Een Europees meerjarenbegroting van 2.000 miljard euro: de revolutie is klein maar onmiskenbaar. Het verzet ertegen groot en herkenbaar.
is EU-correspondent van de Volkskrant. Hij woont en werkt in Brussel.
Tweeduizend miljard euro: verrassend oogt het begrotingsvoorstel van de Europese Commissie voor de jaren 2028-2034 zeker. Maar meer dan de omvang is de opzet opzienbarend. Voor het eerst in lange tijd wordt er gemorreld aan de aloude ‘heilige’ uitgavenposten: de subsidies voor landbouw en armere regio’s.
Commissievoorzitter Ursula von der Leyen sprak woensdag bij de presentatie van haar voorstel over de ‘meest ambitieuze meerjarenbegroting ooit’. Om met de getallen te beginnen: 2.000 miljard euro is inderdaad niet eerder voorgesteld. De huidige begroting (2021-2027) bedroeg destijds 1.074 miljard euro. Gecorrigeerd voor inflatie (en een tussentijdse aanvulling) is dat inmiddels 1.280 miljard euro. Vergeleken daarmee betekent het nieuwe voorstel nog steeds een stijging van 56 procent.
De Commissie wijst erop dat 2.000 miljard euro overeenkomt met 1,26 procent van het bruto nationaal inkomen van de EU. De grens voor de lidstaten was altijd 1 procent. Laat je de afbetaling van de leningen voor het Europees Herstelfonds buiten beschouwing, dan stijgt de nieuwe begroting naar 1,15 procent van het EU-inkomen. Meer dan nu, maar niet veel meer, zoals minister Eelco Heinen van Financiën beweert.
Voor Von der Leyen is de hogere begroting een kwestie van de daad (het geld) bij het woord voegen. De wereld verandert snel: Rusland voert oorlog, Amerika trekt zijn handen van Europa af en het tempo waarin de aarde opwarmt versnelt. Top na top pleiten de Europese regeringsleiders voor een sterkere Europese defensie, een veerkrachtiger en groenere economie, minder irreguliere migratie en meer slagkracht voor de EU op het politiek toneel. Laten we dat dan ook doen, aldus Von der Leyen.
Dan de opzet van de voorgestelde begroting, oftewel: waaraan worden al die miljarden straks besteed? Ook hier steekt de Commissie haar nek uit. Nu zijn de subsidies voor landbouw en armere regio’s goed voor twee derde (circa 800 miljard euro) van het EU-budget. Von der Leyen gooit deze gelden samen met een serie andere geldstromen in één nieuwe pot voor nationale en regionale partnerschappen (totaal 865 miljard euro). De directe inkomenssteun voor boeren en een deel van de regio-subsidies blijft geoormerkt, bij elkaar circa 500 miljard euro. Dat betekent dat 300 miljard euro anders besteed kan worden: aan huizen, wegen, opleidingen en veiligheid. Nederland vraagt hier al jaren om.
De nationale plannen betekenen – althans op papier – een vereenvoudiging voor de lidstaten. Het aantal subsidiestromen, met steeds andere criteria, wordt fors beperkt. De uitbetaling van subsidies hangt straks af van geleverde prestaties, in plaats van ingeleverde bonnen. Respect voor de rechtsstaat is een ijzeren voorwaarde. Bovendien moet 35 procent van het geld naar klimaatgerelateerde zaken gaan.
Een andere noviteit is het Europees Fonds voor Concurrentievermogen: 451 miljard euro. Het is het langverwachte antwoord op de – door iedereen bejubelde – adviezen van voormalig ECB-voorzitter Mario Draghi over meer economische groei in Europa. De EU-uitgaven voor defensie worden hiermee vervijfvoudigd.
Ook voor de financiering van het budget stelt de Commissie een kleine revolutie voor. Naast de traditionele inkomstenbronnen – afdracht EU-landen op basis van hun rijkdom; deel van de btw-opbrengst en invoerrechten – introduceert Brussel een viertal nieuwe heffingen. De meest in het oog springende zijn een heffing over elektronisch afval, extra accijns op tabaksproducten (inclusief e-sigaretten en vapes) en een belasting voor grotere Europese bedrijven. De geraamde opbrengst van deze nieuwe inkomsten bedraagt ruim 450 miljard euro. Mede daardoor verandert de bijdrage van de lidstaten aan het nieuwe budget vrijwel niet.
Dat neemt niet weg dat Nederland en Duitsland het begrotingsvoorstel vrijwel direct afwezen. ‘Echt te hoog’, zei minister Heinen over de omvang. De grootte van het budget steekt hem des te meer omdat ook de Nederlandse korting op de EU-betalingen (1,9 miljard euro per jaar) in het voorstel is geschrapt. En dan is er nog de crisisreserve van 400 miljard euro die de Commissie voorstelt: dat riekt naar de door Den Haag verafschuwde eurobonds.
Het ‘nein’ van Berlijn was niet minder categorisch: ‘Wij kunnen dit voorstel niet accepteren’, aldus een woordvoerder van de Duitse regering. ‘Een bak ijswater’, typeerde een EU-diplomaat deze verklaring van Berlijn.
Ook in het Europees Parlement stuit Von der Leyen op forse weerstand. Haar christendemocratische partijgenoten – de grootste fractie – willen niets weten van de nationale en regionale partnerschappen. Zij vrezen dat die ten koste gaan van de subsidiestroom voor de boeren, de vissers en de regio’s. De sociaaldemocraten vrezen op hun beurt dat het geld voor sociale projecten verdwijnt. Een enkele partij, zoals D66, vindt het Commissievoorstel juist veel te mager.
De komende twee jaar zetten de lidstaten en parlementariërs hun tanden in het voorstel. Een besluit valt naar verwachting in de zomer van 2027. Niets staat vast, behalve dat de ambitie uit het Commissievoorstel stevig zal worden afgezwakt. ‘Daarom moet de Commissie nu wel hoog inzetten’, zegt een ervaren EU-diplomaat. ‘Daarna duwen lidstaten en het parlement het plan alleen maar bergafwaarts.’
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Geselecteerd door de redactie
Lees hier alle artikelen over dit thema
Source: Volkskrant