Mathieu van der Poel kwam zondag in de negende etappe van de Tour de France heel dicht bij een fenomenale ritzege. De Nederlander reed de hele dag in de aanval met Jonas Rickaert, omdat zijn Belgische ploegmaat een droom had.
Van der Poel en Rickaert zorgden er met z'n tweeën voor dat een op papier saaie sprintetappe een thriller van formaat werd. Het duo van Alpecin-Deceuninck reed ruim 160 kilometer in de aanval. Van der Poel werd pas op 750 meter van de streep in Châteauroux bijgehaald door het peloton.
De voormalig wereldkampioen vertelde na afloop dat hij de zeer verrassende actie was gestart in dienst van zijn trouwe knecht Rickaert. "Jonas had een droom om ooit op een Tour-podium te mogen staan, met de prijs van de strijdlust", vertelde Van der Poel bij de NOS. "Daar wilde ik hem vandaag bij helpen."
De etappewinst was niet het doel toen de teamgenoten vanuit de start demarreerden, maar tijdens de rit werd een zege opeens wel realistisch. Van der Poel en Rickaert haalden samen een gemiddelde snelheid van bijna 50 kilometer per uur en pakten een voorsprong op het peloton van een kleine zes minuten.
In de laatste 10 kilometer was de marge nog een minuut. Rickaert kon niet meer, waarna Van der Poel solo verderging. Vlak voor de finish werd hij bijgehaald en sprintte Tim Merlier naar de winst. "Ik heb nooit echt geloofd dat het zou lukken" zei Van der Poel. "Maar op het einde hoopte ik wel dat het tot iets zou leiden. En niet tot teruggepakt worden met de streep in zicht."
Source: Nu.nl sport