Home

‘Josimar’ is de luis in de pels van voetbalbestuurders. Nu verkeert het Noorse tijdschrift in geldnood

De onderzoeksjournalisten van het Noorse Josimar leggen lelijke kanten van het voetbal genadeloos bloot – ondanks continue tegenwerking en de dreiging van rechtszaken. Door geldnood moet het blad nu vechten voor zijn voortbestaan.

is nieuwsverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft met name over sport en media.

Bij het Fifa-congres in Rwanda twee jaar geleden vroeg onderzoeksjournalist Håvard Melnæs waarom Gianni Infantino, baas van de wereldvoetbalbond, geen persconferenties meer gaf. Diens woordvoerder schoot nog net niet in de lach. ‘Hoe vaak spreek jij met regeringsleiders?’, antwoordde ze, bloedserieus.

‘Totaal idioot’, zegt Melnæs (52) als hij aan dat moment terugdenkt. ‘Dat is dus het niveau waarop Infantino actief denkt te zijn. Maar hij is geen regeringsleider! Hij is een kale, Zwitserse man die voorzitter van de Fifa is geworden. De macht is hem naar zijn hoofd gestegen.’

Nooit eerder stond het voetbal er slechter voor dan nu, zegt de hoofdredacteur van Josimar, het Noorse voetbaltijdschrift dat al zestien jaar de lelijke kanten van het voetbal genadeloos blootlegt. ‘Over een paar jaar kijken we denk ik terug op het tijdperk van Sepp Blatter (de vorige Fifa-voorzitter, die aftrad tijdens een reeks corruptieschandalen, red.) als de goede jaren van het voetbal.’

Infantino beloofde hervormingen en transparantie toen hij in 2016 de baas van de Fifa werd. Het voetbal zou weer van iedereen worden. Melnæs: ‘Maar het is er alleen maar slechter op geworden. Als één man kan beslissen dat het WK wordt gehouden in een land waar mensenrechten er niet toe doen (Saoedi-Arabië organiseert het toernooi in 2034, red.), zegt dat alles over hoe verrot de situatie is.’ Het was ook Infantino die het WK voor clubs dat nu aan de gang is, oppompte tot een toernooi in de VS met 32 teams dat vooralsnog weinig publiek trekt en waarin vooral geld, heel veel prijzengeld, op het spel staat.

Onvermoeibaar ten strijde

Sinds 2009 trekken de journalisten van Josimar onvermoeibaar ten strijde tegen voetbalorganisaties als de Fifa en de Europese Uefa, Qatar, gokbedrijven en andere malafide partijen die het voetbal in hun ogen misbruiken. Ondanks continue tegenwerking en de dreiging van rechtszaken; ze zijn eraan gewend.

Maar zulke onderzoeksjournalistiek is tijdrovend en duur. De journalisten van Josimar werken gerust maanden aan een artikel; een deadline is er niet. En de coronatijd, waarin veel adverteerders zich terugtrokken, heeft erin gehakt op het kantoor in Oslo. Dus is het geld bijna op: 50 duizend euro heeft Josimar voor 1 juli nodig, anders is het einde verhaal voor het enige journalistieke onderzoekscollectief dat zich alleen op voetbal richt.

Luis in de pels

Dat ze zouden uitgroeien tot de luis in de pels van voetbalbestuurders, regeringen en louche financiers, was nooit de bedoeling geweest. Ze wilden vooral een ‘voetbalblad voor nerds’ maken, met verhalen die de Noorse pers liet liggen. Tactische verhandelingen, odes aan vergeten voetballers; als het maar diepgaand was. Melnæs: ‘We wilden onze liefde voor het voetbal betuigen.’

Het tijdschrift moest in elk geval de naam dragen van een van de Braziliaanse spelers op het WK van 1986: het elftal waarvan de Noorse pioniers groot fan waren. Drie kandidaten waren er. Socrates viel af, want te pretentieus. Zico lag te veel voor de hand. Dus viel de keus op Josimar, de rechtsback die dat WK debuteerde voor Brazilië en twee keer scoorde. ‘Een outsider, beroemd om zijn long shots. En wij beschouwden ons blad ook als een longshot.’

Het tijdschrift bestaat nog steeds en verschijnt vier keer per jaar. Maar de focus kwam al snel te liggen op wat er allemaal minder fraai was in de sport. ‘Of het nu ging om de Noorse voetbalbond, de Uefa of de Fifa, er bleek iets rot in het moderne voetbal.’

