De negende etappe van de Tour de France zorgde zondag bijna voor een record. Vooral door een lange aanval van ploeggenoten Mathieu van der Poel en Jonas Rickaert werd het de op een na snelste rit ooit.
De renners fietsten de 174 kilometer tussen Chinon en Châteauroux in minder dan 3,5 uur. Ritwinnaar Tim Merlier krijgt een gemiddelde snelheid van 50,013 kilometer per uur achter zijn naam.
In de 112-jarige geschiedenis van de Tour is er maar één etappe (tijdritten niet meegerekend) waarin het sneller ging. In 1999 won Mario Cipollini de vlakke vierde rit van Laval naar Blois met een gemiddelde snelheid van 50,36 kilometer per uur.
Zoals in het onderstaande overzicht te zien is, zijn er geen andere etappes in de historie van de grootste wielerkoers ter wereld waarin het gemiddeld sneller ging dan 50 kilometer per uur.
De razendsnelle etappe komt vooral op het conto van Van der Poel en Rickaert. Het duo van Alpecin-Deceuninck viel aan vanuit de start en reed meer dan 160 kilometer in de aanval. Van der Poel werd pas op 750 meter van de finish bijgehaald door het peloton.
De grote groep moest heel veel moeite doen om de twee vluchters bij te halen. "Ik heb nog nooit zoiets gezien", zei ploegleider Steven de Jongh van Lidl-Trek tegen de NOS.
Het hielp dat het parcours in midden van Frankrijk zo goed als vlak was. De negende etappe is de enige rit in lijn van deze Tour waarin er geen gecategoriseerde klim was. De wind was dan weer niet (constant) in het voordeel van de renners. Door de zijwind viel het peloton in de finale een aantal keer uiteen in waaiers.
Het Tour-peloton krijgt niet direct een kans om bij te komen van de snelle etappe. Normaal zou maandag de eerste rustdag zijn, maar vanwege de Franse nationale feestdag Quatorze Juillet wordt er gewoon gekoerst. De rustdag is pas dinsdag.
Source: Nu.nl sport