In raceomstandigheden kan één regenband met blauwe markering maar liefst 85 liter water per seconde verplaatsen. Dat is indrukwekkend, maar het probleem is dat geen enkele F1-coureur voor deze compound kiest. Die 85 liter per wiel betekent een enorme hoeveelheid opspattend water. In zulke omstandigheden wordt er meestal met de rode vlag gezwaaid.
Dit zagen we de afgelopen jaren meerdere keren gebeuren, met als meest opvallende voorbeeld de Grand Prix van België in 2021. Ook recent, zoals in São Paulo vorig jaar, reden de coureurs tergend langzaam op intermediates in plaats van over te stappen op full wets, omdat niemand track position wilde opofferen voor een band die toch geen voordeel biedt.
Pirelli richt zich bij de ontwikkeling van de banden voor 2026 – die onder de compleet nieuwe generatie auto's zullen worden gemonteerd – op het verbeteren van de prestaties van de regenband. Die moet dichter komen te liggen bij die van de intermediate. De huidige regenband warmt te snel op en slijt te hard onder omstandigheden die géén rode vlag opleveren. Dit seizoen werd de band slechts één keer ingezet, en dan nog kort: bij de Williams van Carlos Sainz tijdens de sprint in Miami.
“Ik denk dat we nu in een vrij goede positie verkeren”, aldus Pirelli Motorsport-baas Mario Isola. “De intermediate is zo goed als klaar voor 2026. Wat we nu nog moeten doen, is een nieuwe oplossing voor de regenband valideren. We moeten vooral proberen om het omslagpunt – het moment waarop de ene band beter is dan de andere – te verschuiven. We willen de regenband beter inzetbaar maken. Niet alleen achter de safety car, maar ook echt tijdens de races. We weten dat het probleem bij de regenband het zicht blijft. Dat kunnen we niet oplossen. Maar zowel de intermediate als de regenband is nu oké.”
De Pirelli-regenbanden worden momenteel nauwelijks gebruikt.
Foto door: Jake Grant / Motorsport Images
De test op Fiorano, uitgevoerd door Ferrari-rijders Charles Leclerc en Zhou Guanyu, draaide om het valideren van de compounds voor 2026. Er werd gereden met een zogenaamde ‘mule car’ die het verwachte gedrag van de toekomstige auto's moest nabootsen. Dit maakt het testproces minder nauwkeurig, en bovendien werkte het zomerweer in Emilia-Romagna niet bepaald mee.
Het ideale omslagpunt – wanneer het tijd is om van de ene bandensoort naar de andere over te schakelen – is lastig te bepalen. Meestal geldt: als de rondetijden 112 procent langzamer worden dan op droge banden, is het tijd om over te stappen van slicks naar intermediates. De vorige generatie regenbanden van Pirelli was pas bruikbaar rond de 120 procent-grens.
Voor dit seizoen introduceerde Pirelli een nieuwe specificatie van de regenband: een ander rubbermengsel dat minder gevoelig is voor temperatuurveranderingen, en een nieuw profiel dat minder vervormt. Omdat er vooraf echter geen tests onder vergelijkbare omstandigheden mogelijk waren, bleek in de praktijk dat de nieuwe band pas rond de 118 procent-grens bruikbaar was. Dat is weliswaar dichter bij het beoogde doel van 116 procent, maar nog steeds niet voldoende.
Voor 2026 doet Pirelli een nieuwe poging. “Nu ligt het omslagpunt tussen de intermediate en de regenband rond de 118 procent”, erkent Isola. “We willen naar 116 of zelfs 115 procent toe.”
Source: Motorsport