Kaukasus Deze week werd de Nederlandse freelance correspondent Joost Bosman geweigerd aan de grens. De internationale journalisten-organisatie CJP slaat alarm.
Aanhangers van de Georgische oppositie demonstreerden vorig jaar in de hoofdstad Tblisi tegen een wetsvoorstel dat onder meer de persvrijheid inperkt. De wet werd in mei 2024 aangenomen. FOTO David Mdzinarishvili/EPA
Westerse journalisten worden steeds vaker geweigerd aan de grens met Georgië. Het Zuid-Kaukasische land, dat wordt geleid door de regeringspartij Georgische Droom, vaart sinds ruim twee jaar een allengs autoritairder koers en daarmee is ook de persvrijheid ernstig onder druk komen te staan.
Deze week werd de Nederlandse freelance correspondent Joost Bosman, werkzaam voor onder meer Algemeen Dagblad en Het Financieele Dagblad, geweigerd aan de grens, toen hij voor een tweede maal probeerde het land binnen te komen. Vorige maand had hij al problemen op de luchthaven van hoofdstad Tbilisi, toen hij het land wilde verlaten.
Na jaren in Rusland te hebben gewerkt, woonde Bosman sinds vorig jaar in Tbilisi, vanwaar hij als freelancer schrijft over de regio. Hij deed verslag van de antiregeringsdemonstraties die het land sinds de omstreden parlementsverkiezingen van vorig najaar in de greep houden. Demonstranten worden met gezichtsherkenningscamera’s gefilmd en beboet.
Dat overkwam ook Bosman, zo vertelt hij telefonisch aan NRC. Bosman ontving een boete van omgerekend bijna 1.600 euro nadat hij tijdens een demonstratie op video was vastgelegd. Hoewel hij met succes bezwaar aantekende en de boete werd kwijtgescholden, werd hij deze week opnieuw geweigerd. „Het is een heel vreemde zaak”, reageert Bosman, die inmiddels in de Armeense hoofdstad Jerevan verblijft.
De internationale organisatie Committee for the Projection of Journalists (CJP) sloeg begin deze maand alarm over de weigeringen van de Georgische autoriteiten om buitenlandse journalisten het land binnen te laten. Daarnaast worden buitenlandse en Georgische journalisten, die kritisch schrijven over de regeringspartij, lastiggevallen. De Britse freelance onderzoeksjournalist Will Neil zei mikpunt te zijn geworden van een „lastercampagne”, nadat hij een kritisch stuk had gepubliceerd over de oprichter van regeringspartij Georgische Droom, de machtige en sterk pro-Russische oligarch Bidzina Ivanisjvili.
De CJP spreekt over „vijf tot zes” gevallen. Daaronder de Britse Neil, een Zwitserse, een Tsjechische en drie Franse journalisten, die in de periode tussen oktober 2024 en juni 2025 werden tegengehouden aan de grens. De zaak van Bosman komt daar nu bij. De Georgische regering geeft geen, of tegenstrijdige verklaringen voor de weigeringen, die daarmee nogal willekeurig lijken.
In Georgië werken nog tal van westerse en niet-westerse journalisten, onder wie de Nederlandse Trouw-journalist Jarron Kamphorst. Tijdens een demonstratie eind vorig jaar werd een vriend van Kamphorst, de Belg Wietse de Geyter, opgepakt en drie dagen vastgezet op verdenking van „agressie tegen de politie en vernielingen.” De Geyter is geen journalist en de beschuldiging werd niet onderbouwd met bewijs.
Ook onafhankelijke Georgische en Russische journalisten lopen grote risico’s vanwege de autoritaire koers in het land. Ze worden beboet, lastiggevallen en in sommige gevallen gearresteerd. Dat gebeurde met journalist Mzia Amaglobeli van de krant Batumelebi uit de havenstad Batoemi aan de Zwarte Zee. Zij zit sinds januari vast op beschuldiging van fysiek geweld tegen een agent tijdens een demonstratie.
Source: NRC