Home

Met een feest der herkenning viert ook Nijland het 750-jarig bestaan: ‘Gelukkig niet op asfalt van 50 graden’

Niet alleen Amsterdam, maar ook het Friese dorpje Nijland bestaat dit jaar 750 jaar. Veel is veranderd, zagen bewoners en oud-bewoners zaterdag tijdens een reünie. Maar veel is gelukkig ook herkenbaar gebleven. ‘Wiersma!’

is regioverslaggever van de Volkskrant in Noord-Nederland.

‘Willeke? Echt! Dan moet dat Tineke zijn!’ Bij de inschrijftafel in multifunctioneel centrum De Mande krijgt de 79-jarige Matty Breeuwsma-Joustra ‘kippenvel’ van het weerzien met al die dorpsgenoten van ooit. Zelfs de zoon van haar broer is uit Canada overgekomen naar Zuidwest-Friesland. ‘Geweldig toch!’

Niet alleen het ‘grote’ Amsterdam, maar ook het Friese dorpje Nijland (nog geen duizend inwoners) bestaat dit jaar 750 jaar. En dat wordt mede gevierd met een reünie. De snelweg A7 tussen Sneek en Bolsward is er niet voor afgesloten. En er zijn niet 200 duizend, maar 230 bezoekers. ‘Toen hebben we de inschrijving gesloten, want meer mensen passen er echt niet in’, zegt voorzitter Henk Dijkstra van de stichting Nijland 750.

De entree naar de sporthal is met een dekplaat rollatorvriendelijk gemaakt. Er wordt beetgepakt en op schouders geslagen. De voorzitter komt ondanks een microfoon amper boven het geluid van het weerzien uit. ‘Gelukkig staan we hier niet op asfalt van 50 graden.’ Hij krijgt de lachers op zijn hand.

De kracht van een dorp

Waar in de hoofdstad de festiviteiten het vooral van hun massaliteit moeten hebben, staat in het jaarfeest van Nijland het persoonlijke contact centraal. Tijdens de viering, maar ook al tijdens de voorbereidingen, vertelt Dijkstra. Tientallen inwoners spanden zich in. ‘Dat is de kracht van een dorp.’

‘Tijd’ is het overkoepelende thema. ‘Het gaat om herinneringen ophalen en nieuwe herinneringen maken’, zegt voorzitter Dijkstra. Dat hoef je Sjirk de Boer, die zijn koffie en oranjekoek op zijn rollator heeft gezet, niet te vertellen.

Al ruim een halve eeuw woont hij niet meer in Nijland. Toch weet de tachtiger nog hoe hij als schooljongen als het hard waaide op de treeplank van de tram stond, die toen nog door het dorp reed. Vraag hem niet naar het exacte jaartal van zijn vertrek – ‘cijfers zijn bij mij een brij’.

Sipke, Roelie, Pier, Sjoukje, een van Bootsma of Gebrandy: het weerzien is in de eerste plaats een namenwaterval. ‘Ik herken bijna iedereen van gezicht, maar weet de naam er lang niet altijd bij’, biecht een dame op leeftijd fluisterend op. Sommige bezoekers dekken hun naambutton af om een ander te testen. ‘Wiersma!’

Daarna volgen de verhalen over leven en dood. De ziekte van een partner, een kleinkind erbij, de hete zomer van 1975, toch vertrokken naar een appartement in Wommels.

Met koeien naar de Dam

Het contrast met een ringweg-rave in Amsterdam is misschien groot. Toch schept het gedeelde geboortejaar een band. Vijftig jaar geleden, toen beide plaatsen 700 jaar bestonden, toog er een boer met een stel koeien vanuit Nijland naar de Dam. Dit jaar gingen leerlingen van de basisschool langs op een school in de hoofdstad. Over twee weken wacht een tegenbezoek in Friesland. En de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema stuurde Nijland een videoboodschap ter felicitatie.

Zo bijzonder is het jubileum overigens ook weer niet; alleen al in Friesland bestaan dit jaar al twee andere dorpen, Marsum en Easterlittens, 750 jaar. Maar geen enkele stichtingslegende is zo mooi als die van Nijland (ooit beschreven als Nova Terra). Volgens de overlevering werd de kerk in 1275 gesticht op de plek waar twee ossen met karren met bouwmaterialen halt hielden. Een goddelijke aanwijzing, uiteraard.

Uitverkoren voelen Nijlanders zich op een bepaalde manier nog steeds. En door het feest der herkenning lijkt de tijd te hebben stilgestaan. Toch kan Jan Feenstra, 87 jaar woonachtig in Nijland, zo opsommen wat er in de loop der jaren allemaal uit het dorp verdween: drie schilders, drie bakkers, allerlei winkels, een wagenmaker en de tram. ‘Alles verandert, altijd en overal.’

Alsof het gisteren was

Nijland dijde ondertussen uit door nieuwbouw. Er kwam meer ‘import’. Niet geheel naar de zin van Clara Feenstra-Hazenberg (82). Zelf kwam ze in de jaren vijftig met haar ouders mee uit de kop van Noord-Holland. ‘Vroeger kende je iedereen, nu lang niet meer.’ Sommige nieuwkomers brengen hun kinderen zelfs naar school in Bolsward of Sneek: een doodzonde. Maar, besluit ze. ‘Het blijft hier mooi wonen.’

Veel heeft ook de tijd doorstaan. Op het oude schoolplein zien de zeventigers Gerrit van Diggelen en Simon Boersma nog steeds dezelfde gele tegels. Alsof het gisteren was, horen ze weer het fluitje waarmee de oude hoofdmeester hen zestig jaar geleden de banken in maande.

De broers Douwe en Wigger Atsma hebben net op het kerkhof gezocht naar de plek waar hun zusje begraven moet zijn. Ze overleed toen ze een week oud was. Hun vader was bakker in het dorp. Ze woonden op nummer 71 – straatnamen had Nijland nog niet in hun tijd.

Douwe woont al zeventig jaar elders, maar komt jaarlijks met zijn dochter terug als ze met de camper in Gaasterland staan. En Wigger neemt als hij langsrijdt over over de snelweg vaak toch even de afslag. ‘Het blijft je geboortegrond.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next