Acht dagen lang was João Almeida in achtervolging op Kévin Vauquelin. Pas in de laatste kilometers van de Ronde van Zwitserland ging de Portugese favoriet over de vroege vluchter heen.
is sportverslaggever van de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, atletiek en roeien.
De vroege vlucht van Kévin Vauquelin duurde 1.250 kilometer. Een paar duizend meter te weinig om de eindzege in de Ronde van Zwitserland veilig te stellen. De 24-jarige Fransman, die in de openingsrit een goede uitgangspositie bereikte, zag in de slotrit zijn voorsprong van een halve minuut verdampen. In de klimtijdrit naar Stockhütte pakte João Almeida de rit- en eindoverwinning.
Het is altijd een gok om vroeg in de aanval te gaan. Het peloton laat vroege vluchters vaak begaan, geeft tijd en terrein prijs om dat later weer, met dank aan knechten, recht te zetten. Dat er toch altijd weer renners zijn die in zo’n kopgroep willen belanden is vanwege de kans op fouten, misrekening of gebrek aan samenwerking in het achterveld. De gok kan de jackpot opleveren.
Dit kat-en-muisspel is vaste prik in wielerkoersen, maar zelden duurt het zo lang als in de Ronde van Zwitserland van dit jaar. Vauquelin sprong een dikke week geleden in de eerste rit, van Küssnacht naar Küssnacht, met een flink aantal anderen mee naar een kleine kopgroep. Dat was met het oog op de dagzege, heus niet voor het klassement.
De regen sloeg die zondag de regelmaat en de controle uit het peloton en de kopgroep, met ervaren coureurs als Ben O’Connor en Julian Alaphilippe, werd nooit meer teruggezien. Vauquelin kwam als tweede aan, op 20 seconden achterstand van zijn landgenoot Romain Gregoire.
Belangrijker: in die eerste rit verloor Almeida, de grote favoriet voor de eindzege, drie minuten. In een korte rittenkoers is dat een flink gat en het was duidelijk dat de achtdaagse voor de Portugese UAE-kopman een heel lange achtervolging voor de boeg had.
In de eerste bergrit, op woensdag, plaatste Almeida zijn eerste tegenzet. Hij kwam solo over de finish in Piuro, maar moest ook constateren dat de aanvallers van de openingsdag goed konden verdedigen. Zowel Gregoire als Vauquelin verloor maar een minuut en behield een grote voorsprong in het klassement. Ook O’Connor en Alaphilippe behielden hun posities in de top van de rangschikking.
De volgende poging deed Almeida op de afgrijselijk steile beklimming naar Santa Maria in Calanca, waar in de etappe van donderdag de eindstreep getrokken was. In het sprintje werd hij geklopt door de jonge Brit Oscar Onley, van de Nederlandse Picnic-PostNL-ploeg. Gregoire verloor er de gele trui.
Maar de leiderstrui ging niet over naar Almeida, maar naar Vauquelin, die verraste door de schade wederom tot slechts een minuut te beperken. Op zaterdag reed Almeida in Emmetten naar de ritzege, maar in dezelfde tijd kwam de Fransman in het geel over de streep.
Tussenstand aan de start van de slottijdrit: vroege vluchter Vauquelin lag nog altijd 33 seconden voor. Hij had 10 kilometer nog om zijn trui te verdedigen, waarvan 9 kilometer met een stijgingspercentage van gemiddeld 9 procent. Kenners wisten: onbegonnen werk.
De 26-jarige Almeida heeft veel meer ervaring, won vorig jaar in Zwitserland ook al de slotrit, een vergelijkbare tijdrit bergop. En werd in 2023 al derde in de Ronde van Italië. Hij geldt als een van de beste klassementsrenners en klimmers in het peloton. In de komende Tour de France zal hij fungeren als adjudant van Tadej Pogacar, eentje die tot op de steilste beklimmingen zijn kopman zal vergezellen. Hij bewees vorig jaar dat hij als helper zelf ook ver kan komen in het eindklassement van de Tour: hij eindigde in de door Pogacar gewonnen ronde als vierde.
Maar Vauquelin is geen nobody. De Fransman was de afgelopen dit jaar al de beste in kleinere Franse rittenkoersen als de Ster van Bessèges en Le Région Pays de la Loire Tour. En hij pakte vorig jaar een ritzege in de Tour. Toen, in de tweede etappe tussen Cesenatico en Bologna, zat hij ook al in de vroege vlucht. Maar het is wel de enige World Tour-zege op zijn palmares tegenover Almeida die er op zondagochtend veertien achter zijn naam had staan.
’s Middags kon de Portugees er twee bij optellen: een voor de dagzege, en de eindoverwinning. Al bij het eerste meetpunt tussen Beckenried en Stockhütte was duidelijk dat Vauquelin de leiderstrui zou gaan verliezen. Na 5 kilometer was er al 26 seconden voorsprong verdwenen. Aan de finish bedroeg zijn achterstand 1 minuut en 40 seconden.
Ontgoocheld was hij, vertelde Vauquelin na afloop in het flash interview. Hij had echt geloof gehouden in de eindzege, tegen de statistieken in. ‘Ik miste iets extra’s’, zei hij. ‘Misschien wel omdat Almeida me de afgelopen dagen zo vaak heeft geprobeerd te lossen.’
‘We zijn er altijd in blijven geloven’, zei Almeida, ook voor de televisiecamera’s. De Ronde van Zwitserland was een les in volharding geweest. Na die eerste rit had hij gereden met de mentaliteit van de vroege vluchter. ‘Je moet nooit opgeven. Soms gaan er dingen mis, maar je moet het blijven proberen.’
De gok van Vauquelin had zich niet uitbetaald. Althans niet in de eindzege. En toch had het iets opgeleverd, deze vlucht van een week. Vauquelin: ‘Ik had vooraf niet gedacht dat ik dit kon. Ik wilde niet eens voor het klassement gaan, maar dit is een mooie stap in mijn carrière.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant