Een Franse schermster die positief op doping testte omdat ze met haar vriend had gezoend, is alsnog vrijgesproken van dopinggebruik. Het internationale sporttribunaal Cas gelooft haar uitleg. Antidopingexperts pleiten voor de invoering van grenswaarden, om dit soort zaken te voorkomen.
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft met name over sport en media.
Als het aan de mondiale antidopinginstantie Wada had gelegen, was schermster Ysaora Thibus (33) zwaar bestraft voor de zoenpartij met haar vriend, in januari 2024. Hij, zelf ook een internationaal schermer uit Amerika, had een voor sporters verboden middel gebruikt en dat was via de uitwisseling van speeksel in Thibus’ lichaam terechtgekomen.
Omdat de internationale schermbond geen straf wilde opleggen, stapte het Wada naar sporttribunaal Cas. Dat geeft Thibus gelijk, bleek maandag. De arbiters geloven haar uitleg dat ze het spierversterkende middel ostarine niet zelf heeft ingenomen. Volgens het tribunaal staat wetenschappelijk vast dat de hoeveelheid ostarine waarop Thibus positief testte, via speeksel kan zijn overgedragen.
Floretschermster Thibus, de wereldkampioen van 2021, is niet de eerste topsporter die probeert aan te tonen dat zoenen of seks een positieve dopingtest kan opleveren. De Franse tennisser Richard Gasquet is er het bekendste voorbeeld van. Hij testte in 2009 positief op cocaïne tijdens een toernooi in Miami en dreigde voor twee jaar te worden geschorst. Zijn advocaten spoorden echter de vrouw op met wie hij in een club had gezoend. Zij verklaarde tijdens haar getuigenis verslaafd te zijn aan cocaïne, waarna Gasquet in hoger beroep werd vrijgesproken.
De wereldwijde dopingregels bieden weinig speelruimte aan topsporters. Ze zijn zelf verantwoordelijk voor alles dat in hun lichaam komt, of dat nu is door de medicijnen die ze innemen of omdat ze per ongeluk een besmet stuk voedsel hebben gegeten.
Talloze sporters hebben hun straf met wisselend succes aangevochten, onder wie wielrenner Alberto Contador. In zijn urine was een minieme hoeveelheid clenbuterol gevonden: 50 picogram per milliliter, ofwel 0,00000000005 gram. Volgens Contador had hij tijdens de gewonnen Tour de France in 2010 een uit Spanje meegebracht stuk gecontamineerd vlees gegeten. Die uitleg hielp hem niet, Contador werd alsnog voor twee jaar geschorst.
In 2016 ontsnapte wereldkampioen polsstokhoogspringen Shawn Barber vlak voor de Olympische Spelen van Rio de Janeiro aan een jarenlange schorsing. Een tuchtrechter geloofde het verhaal dat zijn vrouw voor de seks cocaïne had ingenomen, en dat Barber daar niets van wist.
Gezien de zaak-Thibus wil de mondiale antidopinginstantie Wada er niets van weten, maar nationale antidopinginstanties pleiten al langer voor het invoeren van grenswaarden bij dopingcontroles. Nu maakt het niet uit hoeveel er van een verboden stof in het lichaam van een sporter wordt gevonden: alles meer dan nul is al te veel. ‘En doordat de laboratoria steeds beter kunnen testen, worden ook de kleinste hoeveelheden opgemerkt’, zegt voorzitter Vincent Egbers van de Nederlandse Dopingautoriteit.
Egbers vindt het daarom, net als bijvoorbeeld zijn Amerikaanse collega’s, hoog tijd om afspraken te maken over een ondergrens. Cruciaal daarbij is of de sporter profijt kan hebben gehad van de hoeveelheid van het middel die bij hem of haar wordt aangetroffen. ‘Cocaïne testen we bijvoorbeeld ook niet buiten wedstrijden om, omdat dat effect in de wedstrijden dan al is uitgewerkt.’
Zijn Amerikaanse collega Travis Tygart waarschuwt sporters zelfs openlijk om beducht te zijn voor de risico’s van een onenightstand, of een avondje zoenen bij het uitgaan. ‘Kijk uit wie je kust en pas op met wie je intiem bent’, zei Tygart in mei bij een sportconferentie in Londen.
Zover wil Egbers niet gaan: ‘Het leven moet wel een beetje leuk blijven.’ Topsporter zijn – en je conformeren aan alle antidopingregels – vraagt al veel van de atleet, zegt hij. ‘Als sporters naar de risico’s van het zoenen vragen, vertellen we er wel over. Maar we waarschuwen er niet specifiek voor.’
Het noteren van de contactgegevens van degene met wie je zoent of naar bed gaat, behoort daarom niet tot de voorlichting die sporters van de Dopingautoriteit krijgen. Egbers: ‘Maar als je tegen een positieve dopingtest verweer gaat voeren, moet je wel kunnen aantonen dat je onschuldig bent.’ Dan kan het helpen, zegt hij, om te weten aan wie je als sporter jouw positieve dopingtest te danken hebt.
Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.
Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant