Home

Menstruatie is nog steeds een taboe in de topsport – onterecht, want de cyclus kan prestaties beïnvloeden

Ongeveer de helft van de Nederlandse topsporters heeft een menstruatiecyclus. Toch lijkt het onderwerp nog steeds taboe. Niet aanstellen, is het motto in de topsportwereld. Maar openheid is belangrijk: de cyclus kan sportprestaties beïnvloeden.

is sportverslaggever voor de Volkskrant en schrijft vooral over schaatsen, zwemmen en tennis.

Het was de 42ste minuut van de eerste helft, toen een teamgenoot bij Vivianne Miedema polste: ‘Ben je ongesteld geworden?’ Miedema, nog zonder klachten bij het betreden van het veld, speelde destijds bij Bayern München, in een donkergrijs broekje waarin ze kennelijk was doorgelekt. Toen ze de scheidsrechter vervolgens vroeg of ze naar binnen mocht voor een broekwissel, hoorde ze: ‘Dat kan wel, maar dan krijg je geel omdat je het veld verlaat.’

In de afgelopen jaren is de aandacht voor de menstruatiecyclus en topsport toegenomen. ‘Mijn vrouwelijke hormonen werkten niet echt mee’, zei Demi Vollering onlangs, nadat de wielrenster als topfavoriet derde werd in Luik-Bastenaken-Luik. Jutta Leerdam verklaarde een paar jaar geleden waarom ze duizelig werd tijdens een televisie-interview bij de NOS na een race: haar ongesteldheid. Later zei de schaatsster bij College Tour, toen haar openheid van destijds ter sprake kwam: ‘Elke vrouw heeft het.’

Ongeveer de helft van de Nederlandse topsporters heeft een menstruatiecyclus. Toch is het onderwerp nog altijd onderbelicht. Menstrueren lijkt soms nog steeds taboe, gênant; iets om niet te delen. In de topsportwereld heerst bovendien het motto van: niet aanstellen, niet zeuren. Hard zijn, om grenzen te verleggen en zo succes te boeken. Maar openheid is belangrijk: de cyclus kan de sportprestaties beïnvloeden.

Mannelijke coaches

Dat de begeleidingsstaf van de meeste topsportselecties nog steeds grotendeels uit mannen bestaat, maakt de stap naar openheid soms lastiger. Mannen kennen het gevoel van de menstruatiecyclus en eventuele bijbehorende effecten niet. Mannelijke coaches zijn aangewezen op informatie die ze krijgen van sporters. Of op onderzoeken, maar de hoeveelheid gedegen wetenschappelijk onderzoek over het effect van de cyclus op een topsportleven is karig.

Vreemd is dit niet, aangezien de onderzoeken waarop de gezondheidszorg gebaseerd is, van oorsprong vooral onder mannen werden uitgevoerd. In de geneeskunde bestaat een genderkloof, lange tijd werd er vanuit gegaan: iedereen is gelijk, er zijn intern nauwelijks verschillen tussen vrouwen- en mannenlichamen. Of wetenschappers vonden vrouwenlichamen ingewikkeld: door hun wisselende hormoonhuishouding kwam er een ongewenste variabele waarde bij in hun onderzoek.

Geneeskunde geënt op de man

De geneeskunde is nog altijd geënt op de man, stelde Aranka Ballering in haar vorig jaar gepresenteerde promotieonderzoek aan de Rijksuniversiteit Groningen, waarvoor ze gender- en geslachtsverschillen in de Nederlandse gezondheidszorg onderzocht. Mannen krijgen vaker een echo, röntgenonderzoek of verwijzing, waar vrouwen alleen een röntgenonderzoek krijgen.

Eind 2023 verscheen er een rapport van de Nederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie (NVOG) en Women Inc., de organisatie die zich richt op gelijkwaardige behandeling voor vrouwen. Uit dat rapport bleek dat er in de gezondheidszorg te weinig aandacht voor en kennis over vrouwspecifieke aandoeningen is, zoals menstruatieklachten.

Daar staat tegenover dat vrouwen kunnen denken dat pijn er nou eenmaal bij hoort. Of dat ze hun klachten bagatelliseren. Dat heeft in het verleden de kansen op onderzoeken naar de menstruatiecyclus niet vergroot.

Sekseverschillen

Er zijn simpele verschillen tussen mannen en vrouwen: qua spier- en vetmassa is de gemiddelde verhouding anders. Bij mannen is 15 tot 20 procent van hun lichaamsgewicht vetweefsel, bij vrouwen is dat 20 tot 25 procent. Een man beschikt over het algemeen over meer spierweefsel. En vrouwen tussen de 15 en 45 jaar menstrueren, in principe. Die bloeding komt ongeveer eens per maand, en vindt doorgaans iedere 21 tot 35 dagen plaats. De frequentie kan per persoon verschillen, evenals de hevigheid van de menstruatie, en de duur: doorgaans zo rond de drie tot zeven dagen.

Bloedingen kunnen voor flauwte zorgen, zoals Leerdam aangaf tijdens haar interview met de NOS. Zij zag zwarte vlekken en wuifde zichzelf al pratende koelte toe. Onder cyclus- en hormoongerelateerde klachten valt vermoeidheid, het vasthouden van vocht en een opgeblazen gevoel. Maar vrouwen kunnen ook pijn ervaren, zoals hevige krampen in de buik, hoofdpijn, of pijnlijke borsten. Gedurende de cyclus zijn er hormoonschommelingen die kunnen zorgen voor geestelijke klachten, zoals stemmingswisselingen, waar veel vrouwen die menstrueren last van hebben vlak voordat zij ongesteld worden.

In 2017 voerden onderzoekers van het Radboudumc in Nijmegen een groot landelijk menstruatieonderzoek uit onder ruim 42 duizend vrouwen tussen de 15 en 45 jaar. Daaruit bleek: bij een derde van de vrouwen beïnvloeden menstruatieklachten hun dagelijks leven. Zij kunnen tijdens de menstruatie niet al hun dagelijkse bezigheden volledig uitvoeren.

De pil

Ireen Wüst maakte in 2006 in Turijn haar debuut op de Olympische Spelen. Ze was 19, net junior-af. Ze zat sinds een maand of tien in een commercieel schaatsteam. In aanloop naar de Spelen begon ze te rekenen. Als ik niks doe, word ik waarschijnlijk ongesteld tijdens mijn wedstrijden, ontdekte ze. Dus besloot ze op eigen initiatief de pil door te slikken. ‘Vervolgens was ik twee weken lang ongesteld.’

Desondanks werd ze in Turijn olympisch kampioen – haar eerste olympische titel van de zes, waarmee ze na een lange schaatscarrière uiteindelijk Nederlands beste olympiër ooit werd. Haar ongesteldheid van twee weken was in haar geval vooral ongemak. Extreme klachten had ze niet. ‘Maar je voelt je onzeker, zit minder lekker in je lijf en kunt vrezen voor doorlekken.’

Hormoonspiraal

Wüst stopte na de Spelen met de pil. Jaren later besloot ze over te gaan op een hormoonspiraal. Deze vorm van anticonceptie wordt vaak geadviseerd door sportartsen. De hoeveelheid hormonen is laag, vaak blijft de menstruatie daarmee uit en daarmee ook eventuele ongesteldheidsklachten tijdens een belangrijke wedstrijd.

Wüst kreeg in die periode last van haar lijf. Trainingen vielen zwaarder, zo merkte ze tijdens het prikken van ‘lactaat’: de concentratie melkzuur in haar lijf. Die was tijdens trainingen drie tot vier keer hoger dan gebruikelijk. Ondertussen voelde Wüst grote spanning op haar benen. ‘Zo erg dat ik ’s nachts kon denken: ik zou mijn benen willen opensnijden om de druk eraf te halen.’

Vervolgens ging ze een maand of twee door ‘de medische molen’. Uiteindelijk zei haar sportarts: laten we je spiraal eruit halen. Twee dagen later waren de klachten weg. Haar cellen bleken vocht vast te houden, het bloed stroomde moeilijker door haar benen. Wüst: ‘Toen heb ik besloten: geen kunstmatige hormonen meer in mijn lijf.’

Flinke menstruatieklachten

Elk lijf gaat anders om met hormonen. Bovendien zijn er verschillende kunstmatige hormonen; zo is de ene spiraal of pil de andere niet. Atlete Lisanne de Witte, specialist op de 400 en 800 meter, maakte tot afgelopen oktober zo’n veertien jaar gebruik van een hormoonspiraal. ‘Eerder durfde ik die er niet uit te halen’, zegt De Witte. Ze vreesde een negatieve invloed op haar sportprestaties.

In augustus liep ze met het Nederlandse estafetteteam in Parijs op de 4x400 meter naar olympisch zilver. Daarna durfde ze het wel aan: kijken hoe haar lichaam zou reageren zonder kunstmatige hormonen. Ze wilde weten ‘of alles werkt’. Alles werkt, zo ontdekte ze. Maar ze merkte ook dat ze zonder spiraal flinke menstruatieklachten heeft.

Op slechte dagen heeft De Witte moeite haar benen op te tillen. Dan heeft ze extreme krampen, zou ze het liefst in de foetushouding in bed liggen en ziet haar coach dat haar motoriek in haar heupen en knieën anders is dan voorheen. Zelfs wandelen gaat dan lastig. De pijn kan ze bestrijden met pijnstilling, maar voor haar motoriek heeft ze geen oplossing. ‘Dat is met sprinten wel een probleem. Als je dan toevallig een belangrijke wedstrijd hebt, heb je pech.’

Cyclus bijhouden

Zij besloot haar cyclus bij te houden, om informatie te verzamelen. Tijdens de menstruatiecyclus zijn er voortdurend hormonale veranderingen en zijn er verschillende kenmerken waarneembaar. Rond haar ovulatie ziet De Witte bijvoorbeeld haar lichaamstemperatuur stijgen, daar kan ze eventueel haar vochtinname op aanpassen.

De Witte pleit vooral voor meer openheid. Toen sportkoepel NOCNSF via het eigen netwerk aan topsporters liet weten bezig te zijn met thema’s die invloed hebben op vrouwelijke topsporters maar die vaak onderbelicht blijven, zoals de menstruatiecyclus, nam De Witte contact op.

Beter tijdens ovulatie

‘Ik vind het bizar dat de gesprekken er nog zo weinig over gaan. Het is goed om er meer over te praten en om data te verzamelen. Daar help ik graag aan mee’, zegt De Witte. Soms pakt haar cyclus ook positief uit. ‘Het is niet bewezen, maar ik heb het gevoel dat ik op mijn slechte dagen slechter ben dan voorheen, maar dat ik op mijn goede dagen juist heel goed ben. Dat is tijdens mijn ovulatie.’

Leontien Zijlaard-van Moorsel omarmde haar menstruatie tijdens haar actieve wielercarrière. Zij voelde zich onoverwinnelijk als ze ongesteld was. Zij plande haar – geslaagde – wereldrecordrace op de baan in 2003 juist op de dag waarop ze meer pijn kon verdragen dan anders.

Menstruatie die uitblijft

Bij sommige topsporters blijft de menstruatie door het harde trainen uit. ‘Je cyclus kan je veel vertellen over je gezondheid’, zegt Miedema, die bewust geen anticonceptie gebruikt. Vollering plaatste eind april een bericht op LinkedIn. ‘Nog steeds denken sommige vrouwelijke atleten dat het goed is om je menstruatie te verliezen. Ze denken dat ze hard genoeg trainen, maar dit is níét normaal’, schreef ze. Ook Leerdam deelde dat ze vier jaar lang niet ongesteld werd door een slecht eetpatroon. Haar boodschap na afloop was vergelijkbaar met die van Vollering.

Hard trainen en daarbij onvoldoende eten heeft een negatief effect op een lichaam. Het uitblijven van de menstruatie, of een onregelmatige cyclus, kan duiden op een verstoring van de hormoonbalans. Als een lichaam in een overlevingsstand gaat, is de menstruatiecyclus een van de eerste processen die gepauzeerd wordt: zwanger raken is geen primaire zaak tijdens het overleven.

Wüst, actief als begeleider van topsporters en talenten bij TeamNL Noord en expert op het gebied van prestatiegedrag en mentale gezondheid bij NOCNSF, vindt dat er meer maatwerk zou moeten komen in de topsport. Daar ligt een taak voor coaches. ‘Er is nog zo weinig bekend over het effect van de menstruatiecyclus. Omdat het zo individueel is, zouden er nog vaker trainingsschema’s op maat gemaakt moeten worden – maar dat gebeurt nog lang niet altijd.’

Afgestemde trainingsschema’s

Zo’n vijf jaar geleden liet de Engelse voetbalclub Chelsea weten als eerste Europese topclub de trainingsschema’s af te stemmen op de menstruatiecyclus van de speelsters. Zij hielden via de app FitrWoman bij in welke van de vier fases van de cyclus ze zaten. De menstruatiecyclus kan op verschillende manieren worden onderverdeeld, maar vaak wordt er onderscheid gemaakt tussen de folliculaire fase, de ovulatie, de luteale fase en de menstruatie.

Miedema, inmiddels al jaren actief in de Engelse competitie, kent de stelling van Chelsea van destijds. ‘Het klinkt naar de buitenwereld heel goed, maar de meiden zeiden zelf dat het wel meeviel, hoeveel ze aangepast trainden. Het is ook moeilijk: wij voetballers werken met 25 meiden in een groep. Als je voor een individuele sport traint, kun je een programma veel makkelijker aanpassen.’

Xanne Janse de Jonge is bewegingswetenschapper aan de Griffith University in Australië. Ze specialiseerde zich in de effecten van de menstruatiecyclus op sportprestaties. In de afgelopen dertig jaar zijn er zes à zeven studies gedaan naar het aanpassen van krachttraining op de menstruatiecyclus, vertelt Janse de Jonge. De eerste verscheen in 1993, voordat zij besloot promotieonderzoek te doen. ‘Ik mailde naar de professor die destijds met het onderwerp bezig was geweest. Hij antwoordde dat hij zich nooit meer in het onderwerp wilde verdiepen, omdat het zo moeilijk is.’

Hormonen meten

Dertig jaar geleden was het niet mogelijk om op een makkelijke manier hormonen te meten. Topsporters zitten vaak niet te wachten op frequente bloedafname voor onderzoek. Speeksel- en vooral urinetesten zijn nog niet nauwkeurig genoeg voor gedegen onderzoek. Janse de Jonge: ‘Maar gelukkig worden ze steeds beter. Hopelijk worden ze snel goed genoeg, waardoor het in de nabije toekomst ook makkelijker wordt om onderzoek te doen.’

Niet alleen verschillen de cyclussen van vrouwen onderling, qua duur en hevigheid, ook de cyclus van één vrouw is niet elke maand hetzelfde. In de afgelopen jaren zag Janse de Jonge dat er meer onderzoek werd gedaan naar de mogelijke effecten van de cyclus op sportprestaties. Maar dit betrof lang niet altijd onderzoek van hoge kwaliteit en is daardoor vaak niet betrouwbaar genoeg.

In 2019 publiceerde Janse de Jonge een wetenschappelijk artikel met aanbevelingen voor onderzoek naar de menstruatiecyclus in sport en beweging. Janse de Jonge stelde dat in bijna 80 procent van de onderzoeken die tot dan toe gedaan waren, de hormonen ‘helemaal niet, of niet nauwkeurig genoeg’ zijn gemeten.

Onvoldoende onderzoek

Bij onderzoek naar de mogelijke effecten van de menstruatiecyclus op sportprestaties is het belangrijk om te meten tijdens een ‘gewone’ cyclus, waarin de juiste hormonen in de verschillende fases voorkomen. Maar in veel studies werd gewerkt met proefpersonen waarbij niet duidelijk was aangetoond of ze daadwerkelijk hadden geovuleerd. Desondanks maakten zij deel uit van het onderzoek.

In 2020 schreef ook de Britse wetenschapper Kelly Lee McNulty in de conclusie van haar wetenschappelijke onderzoek naar effecten van de cyclus op sportprestaties dat er nog onvoldoende kwalitatief goed onderzoek beschikbaar is.

Niet altijd een ‘normale’ cyclus

Uit ervaring weet Janse de Jonge dat een schatting naar een bepaalde fase in de cyclus regelmatig afwijkt van de werkelijkheid. ‘Dan had ik een vrouw drie maanden in de gaten gehouden en wist ik: deze cyclus duurt dertig dagen. Vervolgens baseerde ik de planning voor het testen voor het onderzoek op die dertig dagen. Maar dan bleek dat we, als we een maand later het bloed analyseerden, niet de verwachte hormonen vonden, omdat die cyclus ineens langer of korter had geduurd. Of omdat er in die cyclus geen ovulatie had plaatsgevonden.’

Ze moest met regelmaat 30 procent van haar proefpersonen schrappen uit de resultaten, omdat hun hormonen ‘niet normaal waren’: ze hadden of niet geovuleerd, of er waren niet voldoende hormonen geproduceerd om die cyclus als een normale cyclus te beschouwen.

Sociale media

Ondertussen neemt de aandacht toe voor de cyclus en hoe het leven daar (deels) op kan worden ingericht. Sociale media is een lastige factor van de huidige tijd, vindt Janse de Jonge. Onderzoek wordt soms verkeerd geïnterpreteerd en vervolgens fout gedeeld, terwijl verspreiding via sociale media vaak snel gaat.

Soms wordt de cyclus bijgehouden op basis van een schatting van de hormonen, niet de daadwerkelijke stand, maar wordt aan die schatting wel een conclusie verbonden. ‘Dan houden vrouwen hun cyclus bij, gebaseerd op een app die vertelt: vandaag voel je je moe. Ja, als je mij ’s ochtends zegt dat ik me moe voel, wil ik ook mijn bed niet uit’, zegt Janse de Jonge.

Oestrogeen

Wel is er een kans dat oestrogeen ervoor zorgt dat vrouwen sterker zijn, stelt de wetenschapper. Oestrogeen wordt vaak het vrouwelijke hormoon genoemd, al kunnen ook mannen oestrogeen aanmaken. Het heeft onder andere effect op het libido en de vruchtbaarheid, en speelt een rol bij de menstruatiecyclus. Bij alle vrouwen die menstrueren is de hoeveelheid oestrogeen in het lichaam vlak voor de ovulatie, de eisprong, groot. Janse de Jonge: ‘Maar het heeft ook fysiologische effecten buiten het voortplantingssysteem. Die zouden sportprestaties kunnen beïnvloeden.’

Er is nog niet wetenschappelijk aangetoond dat vrouwen door oestrogeen sterker zijn. ‘Maar vermoedens dat oestrogeen een positief effect heeft tijdens een krachttraining zijn er wel’, zegt Janse de Jonge. Een sporter die vlak voor de ovulatie sterker is, zou op dat moment zwaardere krachttraining aankunnen en kan daar dus gericht op trainen.

Persoonlijke aanpak

In het Britse onderzoek uit 2020 naar effecten van de cyclus op sportprestaties wordt sporters geadviseerd een persoonlijke aanpak te hanteren. Ook Janse de Jonge pleit ervoor dat sporters zelf bijhouden hoe ze zich voelen en dit voor een langere periode doen.

Zo kan een sporter een persoonlijk beeld krijgen van haar cyclus, en kunnen andere factoren die mogelijk invloed hebben op de fitheid van een sporter eruit worden gefilterd. Niet alleen een cyclus kan zorgen voor verandering van belastbaarheid bij een sporter, maar ook spanning, slaapkwaliteit en stress. Bijvoorbeeld problemen in het privéleven of nervositeit voor wedstrijden kunnen hun weerslag hebben.

Janse de Jonge: ‘Als je maandenlang bijhoudt hoe je je voelt, kunnen sommige vrouwen wellicht een patroon zien, en dat relateren aan hun cyclus, trainingen en de zwaarte daarvan.’ Zoals Zijlaard-van Moorsel, die haar persoonlijke ervaring met haar cyclus gebruikte bij haar wedstrijdplanning.

Eindelijk meer aandacht

Toen Zijlaard-van Moorsel in 2003 openlijk sprak over haar menstruatie, dacht Janse de Jonge: wat goed, nu gaat het beginnen; er komt eindelijk meer aandacht voor het onderwerp. Maar 22 jaar later zijn er vermoedelijk nog steeds veel vrouwen die vroegtijdig afhaken in de topsportwereld, doordat ze gehinderd worden door hun menstruatiecyclus, denkt zij.

‘Het is goed dat boegbeelden zich inmiddels vaker uitspreken. Al vind ik het frustrerend om vervolgens te horen: ‘De cyclus is nu helemaal in, hè?’’ Praten over menstruatie mag niet als hype worden neergezet, of als trend, vindt Janse de Jonge. ‘Vrouwen waren altijd al aan het sporten en hebben altijd al steun nodig gehad. Er is nog meer onderzoek nodig; we weten nog steeds niet voldoende om vrouwelijke sporters goed te kunnen ondersteunen.’

Miedema is sinds een aantal jaar ambassadeur van Always, een merk dat hygiëneproducten zoals maandverband produceert. De voetbalster wil aandacht vragen voor de menstruatie; het normaliseren.

Nog steeds een taboe

Always liet een jaar geleden een onderzoek uitvoeren onder 1060 vrouwen van 18 tot 45 jaar die regelmatig sporten. 61 procent gaf aan dat zij het gevoel hebben dat menstruatie nog steeds een taboe is in de sportindustrie. Meer dan de helft van de vrouwen die meewerkten aan het onderzoek stelden zich zorgen te maken over doorlekken tijdens trainingen en wedstrijden.

Ruim een op de drie vrouwen gaf aan terughoudend te zijn bij het delen van informatie over haar menstruatie naar een trainer of coach, uit angst dat het gezien wordt als een zwak excuus voor tegenvallende prestaties. Hierbij geldt de algemeen heersende opvatting in de topsportwereld: niet aanstellen, niet zeuren. De vrees is dat menstruatieklachten niet serieus worden genomen.

Opener worden

Miedema is altijd al open geweest over haar menstruatie. Rond haar 15de voetbalde ze nog tussen de jongens en zei ze als ze ‘strontchagrijnig’ was ter verklaring: ‘‘Dit is het moment van de maand, accepteer het maar.’ Dan moesten ze lachen, het was prima.’

Maar haar houding is geen gemiddelde houding, zo merkte ze in de meer dan tien jaar dat ze inmiddels profvoetbalster is. ‘Engelsen zijn best preuts. We konden hier acht jaar geleden niet eens tampons in het gebouw hebben, de gedachte was: niemand mag dit zien.’ Ook Duitsers waren niet open over hun menstruatie, merkte ze. Zij liep in haar tijd bij Bayern München al rond met een warme kruik op haar buik, om de kramp te verlichten, zo creëerde ze ruimte voor andere sporters om opener te worden.

Witte kleding

In de sportwereld wordt steeds vaker rekening gehouden met de menstruatiecyclus. De organisatie van Wimbledon, de grand slam met het strikte kledingvoorschrift om in het wit te spelen, versoepelde de regels. Sinds 2023 mogen tennissters ook donkere onderkleding dragen onder hun witte outfit, om eventuele angst tot doorlekken tijdens de menstruatie te verkleinen.

Wüst merkte tijdens haar carrière dat de aandacht voor de menstruatiecyclus veranderde onder de sportartsen en coaches met wie zij werkte. In haar eerste jaren als profschaatser werd er nooit over haar menstruatie of anticonceptie gesproken. ‘Gelukkig werd gedurende mijn carrière steeds vaker door de sportarts gevraagd of mijn menstruatie goed ging. Nu besef ik nog meer: het is zo belangrijk dat het bespreekbaar wordt gemaakt.’

Manchester City, de huidige club van Miedema, heeft een ‘female well-being officer’ aangesteld die altijd aanwezig is, de voetbalsters onder andere naar hun cyclus vraagt en ze begeleidt om optimaal te presteren. Een paar jaar geleden werd de speelsters gevraagd welke kleur broek ze prefereerden: een witte broek, zoals de mannen? Of een donkere, waarbij eventueel doorlekken minder snel zichtbaar is? Het team stemde voor donker, de witte broek is nooit meer teruggekomen.

Bloedtesten

Tijdens een wedstrijddag neemt haar club bloedtesten af bij speelsters. Miedema: ‘Dan zie je per persoon hoe hoog de ontstekingswaarden zijn, wat je weer kunt linken aan een bepaald moment in je cyclus.’ Het gaat vooralsnog vooral om het vergaren van informatie. ‘Dat heeft tijd nodig. Maar er wordt steeds meer onderzoek gedaan en het is goed dat daar nu bij wordt stilgestaan.’

Tegelijkertijd zucht Miedema diep, na de vraag wat er beter kan. ‘Heb je even?’ Als ze met jongere meiden praat, hoort ze steevast dezelfde eerste vraag: ‘Wat doe je als je ongesteld bent?’ Dat zette haar aan het denken. ‘Kennelijk voelen meisjes zich op de een of andere manier niet comfortabel genoeg om het met een lid van de staf te bespreken. Daaraan zie ik dat het nog steeds een groot probleem is.’

Mannenwereld

Miedema, ‘al jaren actief in een door mannen gedomineerde wereld’, stelt dat als dit bij mannen speelde, als zij te maken hadden met cyclus- en hormoongerelateerde klachten, hier al veel langer aandacht voor zou zijn. Dat er dan al veel eerder verbeteringen zouden zijn gemaakt, zoals het automatisch kiezen voor donkergekleurde kleding, en eventuele trainingsaanpassingen door pijnklachten.

‘Nu komt er eindelijk wat verandering. Maar het zou fijn zijn als praten over menstrueren makkelijker gemaakt wordt voor jonge, sportende meisjes. Dat ze, als ze voor het eerst ongesteld worden, niet de angst en stress hebben van: ‘Oh, ik moet nu vijf uur op een fiets zitten, of 90 minuten een wedstrijd spelen in een witte broek, en ik kan niet checken of ik doorlek.’’

Knieblessures bij voetbalsters

In april werd bekend dat wereldvoetbalbond Fifa een onderzoek aan de Universiteit van Kingston gaat financieren, waarin wordt gekeken of hormonale schommelingen tijdens de menstruatiecyclus bijdragen aan een alarmerende toename van knieblessures in het vrouwenvoetbal.

De bij handbalsters en voetbalsters veel voorkomende voorste kruisbandblessure wordt gelinkt aan de ongesteldheid. Zo stelde oud-bondscoach Vera Pauw vijf jaar geleden in een interview met de Volkskrant er al jarenlang van overtuigd te zijn dat voetbalsters tijdens of vlak voor de menstruatie meer kans hebben op een blessure.

Statistisch gezien komt de kruisbandblessure veel vaker voor bij voetbalsters dan bij voetballers. ‘Maar het is niet aangetoond dat dit direct gerelateerd is aan hormonen’, zegt wetenschapper Xanne Janse de Jonge. Andere factoren kunnen ook een rol spelen, zoals de ontwikkeling van het vrouwenvoetbal. Waar getalenteerde jongens al jarenlang vanaf jonge leeftijd professionele begeleiding krijgen, is dat bij meisjes nog niet het geval. Dat kan voor een achterstand zorgen in de lichamelijke belasting en daarmee de kans op blessures vergroten.

Bovendien hebben vrouwen gemiddeld genomen bredere heupen dan mannen, wat meer druk op de knieën kan veroorzaken. Ook staan de knieën bij veel vrouwen meer naar binnen gedraaid. Janse de Jonge: ‘Doordat het meeste onderzoek op mannen is gebaseerd, dragen veel vrouwen voetbalschoenen die, al zijn ze een kleinere maat en hebben ze misschien een andere kleur, oorspronkelijk voor mannen zijn ontworpen.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next