De Boston Consulting Group (BCG) is in grote verlegenheid gebracht, toen bleek dat consultants van de firma onder meer advies hadden gegeven over de verhuizing van een half miljoen Palestijnen uit Gaza. Ondanks alle kritiek blijven veel hulporganisaties samenwerken met het bedrijf.
Wat is er aan de hand bij BCG?
Een reeks van onthullingen van onder meer de Washington Post en de Financial Times heeft de BCG in ernstige verlegenheid gebracht. Het gerenommeerde consultancybureau, dat bedrijven en overheden van advies voorziet, bleek begin juni betrokken te zijn bij het opzetten van het controversiële Gaza Humanitarian Foundation (GHF).
Deze Amerikaanse hulporganisatie is de enige partij is die van de Israëlische overheid hulp mag leveren in Gaza. Reguliere humanitaire organisaties zoals het Rode Kruis worden buitenspel gezet, volgens Israël omdat wil voorkomen dat er hulp bij Hamas terechtkomt. De Israëlische houding druist in tegen het neutraliteitsprincipe van humanitaire hulp, waarbij iedereen wordt voorzien van voedsel en andere hulp.
De VN verzetten zich, net als ruim 240 hulporganisaties, daarom fel tegen GHF, omdat het de hulp zou ‘militariseren’. Bovendien is het hulpdistributiesysteem ‘inherent onveilig’ volgens de secretaris-generaal van de VN. Bij de vier distributiepunten van het GHF zijn de afgelopen weken 674 doden gevallen.
De VN en andere hulporganisaties hadden voorheen nog vierhonderd distributiepunten. Palestijnen moeten nu lange afstanden afleggen door gevaarlijk gebied om voedsel te bemachtigen.
BCG was sinds oktober 2024 betrokken bij de oprichting van het GHF. Het stuurde een team van consultants naar Tel Aviv om vanuit daar te helpen de organisatie op te bouwen. Toen het hulpproject in mei steeds negatiever in het nieuws kwam, trok BCG zich terug.
Na een onthulling van FT over BCG’s betrokkenheid, stuurde het twee partners de laan uit. Het bedrijf zei misleid te zijn: het was in de veronderstelling dat GHF ‘de steun had van meerdere landen en ngo’s’. Het zegt de rekening van 4 miljoen dollar niet te zullen innen.
Was de gifbeker daarna leeg?
Nee. Begin deze maand werd duidelijk dat BCG-consultants ook financiële modellen hebben gemaakt voor reconstructieplannen voor het naoorlogs Gaza. Ze berekenden dat wanneer Palestijnen een ‘relocation package’ ter waarde van 9.000 dollar zou worden geboden, zo’n 500 duizend Palestijnen de Gazastrook zouden verlaten. Volgens het model zou driekwart van hen niet meer terugkeren.
Het rekenmodel is later gebruikt door een groep Israëlische zakenlieden die verschillende toekomstscenario’s schetsten voor Gaza, en die deelden met onder meer het Witte Huis.
De Gazastrook, die volgens het internationaal recht wordt beschouwd als door Israël bezet gebied, zou kunnen veranderen in een economische ‘hub’ met onder meer een ‘Trump Rivièra’ en een ‘Elon Musk Smart Manufacturing Zone’. De waarde van het gebied zou stijgen van 0 naar 324 miljard dollar. Dergelijke plannen komen volgens critici neer op etnische zuivering.
Kort na de tweede onthulling deden twee hooggeplaatste medewerkers een stap terug, hoewel ze wel werkzaam blijven bij BCG. Het gaat om managers die verantwoordelijk waren voor risicobeheersing en ‘social impact’.
Hoe gaat het nu verder met BCG?
Het bedrijf is ‘geschokt en verontwaardigd’, schrijft het in een verklaring. ‘We hebben niet aan onze eigen normen voldaan.’ De rekenmodellen van de medewerkers beschouwt het echter niet als een BCG-project. ‘Dit werd in het geheim uitgevoerd buiten de reikwijdte en zonder goedkeuring van BCG.’ Het heeft een advocatenkantoor ingeschakeld om onderzoek te doen.
In afwachting daarvan zet hulporganisatie Save the Children de samenwerking met het consultancybureau tijdelijk stil. Andere hulporganisaties gaan iets minder voortvarend te werk, blijkt uit een rondgang van nieuwswebsite The New Humanitarian. De meeste willen hun samenwerking niet stopzetten.
Sinds eind jaren negentig zijn steeds meer ngo’s ‘afhankelijk geworden van consultants om hun werk efficiënter in te richten’, zegt een expert tegen de website. Dat leidt tot een potentiële mismatch in waarden tussen de humanitaire sector en die van consultants.
BCG behoort samen met McKinsey en Bain tot de top van het wereldwijde consultancywezen. De sector speelt een niet te onderschatten rol in het adviseren van overheden en bedrijven, maar de sector is niet van controverse gespeend.
Het wordt hun aangewreven dat ze bereid zijn om voor controversiële bedrijven en autoritaire regimes te werken. Hun adviezen zijn invloedrijk, hun werkwijze weinig transparant. De CEO-fluisteraars hoeven publiekelijk geen enkele verantwoording af te leggen.
Dat heeft in het verleden vaker tot schandalen geleid. Zo adviseerde McKinsey farmaceutische bedrijven hoe die gedurende een verslavingscrisis meer verslavende pijnstillers konden verkopen.
BCG raakte eerder in opspraak nadat bekend was geworden dat zijn Portugese consultants waren verwikkeld in een omkopingsschandaal in Angola.
Op de vraag hoe het bedrijf voorkomt dat de ruim tweehonderd Nederlandse medewerkers moreel uit de bocht vliegen, volgt per mail een kort antwoord. De woordvoerder verwijst naar de code of conduct, de gedragscode met ‘BCG’s commitments om verantwoordelijk te handelen’.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant