Niemand heeft een antwoord op Tadej Pogacar in de etappe naar Mûr-de-Bretagne. De Sloveen wint en neemt het geel weer over van Mathieu van der Poel, die op achterstand finisht.
is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.
Even slingert Tadej Pogacar over de steil oplopende weg richting de finish in Mûr-de-Bretagne. Hij draait zijn hoofd, monstert de gezichten van de mannen achter hem. Het is nog een kilometer te rijden. Zij weten allemaal wat de Sloveen van plan is. Maar zij willen hem van die nagenoeg zekere zege afhouden. Maar hoe?
Niemand heeft het antwoord. Als één bewegen ze naar de eindstreep, gegangmaakt door Pogacars teammaat Jhonatan Narvaez. De weg vlakt af en dan met nog zo’n 200 meter te gaan zet Pogacar aan. De enige die mee kan komen in zijn razende eindsprint is Jonas Vingegaard, maar eroverheen komt de Deen niet. Pogacar wint en neemt de gele trui (weer) over van Mathieu van der Poel.
Had een scriptschrijver het voor het zeggen gehad, dan was de uitkomst van de zevende etappe wel duidelijk geweest. Een zege in het geel voor Van der Poel. Juist hier op de plek waar de Nederlander in 2021 voor het eerst een Tour-etappe won. Waar hij voor het eerst de gele trui veroverde. Waar hij naar de hemel wees, naar zijn grootvader Raymond Poulidor, die de maillot jaune nooit droeg.
Maar ja, de Tour wordt niet geschreven en Pogacar geeft geen cadeautjes. Voor de start in Saint-Malo was de Sloveen voor de camera van Eurosport al vrij duidelijk over zijn ideale scenario voor de etappe. Zo min mogelijk energie verbruiken tot de finale en dan met een groepje de laatste heuvelachtige kilometers in. Hij zag zichzelf waarschijnlijk al wel winnen op de steile aankomst in Mûr-de-Bretagne.
Zelfs het gunnen van de gele trui aan Van der Poel op donderdag was niet werkelijk een cadeau. Het kwam Pogacar ongetwijfeld goed uit om even een dagje de luwte van het peloton op te zoeken. Om zich op te laden voor de weken die nog komen én voor de finale van de vrijdagrit. Hoe onbevangen hij soms ook koerst, de Sloveen is verstandig genoeg om te weten dat zelfs hij zijn energie moet doseren.
Een mooie bijkomstigheid: door Van der Poel donderdag de kans te bieden de vlucht te nemen, matte Pogacar zijn voornaamste concurrent voor Mûr-de-Bretagne ook nog eens flink af. Het uitpakken van Pogacars presentje kostte Van der Poel alle energie die hij in zijn lijf had, bijna zwalkend kwam hij donderdagmiddag aan de finish en dat allemaal voor een marge van slechts één tel. Hij zal het vrijdag nog in zijn lijf gevoeld hebben.
Het duurde een dik uur voordat het plan van Pogacar vorm kreeg. Met wind in de rug en aanvalslust te over vloog het peloton vanuit Saint-Malo door Bretagne. Na een uur koers had het peloton al 54 kilometer afgelegd. En een kopgroep was er nog niet geformeerd. Dat gebeurde pas toen het parcours even later naar het noorden draaide en er een vijftal toch de ruimte kreeg: Alex Baudin, Marco Haller, Ewen Costiou, Ivan Garcia Cortina en Geraint Thomas, tourwinnaar in 2018.
Kans op de zege hadden ze geen moment. Belangrijkste reden: Nils Politt die op zijn parelwitte tanden bijtend gevoelsmatig urenlang het tempo op kop van het peloton bepaalde. De Duitser, ploeggenoot van Pogacar, hield het kwintet voortdurend binnen schootsafstand. Hun voorsprong bleef steken op zo’n anderhalve minuut. Met nog 12 kilometer te gaan werd de laatst overgeblevene van de groep, Costiou, opgeslokt door de groep met de topfavorieten.
Pogacar kreeg de finale waarop hij had gehoopt. Ook met dank aan Visma-Lease a bike, dat met Jonas Vingegaard ook kansen zag en hard op kop van het pelotonnetje ging rijden, waar diep in de finale nog een valpartij was waar Pogacars belangrijkste adjudant Joao Almeida op de grond belandde. Maar de Sloveen had nog genoeg andere steunpilaren.
Toen de groep aan de slotklim was begonnen, was Van der Poel een van de eersten die niet meer konden volgen. De ene seconde die hij had was zo vervlogen. Uiteindelijk kwam hij als 22ste over de finish, op 1 minuut en 20 seconden achterstand.
Terwijl Van der Poel werd gelost, peddelde Pogacar een stuk voor hem ogenschijnlijk op zijn gemak de steile heuvel op. Hij zette zijn sprint precies zo in als hij voor ogen had, won zoals hij wilde en pakte de gele trui weer terug – ook precies zo als hij van plan was.
Nee, de Tour wordt niet geschreven of het moet door Tadej Pogacar zijn.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant