De tijdrit in Caen leverde twee winnaars op en één duidelijke verliezer. Remco Evenepoel won de etappe, Tadej Pogacar greep het geel en Jonas Vingegaard vermorste tijd.
is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.
De enige vlakke tijdrit van de Tour de France is gewonnen door Remco Evenepoel. De Belgische regerend wereld- en olympisch kampioen in deze discipline was in de vijfde rit veruit de snelste. De gele trui ging over van Mathieu van der Poel naar Tadej Pogacar, die tweede werd op ruim 16 seconden van de winnaar.
Evenepoel had, anders dan klassementsfavorieten Pogacar en Jonas Vingegaard, al tijd verloren in de eerste dagen van de Tour. Valpartijen en de verkeerde waaier in de openingsrit hadden hem op een achterstand gezet, die bij de start van de tijdrit 58 seconden bedroeg op Pogacar.
Hij was vastbesloten daar weer wat vanaf te halen. Ondanks zijn sterke optreden bedroeg woensdag aan het einde van de middag het verschil met Pogacar nog steeds 42 seconden, omdat de Sloveen ook een goede dag kende.
Pogacar snoepte de gele trui af van Van der Poel. De Nederlander die na gisteren in tijd gelijk stond met de Sloveen deed alles wat hij kon, maar eindigde als 18de. Hij zakt naar de zesde plaats in de algemene rangschikking, op 1 minuut en 28 seconden van Pogacar. Van der Poel weet dat – als hij de leiderstrui wil heroveren – hij de komende twee etappes voor de ontsnapping moet gaan.
Tegenvallend was het optreden van Jonas Vingegaard. De tweevoudig Tourwinnaar wordt als belangrijkste uitdager van Pogacar gezien, maar verspeelde 1 minuut en 5 seconden op de Sloveen. Hij eindigde pas als 13de op 1 minuut en 21 seconden van Evenepoel.
De Deen zal op een andere uitkomst hebben gehoopt. In 2023, toen hij zijn tweede Tour won, versloeg hij Pogacar in een tijdrit. Vingegaard zakt naar de vierde plaats, op 1 minuut en 13 seconden van Pogacar, een plekje onder de verrassend goed rijdende Fransman Kevin Vauquelin.
De 33 kilometer die vanuit Caen door het gebied ten noorden van de stad weer terugvoerden naar het centrum waren vlak. Niet naar Nederlandse poldermaatstaven, maar wel in de ogen van de profrenners. Zij zullen nauwelijks geschakeld hebben voor de lichte glooiingen in de weg. De wind was aanvankelijk nauwelijks aanwezig, maar leek later aan te trekken en in een iets ongunstigere richting te draaien.
Ondanks de wind ging het razendsnel. Tenminste bij degenen die ervoor gingen. Sommige renners deden het rustig aan met het oog op de zware etappes die nog komen. Wout van Aert bijvoorbeeld, in het verleden tweemaal winnaar in een Tourtijdrit. De Belg eindigde als honderdste.
Edoardo Affini, tijdrijder van Visma-Lease a bike, zat anders in de wedstrijd en was de eerste die een scherpe tijd zette. De Italiaan ging vanwege zijn lage positie in het algemeen klassement vroeg van start en legde de 33 kilometer af in 37 minuten en 15 seconden. Gemiddelde snelheid: 53,2 kilometer per uur.
Europees tijdritkampioen Affini zou bijna drie uur in de hotseat zitten, nadat hij bijna vrij snel door Bruno Armirail uit zijn stoel was gestoten. Armirail strandde op slechts 2,5 seconden van de Italiaan. Uiteindelijk kwamen alleen Pogacar en Evenepoel onder de tijd van Affini. De Belg was zelfs 33 seconden sneller, met een gemiddelde van 54 kilometer per uur.
Dat is ontstellend hard, maar nog niet in de buurt van de recordsnelheden van de Tour. In een tijdrit langer dan twintig kilometer staat dat nog altijd op naam van Greg Lemond: 54,5 gemiddeld. De Amerikaan reed die snelheid in 1989 over 24,5 kilometer van Versailles naar Parijs, weliswaar wind mee en ook nog eens lichtjes bergaf.
Het was die legendarische slottijdrit waarin Lemond, met een triatlonstuur op zijn fiets, zijn tweede eindzege boekte. En hij uiteindelijk na drie weken wedstrijd met slechts 8 seconden de zwaar ontgoochelde Laurent Fignon voorbij ging.
De absoluut snelste Tour-tijdrit is minder lang geleden. Het was de relatief korte strijd tegen de klok die in 2015 in Utrecht werd gereden, de openingsrit van dat jaar. Over een parcours van 13,8 kilometer door de Domstad kwam de Australiër Rohan Dennis tot een gemiddelde snelheid van 55,4 kilometer per uur.
Die records blijven staan, maar daar zal Evenepoel niet om malen. De Belg zal blij zijn dat hij zich weer hoger in het klassement heeft genesteld en de moeizame opening van zijn Tour weer een flink stuk heeft rechtgetrokken.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant