Ik kan mijn eigen humeur peilen als ik over de slotjesbrug fiets. Als ik in een goed humeur ben, voel ik gewoon milde irritatie jegens de slotjesbrug. Als ik in een slecht humeur ben, voel ik intense haat: jegens de slotjes, de toeristen die de slotjes aan de brug hangen en de krankzinnige die ooit bedacht heeft dat het leuk zou zijn om een mooie oude brug te bestempelen als pleisterplaats voor slotjes die domme toeristen er als blijk van liefde aan hangen.
Elke wereldstad heeft zo’n clusterplek voor slotjes. Ik fiets wekelijks over de witte, houten brug over de Groenburgwal in Amsterdam, die het slachtoffer is geworden van de slotjesgekte. Eens in de zoveel tijd zie ik een man van de gemeente ze met een grote tang er geduldig afknippen, want de slotjesbrug is net zoals veel in Amsterdam iets wat vagelijk gedoogd wordt, maar niet mag.
Al gauw na dat knipwerk verzamelen de slotjes zich opnieuw om de spijlen van de brug, als mosselen. De brug heet op sites voor toeristen de Liefdesslotjesbrug of, nog erger, de ‘Love Lock Bridge’.
Nu heeft de gemeente Amsterdam iets bedacht, en dat is een groot, drijvend hart in de Groenburgwal. Het hart ligt in het water, en op dat hart zijn honderden kleine slotjes bevestigd. Toeristen gaan op de brug staan en maken foto’s van dat monsterlijke hart in het water. Erop zit de sticker die momenteel op alles zit wat je in Amsterdam aantreft, namelijk die met het logo van 750 jaar Amsterdam. Elke voorstelling, elk museum, elke scheet die er in de stad wordt gelaten en elk drijvend hart met slotjes eraan is er dit jaar in het kader van de stad die 750 jaar bestaat.
Het voordeel aan het hart is dat het aantoont dat er iets bestaat dat nog ergerlijker is dan een brug met slotjes, en dat is een drijvend hart met slotjes. Het nadeel is dat de toeristen nog langer stilstaan op de krappe brug, want eerst moeten ze een slotje ophangen aan de brug, dan een foto maken van hun slotje en dan nog een foto van het rare drijvende slotjeshart.
Niemand kan zijn slotje zelf op het hart bevestigen, want het ligt midden in het water, dus ik vermoed dat het kunst is. Er zit natuurlijk een QR-code op, waarmee je ongetwijfeld kunt uitvinden wat het hart betekent (laat me raden, iets met liefde). Maar ik ga me niet verlagen tot het scannen van een QR-code op een drijvend slotjeshart in een gracht.
Ik fiets er gewoon nog woedender langs dan toen het alleen nog maar een brug vol aangekoekte slotjes was, en zo raak ik weer lekker in contact met mijn eigen humeur.
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant