte hond zijn manen uitschudt, vallen lange kattenharen op de hoofden, kleren en fototoestellen van de drie vrouwen. Pas als de leeuw weer op de stoffige grond gaat liggen, durven twintigers Kamilya Venne en Nadia Lachance en Kamilya’s moeder Samyra weer adem te halen.

Deze zomer bezoekt de Volkskrant elke week een tourist trap: zo’n toeristische trekpleister waar amper lokale bewoners komen en die vaak – maar niet altijd – een uitvergrote versie toont van een nationaal cultureel element.

Eerdere afleveringen uit deze serie vindt u hier.

De drie vrouwen uit Québec zijn bezig met hun ‘toeristische bezoekjes’, nadat ze de afgelopen week vrijwilligerswerk hebben gedaan in de Senegalese hoofdstad Dakar. Een leeuwensafari bij de Ranch de Bandia en het gelijknamige dierenpark aan de overkant van de weg stonden bovenaan hun lijst. ‘We wilden toch even voelen dat we in Afrika zijn’, zegt Kamilya.

Afrika-gevoel

Dat ‘Afrika-gevoel’ blijkt vooral sterk aanwezig bij de westerse toubabs, zoals witte toeristen hier vaak worden genoemd. Met ongeveer 1,5 miljard inwoners mag Afrika dan op Azië na het meest bevolkte continent ter wereld zijn, veel bezoekers uit het Globale Noorden zien het continent toch nog vooral als een veredeld wildpark, met een savanne vol wilde dieren als leeuwen, olifanten, waterbuffels, neushoorns en luipaarden – dieren die op afstreeplijstjes ook wel de ‘big five’ worden genoemd.

In West-Afrika (anders dan in oostelijk en zuidelijk Afrika) komen deze dieren bijna nergens meer in het wild voor. In dit veel dichter bevolkte deel van het continent zijn veel dieren simpelweg opgegeten. Die grotere aanwezigheid van mensen zorgt bovendien voor een veel kleiner leefgebied, dat ook nog eens een stuk droger is. Daardoor heeft een land als Senegal veel minder savannegebied zoals bezoekers die kennen uit tekenfilms van Disney.

Een stukje Kenia

‘Dit is ons paradijs, ons stukje Kenia’, grinnikt Jacques Rezk (56), een forse man in een legergroen shirt dat onder de leeuwenharen zit. In een golfkarretje scheurt de Senegalees-Libanees, de eigenaar van de leeuwenranch van Bandia, langs de zeventien ‘lodges’ die hij naast zijn leeuwenverblijf heeft laten bouwen.

Rezk wijst naar een waterpoel met betonnen randen verderop. ‘We hebben vier giraffen, een hele kudde antilopen en wat zebra’s gekocht’, zegt hij. ‘Die komen in de schemering bij dat waterpunt drinken.’ Zo kunnen de gasten, is het idee, de dieren vanaf hun veranda aanschouwen. Net als in Kenia.

Alle dieren haalde Rezk uit Zuid-Afrika, behalve de zogeheten ‘reuzenelandantilopes’. De herten zijn gevangen in Niokolo-Koba, een nationaal park op 10 uur rijden ten zuiden van de Senegalese hoofdstad Dakar, waar ook olifanten en wilde leeuwen leven. ‘Maar dat is voor de meeste mensen veel te ver weg’, schampert Rezk als hij aan een kop koffie nipt in de cafetaria die hij naast zijn leeuwenverblijf heeft laten bouwen.

Om toeristen in Dakar en de zonnige kuststrook eronder toch tegemoet te komen, haalde Rezk 25 jaar geleden met andere zakenpartners honderden dieren uit Zuid-Afrika. De beesten werden uitgezet in de Réserve van Bandia, een nationaal park dat op slechts een uurtje rijden van Dakar ligt en inmiddels door Rezk en zijn zakenpartners wordt uitgebaat als safaripark, à la Beekse Bergen.

Ranch de Bandia & (aangrenzend) Réserve de Bandia

Toegang: 31 euro p.p. (Ranch), 18,50 euro (Réserve), exclusief vervoer
Aantal bezoekers: 5.000-8.000 per jaar
Organisatie: Jacques Rezk

Het gebied is eigenlijk veel te droog. ‘Het onderhoud kost daarom een fortuin’, zegt Rezk. Alleen in augustus en september, tijdens het Senegalese regenseizoen, is de omgeving groen genoeg om de meeste dieren natuurlijk te voeden. ‘De rest van het jaar moeten we de dieren bijvoeren.’

Geen Senegalese leeuwen

Toch valt er met het bieden van ‘de Afrika-ervaring’ veel geld te verdienen, zag Rezk. Negentien jaar geleden kocht hij een enorme lap grond pal naast de ingang van het park. Hij zette er een gigantische villa op en kocht vier Zuid-Afrikaanse leeuwenwelpen die bezoekers, tegen betaling, konden aaien (dat kan nu niet meer; de welpjes zijn inmiddels volwassen).

‘Tot ze negen maanden oud waren, liepen ze gewoon bij ons thuis’, lacht Rezk. ‘Soms nam ik ze zelfs mee in het zwembad.’ Voor zijn ‘Ranch’ kocht Rezk bewust geen Senegalese, maar Zuid-Afrikaanse leeuwen. ‘Die hebben kortere manen’, zegt Rezk. ‘De bezoekers willen de leeuwen zien die ze kennen van tv.’

Hoe groter de leeuwenranch werd, des te meer ook de kritiek erop toenam. Het houden van leeuwen in kooien (verspreid over 3,5 hectare leven twaalf leeuwen) is dierenmishandeling, vinden activisten van de Senegalese Animal Protection League. Zij zouden liever zien dat de leeuwen worden vrijgelaten in de Réserve van Bandia, waar de dieren meer ruimte zouden hebben.

Volgens Rezk en zijn zakenpartners zou dat de balans in het park echter verstoren; ze zouden te veel andere dieren opeten.

Meer ruimte

‘Ik heb de kritiek ook gezien, online’, zegt de Canadese toerist Samyra Venne, die haar bezoek aan het leeuwenverblijf heeft afgerond en zich bij de ingang van de Réserve meldt voor een safaritour door het park. ‘In Québec hebben we toch ook een dierentuin’, zegt ze schouderophalend. ‘Zo moet je dit ook zien. De dieren hebben hier meer ruimte.’

Ga anders naar...

Zowel bij de rivier de Senegal, in de buurt van de noordelijke stad Saint-Louis, als in de Sine Saloum-delta en rondom de rivier de Gambia leven ruim zeshonderd inheemse (!) vogelsoorten. Ook leven er op een eiland in de Gambia chimpansees, die vanaf het water te aanschouwen zijn.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next