Home

Verboden Pride in Boedapest: ‘Hongaren die er nooit naartoe gaan, gaan nu wel’

In Boedapest wordt zaterdag de Pride gehouden, ondanks een verbod van premier Viktor Orbán. Er is meer belangstelling dan ooit. ‘Dit gaat ten eerste over lgbtq+-rechten, maar als je uitzoomt is de Pride een politiek zeer belangrijk moment’, zegt correspondent Arnout le Clercq.

is nieuwsverslaggever van de Volkskrant.

Dag Arnout, je bent al sinds begin deze week in Boedapest voor de Pride. De regering-Orbán verbood die, maar de burgemeester organiseert hem nu alsnog. Welke sfeer hangt er in de stad?

“Dit evenement trekt altijd wel aandacht, maar dit jaar is de spanning groot door het verbod en de juridische strijd eromheen. Er komt veel samen, want dit raakt ook de vrijheid van vereniging en meningsuiting.

“Er is veel onzekerheid over wat de politie zaterdag gaat doen. De mensen die ik spreek zijn strijdbaar, ze willen zich niet bang laten maken, maar ze zijn wel op hun hoede voor de reactie van de politie. Bovendien is er een tegendemonstratie van Mi Hazánk (Ons Vaderland), de enige partij ter rechterzijde van Viktor Orbáns partij Fidesz. Die demonstratie is wel toegestaan, heeft de partij gezegd.”

Kun je schetsen welke politieke strijd ertoe heeft geleid dat deze Pride onder hoogspanning staat?

“Orbáns regering maakt van lgbtq+-rechten een cultuuroorlog, door ze af te schilderen als een ideologie. Daarin zit de oerconservatieve connotatie dat homoseksualiteit gevaarlijk zou zijn voor kinderen. Al in 2021 nam het Hongaarse parlement een wet aan over ‘kinderbescherming’, waardoor alles wat te maken heeft met lgbtq+’ers niet getoond mag worden aan iedereen onder de 18 jaar.

“Vervolgens is er in april een grondwetswijziging doorgevoerd waarmee deze kinderbeschermingswet voorrang krijgt op het recht op vereniging en demonstratie. Daarmee kon de Pride in Boedapest verboden worden. Dat overstijgt lgbtq+-rechten. Het kan worden gebruikt om uiteindelijk ook andere demonstraties te verbieden, zo beargumenteren mensenrechtenorganisaties. Dat raakt alle Hongaren.

“De burgemeester van Boedapest, Gergely Karácsony, heeft vervolgens van de Pride een gemeentelijk evenement gemaakt dat buiten het demonstratierecht valt. Maar de politie, die onder het ministerie van Binnenlandse Zaken valt, ziet het protest desalniettemin als verboden.”

Wat gaat er zaterdag gebeuren met deelnemers aan de Pride?

“Dat is de grote vraag. De politie heeft gedreigd met gevangenisstraffen voor organisatoren, deelnemers kunnen een boete van omgerekend 500 euro krijgen. De Hongaarse wet staat toe dat er gezichtsherkenningssoftware ingezet kan worden, waardoor deelnemers achteraf een boete kunnen krijgen. Dat is de grote vrees.

“Aan de andere kant gaat het om een normale, vreedzame bijeenkomst met heel veel Hongaarse burgers. Daar zitten ook gezinnen met kinderen bij, of mensen met een beperking. Wat gaat de politie dan doen? Achter de schermen wordt wel gezegd dat de politie niet met geweld zal ingrijpen.”

Ondertussen is de belangstelling enorm gegroeid.

“Het succes van deze verboden Pride hangt voor een groot deel samen met de opkomst, en bovendien uit welke hoeken van de samenleving de demonstranten komen. Ik heb deze week veel mensen gesproken die niet queer zijn en normaal ook niet zouden gaan, maar dat nu wel van plan zijn.

“Daarnaast komen er tientallen Europarlementariërs, er komen ambassadeurs, de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema komt bijvoorbeeld. Ook vanuit het buitenland is de aandacht enorm gegroeid. Deze week heeft het Hongaarse ministerie van Justitie nog een brief gestuurd naar alle ambassades met de boodschap dat het om een ‘illegale demonstratie’ gaat. Deelname zou niet zonder consequenties zijn, zo was de boodschap.”

Heeft Orbán dan niet het tegenovergestelde bereikt van wat hij wilde?

“Dat zou je kunnen stellen, dit wordt misschien wel de belangrijkste en grootste Pride ooit in Hongarije. Maar Orbáns conservatieve ideologische verhaal is deels een façade, het gaat hier om macht.

“Volgend jaar zijn er verkiezingen en het gaat economisch heel slecht met Hongarije. Daarom verliest de regering van Orbán aan populariteit. Er is voor het eerst een levensvatbaar alternatief: Péter Magyar en zijn Tisza-partij. In de meest recente peiling stond hij op 51 procent, ten opzichte van 36 procent voor Orbáns Fidesz. In hetzelfde onderzoek zei twee derde van de respondenten dat ze een andere regering willen. Dat is in Hongarije echt ongekend.

“Het verbieden van de Pride is ook een poging om een politieke val te zetten voor Magyar. Dat is een vrij rechtse politicus die het ook goed doet op het Hongaarse platteland. Als Magyar zich heel erg tegen het verbod zou uitspreken, kan Orbán hem afschilderen als een progressieve stedeling en bovendien de campagne over de ‘cultuuroorlog’ laten gaan.

“Alleen: Magyar vermijdt dit onderwerp op iedere mogelijke manier. Hij zegt alleen iets algemeens over vrijheid en recht op demonstratie. En dat pakt goed uit. Ik sprak van de week een vrijwilliger van de Pride-organisatie en zij zei: ‘Ik hoop dat Magyar ons in de armen sluit, maar belangrijker is dat hij ons verlost van Orbán.’”

Dus zaterdag staat er meer op het spel dan de lgbtq+-rechten?

“Orbán is duidelijk in paniek, hij schiet met hagel naar alle critici. Het Pride-verbod is daar een voorbeeld van.

“Deze Pride gaat in de eerste plaats over lgbtq+-rechten, maar als je uitzoomt is het een politiek zeer belangrijk moment in de vijftien jaar dat Orbán aan de macht is. Ik kom al langer in Hongarije en je kunt voelen dat er iets aan het verschuiven is. Er is licht aan het einde van de tunnel, voelen sommige Hongaren. Tegelijkertijd is er een onheilspellend gevoel over hoe repressief Orbán durft te worden in de aanloop naar de verkiezingen.”

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next