Een deel van de Iraniërs is teleurgesteld dat het islamitische regime nog overeind staat na de Israëlische en Amerikaanse aanvallen van een week geleden. Ze lijken alweer terug bij af. Maar een regimewissel was geen serieuze optie, zeggen experts tegen NU.nl.
Farhad* is een week na zijn vlucht uit de hoofdstad weer teruggekeerd naar Teheran. De 39-jarige handelaar in koffieapparaten was kort na de start van de Israëlische aanvallen met zijn gezin vertrokken. In een overvolle auto reden ze naar de bergen ten noorden van Teheran. Over een rit die doorgaans maar vier uur duurt, deden ze er elf. Onderweg zagen ze dichtgeslibde uitvalswegen en mensen die met elkaar vochten om benzine.
Maar opgelucht is de Iraniër niet, nu de aanvallen voorbij zijn en hij weer thuis is. Hij koesterde de hoop dat het Israëlische en later Amerikaanse offensief niet alleen nucleaire installaties maar ook het regime omver zou blazen. Hoewel het leger forse klappen kreeg en er zelfs speculatie was over het ombrengen van ayatollah Khamenei, lijkt het einde van de Islamitische Republiek bij lange na niet in zicht.
Dat zo’n regimewissel er eventueel zou komen met hulp van aartsvijand Israël, was verre van ideaal. Toch was het volgens een deel van de Iraniërs beter dan de status quo. "Eindelijk kreeg het regime een schop tegen de kont", laat Farhad via WhatsApp weten aan NU.nl. Natuurlijk was hij bang dat hij vrienden en familie zou verliezen, schrijft hij. "Maar elke interventie is welkom."
Iran-expert Peyman Jafari herkent dat sentiment bij een deel van de Iraanse bevolking. Hij heeft het over het principe waarbij 'de vijand van mijn vijand als vriend wordt gezien'. "Die groep denkt: wat is het fijn dat degene die mij heeft aangevallen, nu zelf wordt aangevallen."
Volgens Jafari heerste dat gevoel vooral bij de start van de Israëlische aanval. Toen Israël ook ziekenhuizen en burgers aanviel, stelden veel Iraniërs dat standpunt snel bij.
Het is moeilijk om vast te stellen hoeveel Iraniërs er zo over denken. Volgens onderzoek, onder meer door de Universiteit Utrecht in 2023 wil 80 procent van de Iraniërs af van de Islamitische Republiek. De groep die daarbij hulp van Israël zou aanvaarden, is veel kleiner, benadrukt Jafari. "Maar het is wel een substantiële minderheid van miljoenen mensen."
Ook Damon Golriz, strategisch Iran-analist, hoorde veel Iraniërs die kansen zagen in de Israëlische aanvallen. Maar tegelijkertijd noemt hij het idee van een regimewissel "simplistisch en wishful thinking".
Volgens Golriz doen de huidige machthebbers er alles aan om hun gezag te behouden. En als het regime valt, zou dat tot grote chaos kunnen leiden, vreest hij. "Zoals een Arabisch gezegde stelt: een jaar anarchie is erger dan zestig jaar tirannie."
Jafari zegt dat het bovendien makkelijker gezegd dan gedaan is om "de boel even om te gooien". Juist op dit moment ziet hij hoe de Basij volop aan het rekruteren is. Dat is een paramilitaire militie die trouw is aan de ayatollah. "Die hebben de wapens. En iedereen die in opstand komt, heult in hun ogen met de vijand."
Dat laatste werd de voorbije dagen duidelijk. Na het staakt-het-vuren zoeken de machthebbers naar spionnen. Er zijn al 700 mensen opgepakt op verdenking van spionage voor Israël, melden staatsmedia. Een aantal van hen is opgehangen.
De Iraniërs die af willen van de ayatollah en diens eliteleger, de Revolutionaire Garde, weten inmiddels niet meer goed op wie ze nog kunnen rekenen. Activisten die zich publiekelijk hebben uitgesproken tegen het regime, zitten vaak in de gevangenis.
Sommigen kijken voor lichtpunten naar het buitenland. Een naam die vaak valt, is die van Reza Pahlavi. Hij is de zoon van de laatste Iraanse sjah of 'koning'. Die ontvluchtte het land tijdens de Islamitische Revolutie in 1979. Dat jaar keerde ayatollah Khomeini terug naar Iran na ballingschap in Parijs.
Velen denken dat dit nu in omgekeerde richting zou kunnen gebeuren, stelt Golriz. Pahlavi zou dan een democratische transitie in Iran kunnen leiden.
Jafari is er niet van overtuigd dat Pahlavi die belofte kan inlossen. "Het is wel een klinkende naam", stelt hij, "maar de man is er niet in geslaagd een grote partij op te zetten die de zogenaamde Iraanse monarchisten verenigt." Een andere verzetsbeweging die vanuit het buitenland opereert, is de Volksmoedjahedien (MEK). Die is volgens Jafari beter georganiseerd, maar niet geliefd bij een groot deel van de Iraanse bevolking.
Het geeft Farhad op dit moment allemaal weinig hoop. Hij is het niet eens met de overtuiging dat Iraniërs zich zonder buitenlandse hulp moeten verzetten. "We hebben ons al meermaals zelf verzet tegen het regime", zegt hij. "Maar dat is elke keer mislukt." Eerdere demonstraties, zoals die in 2009 en 2022 werden neergeslagen, met vele doden en gewonden tot gevolg.
"Ik zie geen rooskleurige toekomst voor mezelf, tenminste niet in de komende jaren", besluit Farhad. "In een democratische samenleving heb je mensen die gekozen zijn om je belangen te verdedigen. Wij hebben niemand, alleen onszelf."
*Farhad is een gefingeerde naam. Zijn echte naam is bekend bij de redactie.
Source: Nu.nl algemeen