Home

Eind jaren negentig had iedere Nederlandse man een kledingstuk uit een van de winkels van Kees de Waal

Als student aan de Kunstacademie van Arnhem viel zijn werk op, maar Kees de Waal moest van zijn vader naar de Hogere Textielschool. Daar legde hij de basis voor zijn imperium aan modezaken met de naam Hij. De kunsten pakte De Waal na zijn pensioen weer op.

is journalist en columnist van de Volkskrant, gespecialiseerd in financieel-economische onderwerpen.

Kees de Waal was er al meer dan veertig jaar weg, maar zijn naam zal vooral beklijven als de oprichter van de modeketen Hij, waar iedere Nederlandse man aan het einde van de vorige eeuw wel iets had gekocht.

De oprichter had de dagelijkse leiding al in 1984 overgedragen aan zijn zoon Ronald. Hij werd daarna vastgoedhandelaar, kunstenaar en filantroop. Zaterdag werd bekend dat hij op 103-jarige leeftijd is overleden in New York, waar hij al heel lang woonde.

Financieel tijdschrift Quote schatte zijn vermogen in 2019 op 250 miljoen euro. Zijn zoon Ronald de Waal, die de herenmodeketen zou uitbreiden tot een zaak voor iedereen onder de naam WE, zou 425 miljoen euro aan bezittingen hebben.

Truien en ondergoed

Ronald was in een gespreid bedje terecht gekomen, zijn vader was de selfmade man. Het ondernemen zat wel in de familie. In 1917 richtte E.H. de Waal onder de naam Sir Edwin een groothandel in truien en ondergoed op aan het Rokin in Amsterdam. In 1962 besloot zijn zoon Kees een modezaak onder de naam Hij Herenmode (later Hij Mannemode) te beginnen.

De eerste zaak kwam in Haarlem en binnen twintig jaar was er in bijna elke Nederlandse winkelstraat een Hij te vinden. Kees de Waal sloeg de vleugels ook uit naar het buitenland. De Zwitserse tak Hey Männermode, die hij in 1977 begon, had binnen vijf jaar in bijna alle grote steden van dat land een zaak. Ook in Frankrijk, België en Duitsland kwamen er herenmodezaken.

Na de overname van Witteveen-mode kwamen er ook Zij-winkels, onder leiding van zijn zoon Ronald. Uiteindelijk koos De Waal voor de nieuwe naam WE, dat nu meer dan tweehonderd winkels telt. En de houdstermaatschappij ging WE International heten.

Haat-liefderelatie

Vader en zoon hadden een haat-liefdeverhouding. Telkens doken er verhalen op dat ze elkaar het licht in de ogen niet gunde. Ronald zou zelfs de sloten van het hoofdkantoor hebben vervangen om zijn vader buiten de deur te houden.

Nadat Kees zich in 1984 had teruggetrokken uit de zaak, ging hij niet op zijn lauweren rusten. Datzelfde jaar nam hij de panden van de failliete snoepketen Jamin over. Toen die doorstartte, verhuurde hij de panden weer aan hetzelfde Jamin. Zijn vastgoed werd ondergebracht in een aparte vennootschap Henrar, die De Waal eind jaren negentig met enorme winst doorverkocht aan het Pensioenfonds voor de Metaalnijverheid.

Daarna werd hij kunstenaar en ging hij goeddoen. Hij richtte zijn eigen De Waal Foundation op, die een sjiek kantoor aan de Maliebaan in Utrecht betrok. Van hieruit werden gehandicapte straatkinderen in onder meer Zuid-Amerika geholpen. Als kunstenaar exposeerde hij. Daarmee trad hij ook in de publiciteit, waar hij het liefst in de schaduw verkeerde.

Het sterrenbeeld Tweelingen

Tien jaar geleden hield hij zijn laatste Nederlandse expositie in museum Jan van der Togt in Amstelveen. Tegen De Telegraaf zei hij toen: ‘Ik ben geboren onder het sterrenbeeld Tweelingen. Dat verklaart misschien waarom ik altijd met een been in het zakenleven heb gestaan en met het andere in de kunstwereld. Met mijn rechterhand ontwierp ik modecollecties, etalages en reclames. Met de linker hield ik de boekhouding bij.’

Zijn artistieke aanleg werd niet pas op latere leeftijd ontdekt. Zijn vader had hem naar de Hogere Textielschool in Enschede gestuurd, maar Kees de Waal ging tijdens de oorlogsjaren naar de kunstacademie in Arnhem, waar hij een opleiding schilderen en grafiek volgde.

Zijn expressieve werk werd toen al geprezen. Na zijn pensioen kreeg hij echt de tijd om zich op kunst te concentreren. Hij noemde zijn werk ‘visuele sprookjes voor volwassenen’.

In elk van zijn vier woningen had De Waal een eigen atelier, waar hij zich naar hartenlust kon uitleven. Een verzamelaar van werk van andere kunstenaars was hij niet. Hij vond dat zoiets alleen maar zorgen zou geven en hem zou dwingen zijn woningen extra te beveiligen.

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next