Met ontdekkingsreizen en kolonialisme creëerde Europa een mondiale hiërarchie waarin het bovenaan stond. Nu wordt Europa zelf van alle kanten bedreigd. Maar dat is niet alleen maar slecht nieuws, vindt politicoloog Pierre Haroche: ‘We worden minder afhankelijk van anderen en minder arrogant. Dat vind ik gezond.’
Emmanuel Macron, Friedrich Merz en Dick Schoof lijken een beetje op de sultans, shoguns en Afrikaanse vorsten die in de 19de eeuw werden geconfronteerd met de agressie, de superieure technologie en de economische macht van Europa. Destijds zochten Aziatische en Afrikaanse leiders naar een antwoord op de expansie van Europa. Moesten zij zich verzetten of onderwerpen, zich aanpassen of zichzelf blijven?
Nu zijn de rollen omgedraaid, zegt de Franse politicoloog Pierre Haroche (49). In de 21ste eeuw worden de Europeanen van alle kanten bedreigd, door de agressie van Rusland, de technologie van China, de economische vitaliteit van de Verenigde Staten.
‘Als je kijkt hoe niet-Europeanen in de 19de eeuw naar de komst van de Europeanen keken, dan zie je een overeenkomst met de manier waarop Europeanen tegenwoordig naar de rest van de wereld kijken. Er is eenzelfde soort schok, eenzelfde soort angst om economisch, militair en technologisch overvleugeld te worden. Eenzelfde soort zelfonderzoek ook. Moeten we ons aanpassen aan deze nieuwe wereld? Moeten we veranderen? Zijn we in staat om mee te doen in de mondiale concurrentie?’, zegt Haroche, in zijn werkkamer aan de Katholieke Universiteit van Lille. ‘We zijn ons gevoel van superioriteit kwijt, we geloven niet meer dat we de waarheid in pacht hebben. Het is er misschien nog een beetje, maar het is minder geworden. In elk geval is het niet meer houdbaar’, zegt Haroche.
Vorig jaar schreef hij een fascinerende geschiedenis van de plaats van Europa in de wereld, Dans la forge du Monde (‘In de smederij van de wereld’). De Europeanen hebben de wereld gevormd, stelt hij. Met hun ontdekkingsreizen en kolonialisme maakten zij van de wereld één geheel, een mondiale hiërarchie waarin de Europeanen onaantastbaar op hun troon zaten. Twee wereldoorlogen maakten een einde aan dit ‘imperiale’ Europa. Na 1945 was Europa het grootste deel van zijn macht kwijt, maar op de bagagedrager van de Amerikanen kon het zich nog altijd belangrijk wanen, als onderdeel van het dominante Westen. Nu de Verenigde Staten zich steeds meer terugtrekken wordt Europa op zichzelf teruggeworpen, als een van de vele regio’s in een wereld die wordt gestructureerd door het conflict tussen de VS en China, aldus Haroche.
Het ‘provinciale’ Europa is kwetsbaar, maar Haroche is geen doemprofeet. Hij ziet de terugtrekking van de Amerikanen ook als een kans: ‘Het dwingt ons na te denken over onze autonomie. We kunnen niet meer denken dat de rest van de wereld, in het bijzonder de Verenigde Staten, de problemen voor ons oplost. Het is ook een kans om de rest van de wereld te herontdekken, door ons superioriteitscomplex op te geven, door niet meer te denken dat de rest van de wereld een soort Europa is dat vooralsnog minder ontwikkeld is dan wijzelf. Dus we worden minder afhankelijk van anderen en minder arrogant. Dat vind ik gezond.’
Hoe kon Europa ooit een groot deel van de wereld veroveren?
‘De motor van het imperiale Europa was de fragmentatie van ons werelddeel. Europa bestond uit kleine landen die met elkaar concurreerden. Dat stimuleerde de technologische ontwikkeling, maar ook de kolonisatie. Het huidige Nederland is daar een goed voorbeeld van. In de 17de eeuw was de oorlog met Spanje de belangrijkste motor achter de koloniale expansie van de Nederlanden. Aanvankelijk wilden de Nederlanders verhinderen dat Spaanse en Portugese schepen de rijkdommen konden aanvoeren waarmee de oorlog tegen de Republiek werd gefinancierd. Daarna kreeg Nederland zijn eigen koloniën. Het is de logica van concurrentie die heeft geleid tot de Europese expansie over de hele wereld, die op een bepaalde manier de globalisering heeft gemaakt.’
Met het kolonialisme verenigde Europa de wereld, schrijft u.
‘Dat is de paradox: de verdeeldheid van Europa verenigt de wereld. Tijdens de Russisch-Japanse oorlog van 1904-1905 ontstond een mondiale antikoloniale publieke opinie. Overal buiten Europa werd de overwinning van Japan toegejuichd, omdat het de eerste keer was dat een niet-Europees volk een geavanceerd Europees leger versloeg. De kolonisatie werd niet beleefd als simpelweg Frans, Nederlands of Brits, maar als een Europees fenomeen. De Europeanen zelf zagen vooral hun onderlinge rivaliteit, maar de niet-Europeanen zagen een Europees rijk dat zich over de hele wereld uitstrekte. Dat zie je vaak: van buitenaf wordt Europa veel vaker als een eenheid gezien dan van binnenuit.’
Europa werd zo machtig dat de wereld in opstand kwam.
‘Ik zie de periode van de wereldoorlogen en de dekolonisatie als een mondiale revolutie tegen Europa. De dekolonisatie was niet alleen een kwestie van een volk dat in opstand kwam tegen zijn kolonisator. Zo werden de Indonesiërs tijdens de Tweede Wereldoorlog gesteund door de Japanners en daarna door de Amerikanen, die dekolonisatie wilden. De gekoloniseerde volken zagen een nieuw perspectief, een nieuwe wereld die zich voor hen opende.
‘De Verenigde Staten en de Sovjet-Unie voorkwamen dat Europa ten onder ging aan het nationaalsocialisme, met troepen die voor een groot deel niet uit Europa kwamen. Daarna kreeg je een wereld die werd gedomineerd door de nieuwe supermachten. Toch bleef Europa in het middelpunt staan. Europa was de arena waarover de supermachten concurreerden. De West-Europeanen hadden het voorrecht om de belangrijkste strategische zone te zijn voor de grootste supermacht ter wereld.’
Aan dat voorrecht komt nu een einde.
‘Europa staat niet meer in het middelpunt. Het provinciale Europa is niet alleen minder machtig dan voorheen, het is ook niet meer de centrale arena. De Amerikaanse minister van Defensie Pete Hegseth zei tegen de Europeanen: er is een nieuwe arbeidsdeling. Wij houden ons bezig met Azië en de Pacific, jullie met Europa.
‘Dat verandert de identiteit van Europa. Europa werd gezien als een economische, niet als een militaire macht. Door de veranderde opstelling van de VS, de rivaliteit met China, de oorlog in Oekraïne en de dreiging van Rusland moet Europa ook een militaire macht worden. Burgers zien dat ook. Uit een recente Eurobarometer bleek dat burgers veiligheid en defensie als belangrijkste voordeel van de Europese integratie zagen. Tien jaar geleden zou dat absurd zijn gevonden.’
Waren de Europeanen zelfingenomen? Ze geloofden dat ze na twee wereldoorlogen hun krijgszuchtige impulsen hadden overwonnen en nu een voorbeeld voor de hele wereld waren, als vreedzame en kosmopolitische handelslui.
‘Ten tijde van de oorlog in Irak zei de Amerikaanse politicoloog Robert Kagan dat Amerikanen van Mars kwamen en Europeanen van Venus. Hij probeerde daarmee de oorlog te rechtvaardigen, maar hij legde de vinger wel op een zere plek. Hij zei dat de Europese overtuiging dat Europa de oorlog had overwonnen slechts mogelijk werd gemaakt door de Amerikaanse bescherming. Er zat een zekere arrogantie in de gedachte dat het Europese model superieur was. Kagan zei dat het een nieuwe ‘mission civilisatrice’ was, zoals er in de koloniale tijd ook over werd gesproken, een Europese missie om de wereld te beschaven.
‘In het tijdperk van het provinciale Europa kun je niet meer zo denken. Nu de Amerikaanse bescherming wegvalt, moet Europa, net als de rest van de wereld, nadenken over zijn defensie, zijn veiligheid. We beseffen dat we niet zo uitzonderlijk zijn, dat we geen model zijn dat over de hele wereld verbreid moet worden, maar dat we misschien van anderen kunnen leren.’
Wat kan Europa leren van de rest van de wereld?
‘Hoe je jezelf kunt verdedigen. Hoe je weer de taal van de macht kunt spreken, zoals de vorige EU-buitenlandchef Josep Borrell zei.’
In zijn boek citeert Haroche de Franse dichter Paul Valéry, die in 1919 al vreesde dat Europa spoedig niet meer ‘het brein van de wereld’ zou zijn, maar een ‘kleine kaap op het Aziatisch continent’. Het ‘provinciale’ Europa is nog altijd rijk, maar niet meer bijzonder machtig in een wereld waarin het zwaartepunt zich steeds meer naar Azië verplaatst.
Europa is relatief arm aan grondstoffen en energie, die vaak in het mondiale Zuiden (Afrika, Azië, Latijns-Amerika) moeten worden gehaald. Maar in het mondiale Zuiden groeit het zelfbewustzijn en keert het kolonialisme zich als een boemerang tegen Europa. Veel landen doen liever zaken met China, Rusland of de VS, dan met de vroegere kolonisator die als arrogant en belerend wordt ervaren.
Hoe moet het ‘provinciale’ Europa zich positioneren in deze wereld?
‘Europa moet zich bescheiden opstellen. Niet uitgaan van het principe dat Europa het model is om na te volgen. Europa moet zich ook bewust zijn van de herinneringen aan het kolonialisme die heel belangrijk zijn. Zelfs als de Europeanen niet de enigen zijn geweest die gewelddadig waren, veroverden en slaven maakten, zij hebben het op de grootste schaal gedaan, in de hele wereld.
‘Daarnaast moet Europa beseffen dat het mondiale Zuiden niet per se anti-westers of anti-Europees is. De landen in het Zuiden willen hun belangen verdedigen. Een land als India praat met Rusland, zit in de Brics (een economisch samenwerkingsverband tussen landen, red.), maar doet ook zaken met de VS en Europa. Zoals veel landen in het mondiale Zuiden wil het niet een kamp kiezen.
‘Dus het zijn niet per se tegenstanders, evenmin per se bondgenoten, maar je kunt ermee samenwerken. Daarvoor moet je hun verlangen om hun belangen en soevereiniteit te verdedigen serieus nemen. Veel Afrikaanse landen hebben toenadering gezocht tot Rusland, niet omdat ze zich louter aan Rusland willen binden, maar omdat ze niet meer totaal afhankelijk van Frankrijk willen zijn. Ze willen meerdere opties hebben. Die belangen moet je begrijpen.’
De Europese Unie heeft het Global Gateway-programma, waarmee ze zegt te investeren op een manier die ook de landen in het mondiale Zuiden ten goede komt. Bijvoorbeeld door niet alleen maar grondstoffen te halen, maar ook een deel van de verwerking ter plekke te laten uitvoeren.
‘Dat is wel de goede richting. De vraag is alleen of het werkt. Wordt er genoeg geld in gestoken? Het Chinese Belt and Road Initiative is veel groter.’
Is het provinciale Europa nog een geloofwaardige partij? Wordt het niet ingehaald door de VS en China?
‘Europa blijft een grote markt, een belangrijke plaats voor de productie van welvaart. In een wereld waarin je veel leiders hebt die onvoorspelbaar of agressief zijn, kan het ook een haven van stabiliteit zijn. Europa is misschien niet meer het baken van de mondiale vrijheid, maar het is wel een partij die voorspelbaar is, die niet van de een of andere dag een militaire actie begint, die geen handelsoorlog begint. Dat zijn voordelen, stabiliteit en voorspelbaarheid.’
Europa moet zich bescheidener opstellen en anderen niet meer de les lezen, zegt u. Maar wat doe je met ideeën als democratie en mensenrechten, die toch een grote waarde hebben?
‘Ik zeg niet dat het onmogelijk is om Europese ideeën te exporteren. Maar we moeten niet naïef zijn, niet geloven dat je Europese waarden via soft power over de hele wereld kunt verbreiden omdat iedereen het Europese model bewondert.
‘Anderzijds zijn het belangrijke waarden, ook in de internationale betrekkingen. Het is moeilijk om samen te werken met landen en leiders die totaal verschillende waarden hebben. Dat speelt ook een rol in bondgenootschappen. Op het gebied van waarden heeft Donald Trump een grote affiniteit met Vladimir Poetin. Uiteindelijk zal hij zich net als Poetin tegen Europa keren.
‘Waarden van democratie en mensenrechten zijn ook belangrijk voor de cohesie van Europa. Je ziet dat politici die zulke waarden niet delen de bondgenoot van buitenlandse machten worden, zoals in Roemenië gebeurde. Daartegen moet Europa zich verdedigen. Dat is niet alleen een morele, maar ook een strategische kwestie.’
Maar is het nog mogelijk om bijvoorbeeld de hulp aan een Afrikaans land afhankelijk te maken van het naleven van de mensenrechten?
‘Ik geloof niet dat je het principe van voorwaardelijkheid compleet moet opgeven, ook omdat je partners moet hebben die je kunt vertrouwen, geen partners die Europees geld aannemen en vervolgens een alliantie sluiten met Rusland en China, omdat ze liever zakendoen met dictaturen. Maar je moet niet naïef zijn. Het is niet gemakkelijk om je waarden te verbreiden.’
Kan Europa nog eisen dat een land als Brazilië stopt met het ontbossen van het Amazonegebied, in ruil voor een handelsakkoord?
‘Er zijn mensen die in dit verband van groen kolonialisme spreken. Toch is het ingewikkeld, want het klimaat is een mondiaal probleem, het is geen gril van de Europeanen. Maar ook hier geloof ik dat je een evenwicht moet vinden tussen het klimaat en de belangen van economisch minder ontwikkelde landen.’
Zoals zo veel Franse denkers is Pierre Haroche dol op paradoxen. Ooit was fragmentatie de motor van de Europese expansie. De concurrerende natiestaten van Europa veroverden de wereld, terwijl het grote Chinese keizerrijk genoeg aan zichzelf had en zich naar binnen keerde. Zo vormde Europa de wereld. Maar tegenwoordig zijn de rollen omgedraaid. Grote rijken als China en de VS geven de toon aan, waardoor de natiestaten van Europa zich aaneen moeten sluiten om een tegenwicht te bieden. Nu vormt de wereld Europa, zegt Haroche.
Maar zijn de Europeanen wel bereid tot meer integratie? Overal rukt het radicaal-rechtse nationalisme op. Dat moet niets hebben van een sterk en verenigd Europa.
‘De ontwikkeling naar een sterker Europa op het gebied van veiligheid en defensie zal niet zonder conflict plaatsvinden. Maar als je naar de geschiedenis van staatsvorming kijkt, dan zie je vaak dat oorlog tot centralisatie leidt. Ik denk dat op soortgelijke wijze een Europees politiek systeem tot stand zal komen, omdat er een gemeenschappelijk probleem is.’
Maar wat gebeurt er als Marine Le Pen in 2027 president van Frankrijk wordt?
‘Je ziet dat zelfs de eurosceptische partijen hun strategie veranderen. Ze willen niet meer de Europese Unie verlaten, maar het debat over de toekomst van Europa binnen de EU voeren. Kijk bijvoorbeld naar de Italiaanse premier Giorgia Meloni, die wil onderdeel van Europa zijn en niet in een totale minderheidspositie geraken, zoals de Hongaarse premier Viktor Orbán. Er wordt een debat gevoerd over de Europese identiteit, de plaats van Europa in de wereld, de vraag hoe Europa een volwassen politiek acteur moet worden. Ik probeer niet per se een optimistisch discours te houden, maar ik denk dat het debat over de Europese identiteit uiteindelijk zal bijdragen aan de constructie van een Europees politiek systeem.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant