Een weergaloze counter, een zeldzame vlaag van brille heeft Jong Oranje naar de halve finale van het EK onder 21 jaar gebracht ten koste van het waar favoriete Portugal (1-0). In een keer trapte Ian Maatsen in de 84e minuut in de ruimte op de uitgebroken invaller Ernest Poku die de Portugese doelman Samuel Soares koeltjes omspeelde.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Nou goed, het was niet alleen dat moment. Het was ook de collectieve verbetenheid, de saamhorigheid, de discipline, de als koorts opgekomen bereidheid om, na vroeg rood voor Ruben van Bommel, steeds meer de lucht uit het aanvankelijk zo vloeiende spel van Portugal te duwen, om het doel te verdedigen als tien boze leeuwen.
Nederland is al een tijdje een land van vooral uitmuntende verdedigers en controlerende middenvelders, de formatie van coach Michael Reiziger, zelf een oud-verdediger, móést dat tegen Portugal ook wel zijn. Met spits Tom van Bergen als voorste defensiespecialist, hij rende en vloog om ruimtes dicht te lopen.
Jong Oranje was bepaald niet de favoriet in deze kwartfinale. Portugal liet het hele toernooi voetbal zien volgens de Josep Guardiola-filosofie. Technisch hoogstaand, met veel korte en lange combinaties, met veelzijdige spelers en getructe aanvallers. Geovany Quenda is, op schaal uiteraard, de Lionel Messi van de ploeg, de exceptionele speler, die hangend op links snelheid combineert met gave acties. Hij is al voor 50 miljoen gekocht door Chelsea, maar wordt nog gestald bij Sporting Portugal.
Portugal, dat nog geen doelpunt tegen kreeg, begon overdonderend, Jong Oranje werd compleet uit elkaar gereten en had geluk dat de Portugese afwerking te wensen overliet. Zelfs uit een strafschop, veroorzaakt door Devyne Rensch, miste Quenda de precisie, hij schoot op de paal.
Kort daarvoor had Jong Oranje de moeilijkheidsgraad voor zichzelf nog wat aangescherpt. Van Bommel, uitstekend op dreef dit toernooi, kreeg al in de 21e minuut rood na twee domme overtredingen.
Gek genoeg kreeg Jong Oranje na die gemiste strafschop ineens twee uitstekende kansen en daarmee weer geloof in eigen kunnen. De ploeg ging daardoor toch met moraal de kleedkamer in.
Reiziger deed in de rust een beroep op het overlevingsinstinct. Alle veldspelers trokken zich terug om een levend dubbel fort voor doelman Robin Roefs te vormen.
Er werd tijdgerekt bij het leven. Roefs ging zo lang mogelijk op de bal liggen en talmde met uittrappen, Rensch, Van Bergen en Kenneth Taylor rolden flink door na overtredingen.
Nee, het was geen Hollandse school, maar het was ook begrijpelijk, wenselijk zelfs om de Portugese aanvalsmachine lam te leggen. Het werkte, Quenda leek in de verste verte niet meer op Messi, vormgever Diogo Nascimento moest noodgedwongen meer breed dan vooruit spelen. Was verdediger Jorrel Hato een enkele keer op avontuur dan nam de als middenvelder spelende Ryan Flamingo de honneurs waar.
Reiziger, fel bekritiseerd na de eerste duels tegen Finland (2-2) en Denemarken (2-1-verlies), bracht een gouden wissel met Poku. De AZ-aanvaller stond lang bekend als snel maar druistig, maar was nu de rust zelve na ziedende sprints. Eerst bood hij Björn Meijer al een aardige kans en daarna scoorde hij zelf, daarmee het chagrijn rond de ploeg als sneeuw voor de Slowaakse zon verdrijvend.
Nog twee keer winnen, en deze tot zaterdagavond verguisde ploeg is Europees kampioen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant