Home

Nationale Investeringsbank moet voorkomen dat Nederlandse start-ups hun heil in Silicon Valley zoeken

Een ruime meerderheid van de Tweede Kamer wil dat Nederland een nieuwe nationale investeringsinstelling krijgt voor het bedrijfsleven. Het kabinet heeft daar wel oren naar en zet alvast de eerste stap. Zes vragen over de Nationale Investeringsbank.

is politiek verslaggever van de Volkskrant en schrijft over financiën en landbouw.

Waar komt de wens om een Nationale Investeringsbank (NIB) op te richten vandaan?

De Tweede Kamerleden Inge van Dijk (CDA) en Laurens Dassen (Volt) stelden dit in december 2024 voor naar aanleiding van een vergelijkend onderzoek met Europese landen die al een NIB hebben. De onderzoekers concludeerden dat zo’n NIB erg goed is voor het investeringsklimaat, omdat jonge innovatieve bedrijven daar terechtkunnen om hun groei te financieren. Commerciële banken vinden leningen aan start-ups vaak te riskant. Een NIB kan meer risico nemen, omdat zo’n instelling wordt opgericht met overheidssteun.

Alles over politiek vindt u hier.

En het demissionaire kabinet neemt dat voorstel nu over?

Zover is het nog niet. Het kabinet zet een eerste stap door de bestaande investeringsvehikels Invest-NL en Invest International per 1 januari 2028 te laten fuseren. Invest-NL, dat in 2020 werd opgericht met een startkapitaal van 2,5 miljard euro, richt zich op de financiering van innovatieve bedrijven in Nederland. Invest International kreeg bij zijn geboorte een jaar later een startkapitaal van 800 miljoen euro mee. Invest International financiert Nederlandse bedrijven die investeren in ontwikkelingslanden. Een volgend kabinet zou de gefuseerde instelling kunnen opschalen naar een volwaardige NIB.

Waarom is die opschaling nodig?

Uit onderzoek blijkt dat Nederlandse start-ups vooral financieringsproblemen ervaren in de opschalingsfase, dus op het moment dat ze de productie willen verhogen en eventueel willen uitbreiden naar het buitenland. Die fase vereist vaak tussen de 100- en 200 miljoen euro aan investeringskapitaal. De bestaande Nederlandse investeringsinstellingen beschikken over te weinig middelen om in die vraag te voorzien. De geldpotten van Invest-NL en Invest International zijn vrijwel leeg. Het Nationaal Groeifonds, dat in 2020 werd opgericht met een startkapitaal van 20 miljard euro, is door het demissionaire kabinet opgeheven.

Maar er is nu ineens wel geld voor een Nationale Investeringsbank?

Circa vijftig kopstukken uit (voornamelijk) het bedrijfsleven die het kabinet in april opriepen een NIB op te richten, gaan uit van een benodigd startkapitaal van 10- tot 12 miljard euro. Dat zou het kabinet op de begroting moeten vrijmaken. Met dit bedrag als eigen vermogen zou de NIB dan minstens 100 miljard euro aan innovatiekredieten kunnen verstrekken, menen de vijftig NIB-supporters. Als behalve de Rijksoverheid ook pensioenfondsen en andere institutionele beleggers investeren in de NIB, wordt de uitleencapaciteit nog veel groter.

Minister Eelco Heinen van Financiën zei vorige week in De Telegraaf dat hij ‘onder voorwaarden’ bereid is mee te werken aan de oprichting van een NIB. Maar over bedragen wilde hij het nog niet hebben, daarvoor is het nog te vroeg.

Welke landen hebben al een Nationale Investeringsbank?

In elk geval Polen, Duitsland, Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk, Italië en Denemarken. In 2022 had de Duitse KfW-bank 136 miljard euro aan investeringen in Duitse bedrijven uitstaan. Voor het Franse Bpifrance was dat 34 miljard euro en voor het Italiaanse CDP 80 miljard euro. In Nederland telden de vergelijkbare investeringen, verstrekt door meerdere loketten, datzelfde jaar op tot ongeveer 6,2 miljard euro.

Follow the Money rapporteerde onlangs na eigen onderzoek dat Nederlandse start-ups vaker dan jonge bedrijven in andere EU-landen hun heil zoeken bij Amerikaanse durfinvesteerders. Het probleem is dat die rijke Amerikanen in ruil vaak aandeelhouder worden van de Nederlandse groeibriljanten. De innovatieve bedrijven verleggen hun focus dan meer naar de Verenigde Staten en gaan op den duur mogelijk verloren voor Nederland en Europa.

Zijn er ook risico’s verbonden aan een Nationale Investeringsbank?

Het hele idee achter een NIB is dat die meer financiële risico’s op zich kan nemen dan commercieel gerunde banken. Die financiële risico’s komen uiteindelijk bij de staat terecht, de eigenaar van de NIB. De overheid moet startkapitaal verstrekken en/of staatsgaranties afgeven op de aan start-ups verstrekte bedrijfskredieten.

De Studiegroep Begrotingsruimte, een groep topambtenaren die voor elke Tweede Kamerverkiezing advies uitbrengt over het begrotingsbeleid, waarschuwde vrijdag in zijn nieuwe rapport expliciet voor het overmatig verstrekken van staatsgaranties. Het afgeven van overheidsgaranties is verleidelijk, omdat die geen effect hebben op de staatsschuld en het begrotingssaldo. De financiële risico’s worden feitelijk buiten de begroting gehouden totdat het misgaat: dan moet de overheid betalen en is er plotseling een begrotingstegenvaller.

De waarschuwing van de topambtenaren komt op een moment dat het kabinet steeds meer overheidsgaranties afgeeft om de energietransitie mogelijk te maken. Zo heeft het kabinet de aanzienlijke investeringsrisico’s van het CO2-afvang- en opslagproject Aramis overgenomen van Shell en Total, moet het waarschijnlijk de mogelijke exploitatieverliezen van de te bouwen kerncentrales opvangen, en wil het een staatsgarantie van – in eerste instantie – 52 miljard euro geven aan Tennet om de verzwaring van het Nederlandse stroomnet te bekostigen.

Luister hieronder naar onze politieke podcast De kamer van Klok. Al onze podcasts vind je op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next