Zeker 85 duizend kinderen in Nederland groeien op zonder fiets, en dat in een land dat meer fietsen telt dan inwoners. Met inzamelingsacties van ongebruikte fietsen probeert onder meer de ANWB armlastige gezinnen te helpen. Bij circulair ambachtscentrum De Terugwinning in Woerden weten ze er alles van.
is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.
Pedalen bevestigen, remmen controleren, spatborden vervangen en banden checken: de fietsmonteurs van ‘circulair ambachtscentrum’ De Terugwinning in Woerden laten zich niet makkelijk afleiden. In rap tempo werken ze op een donderdagochtend een lange rij fietsen weg.
‘Ik zie dit helemaal niet als werk, maar als een hobby’, zegt de 34-jarige Domingo, terwijl hij aan een fietswiel sleutelt. ‘Het voelt goed om te weten dat de fietsen die ik repareer, een kind blij maken.’
Met nog zo’n negen collega’s werkt hij aan tien tot twintig fietsen per dag. Schroeven netjes in bakjes. Fietsbellen en zadels gesorteerd in kasten. De werkplaats in Woerden is een van de partners van de ANWB bij het verzamelen en repareren van fietsen voor kinderen die in armoede leven. Lokale hulporganisaties delen de opgeknapte fietsen vervolgens uit.
Het idee hiervoor ontstond tien jaar geleden, zegt Nynke Bakker, projectleider van het ANWB-kinderfietsenplan. Haar organisatie werd in 2015 benaderd door de Giovanni van Bronckhorst Foundation. Die stichting had in een Rotterdamse wijk een evenement georganiseerd voor arme kinderen, en kwam erachter dat de doelgroep geen vervoer had om naar de plek van het evenement te komen.
Bakker: ‘De stichting vroeg ons om fietsen te regelen voor de kinderen. We ontdekten dat in heel Nederland kinderen als gevolg van armoede zonder fiets zitten.’
Anna Custers, als lector armoede interventies verbonden aan de Hogeschool van Amsterdam, benadrukt het belang van een fiets voor kinderen. Ze wijst op bestaande regelingen voor armlastige gezinnen – zoals hulp bij aanschaf van schoolboeken, bijdragen aan de contributie van de sportclub of een stadspas om uitjes te kunnen betalen – die ouders helpen om hun kinderen mee te laten doen met de samenleving. Custers: ‘Je ziet dat ouders veel gebruik maken van die regelingen, maar zonder vervoermiddel blijft het voor een kind moeilijk om volwaardig deel te nemen.’
Natalia Dura (30) uit Almere kreeg vorig jaar een fiets toebedeeld voor haar nu 13-jarige zoon Noah. ‘Ik ben slachtoffer van de toeslagenaffaire en er was geen geld over om te investeren in een fiets voor mijn zoon.’ De basisschool was voor Noah dichtbij genoeg om te lopen, maar nu hij sinds vorig jaar op de verder weg gelegen middelbare school zit, is lopen eigenlijk geen optie meer, zegt Dura. ‘Bovendien zit hij nu op voetbal.’ En ook dat sportcomplex is te ver van huis om te lopen.
De kritiek die klinkt op dit soort initiatieven is dat het veelal blijft bij pleisters plakken. Een meer systemische aanpak van armoede richt zich op het versimpelen van regelingen en het verhogen van het sociaal minimum, zegt Custers. ‘Bij dat laatste punt worden overigens wel al stappen gezet, onder meer door toeslagen te verhogen; het aantal gezinnen in Nederland dat onder de armoedegrens leeft, is de afgelopen jaren afgenomen.’ Volgens de laatste cijfers leven in Nederland nog honderdduizend kinderen in armoede.
De ANWB kreeg dit jaar van Stichting Leergeld te horen dat nog ruim 85 duizend kinderen in armoede een fiets nodig hebben. Nederland telt zo’n 24 miljoen fietsen. Het doel van de ANWB is zoveel mogelijk ongebruikte fietsen in te zamelen, op te knappen en aan kinderen te geven die een fiets nodig hebben. Projectleider Bakker: ‘Een fiets is essentieel voor een kind om mee te kunnen doen.’
Dat er grote vraag is naar fietsen, is goed te zien op de werkplaats van De Terugwinning in Woerden. ‘Twee jaar geleden bestond deze ruimte nog niet’, vertelt Ad (64), sinds vijf jaar chef van de werkplaats – waar hij naar eigen zeggen vooral rondloopt om de monteurs te ondersteunen. ‘Waar we het eerst nog met drie werkplekken moesten doen, hebben we nu twee keer zoveel plekken om fietsen op te hangen.’
Bij het circulair ambachtscentrum werken allerlei mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Zo ook de 34-jarige Mohaned uit Syrië, die onverstoorbaar een roze kinderfiets aan het inspecteren is. Hij kwam twee jaar geleden naar Nederland, samen met zijn vrouw en kinderen, en is inmiddels statushouder.
In Turkije werkte hij een aantal jaar in een naaiatelier, waar hij zich bezighield met het maken van bekleding voor autostoelen. ‘Toen ik de kans kreeg om hier aan het werk te gaan, heb ik die meteen gepakt. Het is dankbaar werk. Soms komen de gezinnen voor wie je een fiets hebt gemaakt naar je toe om je te bedanken. Dat voelt goed.’
Soms gaat het ook anders, blijkt vlak voor de lunchpauze als Ad op zijn schouder wordt getikt door een collega met een fiets in de hand waarvan acht spaken zijn losgeraakt. ‘Die hebben we drie maanden terug pas uitgedeeld’, zegt Ad fronsend. De fiets is nu voor een onderhoudsbeurt afgeleverd, maar dit is geen gewoon onderhoud meer. Hij wil de ouders even spreken. Ad: ‘Dat kan een nadeel zijn van een gratis fiets: je voelt je er minder verantwoordelijk voor.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant