Home

Het grote geld koopt vakantieparken op. Wat wil Blackstone op de Utrechtse Heuvelrug?

Het Amerikaanse Blackstone heeft toegeslagen met de aankoop van Nederlandse vakantieparken. Wat zoekt zo’n buitenlandse belegger in vakantiehuisjes en campings aan de Nederlandse kust of op de Veluwe?

is economieredacteur voor de Volkskrant en schrijft over de woningmarkt.

Was het de wind die zorgde voor geritsel in de loof- en naaldbomen van Het Grote Bos op de Utrechtse Heuvelrug? Of zorgde het nieuws dat dit vakantiepark wordt overgenomen door de Amerikaanse megabelegger Blackstone voor beroering onder de kampeerders? Hoe dan ook, het vakantieoord dat werd gesticht in 1952 op initiatief van de Nederlandse Hervormde Kerk, krijgt een plekje in de portefeuille van een van de grootste investeerders ter wereld.

Het Grote Bos behoort met zeventien andere parken tot de RCN-groep, een christelijk geïnspireerd recreatiebedrijf. De groep is opgericht voor betaalbare vakanties voor arbeiders en ‘kleine middenstanders’ op mooie, natuurlijke locaties. De winst gaat naar goede doelen.

Die werkwijze lijkt ver af te staan van de wereld van de beoogde nieuwe eigenaar Blackstone. Die beheert een belegd vermogen van bijna 900 miljard euro. Dat is geld van onder meer particuliere inleggers, pensioenfondsen en verzekeraars. Kopen, waarde toevoegen en doorverkopen is daarbij doorgaans het devies. Het inkomen van Blackstone-directeur Stephen Schwarzman steeg vorig jaar naar bijna 1 miljard euro.

Verder groeien, met respect

Blackstone heeft de huidige eigenaren - Stichting Interkerkelijk Oriëntatiecentrum (SIOC) en de Maatschappij van Welstand, een van de oudste charitatieve fondsen van Nederland - beloofd respectvol om te gaan met de identiteit van de RCN vakantieparken. Ook zal het doorgaan met de goede werken van het bedrijf, zoals het uitdelen van vakantieweken aan gezinnen die leven op bijstandsniveau. Daarnaast moet de groep verder groeien. Dat kan ook in het buitenland; RCN heeft al acht parken in Frankrijk en een in Duitsland.

Blackstone is niet de eerste grote investeerder in Nederlandse vakantieparken. De wereld van de huisjes, safaritenten en kampeerplaatsen werd van oudsher gedomineerd door familiebedrijven, die met de opkomst van het toerisme in de 20ste eeuw begonnen met een camping op een stuk wei of bosgrond. Inmiddels rukken de professionele beleggers op in de ruim vijfduizend vakantieparken met hun 140 duizend huisjes, stelden het FD en het kadaster drie jaar geleden al vast in een gezamenlijk onderzoek.

De Amerikaanse durfinvesteerder KKR kocht bijvoorbeeld Roompot en Landal Greenparks. Het beursgenoteerde Duitse Aroundtown stapte in Center Parcs. Franse partijen als Capfun en Siblu kopen campings op. Het grote geld bemoeit zich dus steeds meer met vakantiepret.

Schaalvergroting

Het past allemaal in de trend van schaalvergroting en ketenvorming in de vakantieparken, zegt Willem Kraanen, adviseur vrijetijdseconomie. De recreatiesector is een ‘enorme groeimarkt’ in het welvarende Nederland. De vergrijzing en het parttime werken (‘iedere week een lang weekend’) zorgen voor extra vraag naar vakantiehuisjes en kampeerplaatsen, concludeert hij. De sector krijgt ook nog een zetje door de klimaatverandering. ‘Veel mensen zitten liever lekker in de zon in Nederland, dan in de hitte in Italië.’

De nieuwe, kapitaalkrachtige vakantiebazen jagen intensief op bestaande parken en hun grond, bij voorkeur in een bijzondere omgeving als het duingebied van Zeeland of de bossen van Drenthe. Dat is makkelijker dan zelf nieuwe parken ontwikkelen, zegt adviseur Kraanen. ‘Het kopen van een bestaand vakantiepark is makkelijker dan zelf een nieuwe locatie ontwikkelen. Dan ben je namelijk geen tijd meer kwijt aan langdurige en kostbare vergunningsprocedures. Je kunt meteen aan de slag.’

Kraanen noemt RCN een ‘vakantieketen van de middenklasse, waar nog wel een kwaliteitsslag gemaakt kan worden’. Het vernieuwen van bijvoorbeeld de inrichting van de woningen of het gemeenschappelijke zwembad kan een parkeigenaar miljoenen kosten. ‘Een gewone eigenaar kan opzien tegen die investering, maar een grote investeerder heeft die centjes wel.’

Klapper maken

De beleggers hebben tal van methoden om geld te verdienen met hun aankoop, legt Kraanen uit - zonder zich uit te laten over de mogelijke aanpak van Blackstone. ‘Je kunt bijvoorbeeld chalets neerzetten op gewone kampeerplaatsen. Die verkoop je vervolgens aan particulieren, met of zonder de grond. Zo kun je in korte tijd al een klapper maken. Maar ook uit de contracten met de eigenaren van de vakantiehuisjes, voor wie je de verhuur regelt, kan een aantrekkelijk langjarig verdienmodel rollen.’

De sector heeft ook wat tegenwind. De fiscale druk op de eigendom van een vakantiewoning loopt op, wat de verkoop aan particulieren moeilijker maakt. Ook stijgt de btw op een kortdurend vakantieverblijf volgend jaar van 9 naar 21 procent. Daarnaast kampen de parken met oplopende kosten voor onderhoud en een nijpend personeelstekort.

Mogelijk zal Nederland door de grote beleggers kampeerplekken en goedkopere vakantiehuizen gaan verliezen, oppert de adviseur. ‘Bij familiebedrijven is de winst ook belangrijk, maar doorgaans toch wat minder dan bij deze categorie beleggers. En uiteindelijk wordt de boel weer doorverkocht.’

Luister hieronder naar onze nieuwspodcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next