Ook in het Engels

Zeven jaar lang verschenen de artikelen van Josimar in het Noors, totdat een onderzoeksverhaal over de verkiezing van de Uefa-voorzitter in 2016 ook in het Engels werd gepubliceerd. Daarin werd beschreven hoe de Scandinavische bonden, ondanks hun toezegging aan de Nederlandse kandidaat-voorzitter Michael van Praag, voor de onbekende Sloveense advocaat Aleksander Ceferin kozen – met dank aan Kjetil Siem, die voor de Noorse bond werkte en op verzoek van Infantino stemmen voor Ceferin ophaalde. Later werd hij volgens Josimar door Infantino beloond met een adviseurschap bij de Fifa.

Van Praag was de ervaren voetbalbestuurder, die een jaar eerder al had geprobeerd het tot Fifa-voorzitter te schoppen. Ook bij de Uefa maakte hij achteraf geen kans, zegt Melnæs. ‘Hij is verraden, om politieke redenen. De Russen zagen de Uefa als een politieke tool die ze naar hun hand wilden zetten, omdat het WK in 2018 in Rusland plaatsvond. En ze wisten dat ze konden rekenen op Ceferin, dus hij moest het worden.’ De Volkskrant onthulde destijds dat Rusland druk zette op de Scandinavische bonden om als eerste hun voorkeur voor Ceferin uit te spreken, waarna de Russen dat zelf ook deden.

Voetbal is politiek

De dooddoener dat je sport en politiek gescheiden moet houden wordt vooral door politici en sportbestuurders gepropageerd. Voetbal is juist in alles politiek, zegt Melnæs. ‘Kijk naar de manier waarop Qatar zich verdedigde toen ze het WK van 2022 gingen organiseren. Alles wat ze vertelden, was een leugen.

‘Er zouden hervormingen voor de arbeiders komen, ze zouden de stadions na het WK uit elkaar halen en naar arme landen in Afrika brengen. Het zou het eerste klimaatneutrale WK ooit worden. Dat is allemaal niet gebeurd. In plaats daarvan was er meer uitstoot dan de WK’s van Rusland en Brazilië samen.’

Sinds Infantino het bij de Fifa voor het zeggen heeft, is het voetbal ‘gekaapt door slechte mensen die ervan houden om zich te omringen met andere slechte mensen.’ Niet de liefde voor het voetbal is volgens Melnæs hun belangrijkste motief, maar zelfverrijking.

Waakhond

In een van de opmerkelijkste verhalen van Josimar wordt bijvoorbeeld duidelijk dat de Fifa jaarlijks 50 duizend dollar aan schoolgeld betaalt voor Infantino’s dochter, die naar een privéschool in Miami gaat. Dit terwijl de Fifa-voorzitter per jaar 5 miljoen dollar aan onder meer salaris krijgt overgemaakt. Een ander artikel van Josimar meldt dat de wereldvoetbalbond de huur van Infantino’s appartementen in Parijs en het Zwitserse Zug betaalt.

Hoe de journalisten dat te weten zijn gekomen? ‘Ik kan onze bronnen natuurlijk niet prijsgeven. Maar als je al jaren onderzoek doet naar de Fifa, kom je vanzelf aan meer bronnen. Organisaties als de Fifa en de Uefa zijn niet te vertrouwen, en iemand moet de waakhond zijn. En dat zijn wij graag.’

Wekelijks gaat er wel een mail met vragen de deur uit naar Zürich of Nyon, waar de bonden zijn gevestigd. Als er al antwoorden terugkomen, zijn ze volgens Melnæs ontkennend of draaien ze om de hete brij heen. Interviewverzoeken met bestuurders als Ceferin of Infantino doet Josimar al niet meer, omdat die kansloos zijn.

Trots

Melnæs is onder meer trots op de onthullingen van Josimar over hoe Infantino eigenhandig de top van de Afrikaanse voetbalbond samenstelde. De steun van het continent is cruciaal als de Fifa-baas zijn plannen wil laten slagen, bovendien heeft hij dan Europa met ongeveer evenveel stemmen niet (altijd) meer nodig.

‘Maar ik ben ook trots op onze verhalen over gokbedrijven die hun criminele geld via het voetbal proberen te witwassen. En we hebben vijftig artikelen geschreven over 777 Partners, een Amerikaanse investeringsmaatschappij die dankzij een frauduleus piramidespel zeven voetbalclubs op vier continenten kon opkopen.’ Na de onthullingen van Josimar ging het bedrijf failliet.

Toch vindt Melnæs het lastig om te zeggen hoeveel impact de verhalen van zijn medewerkers hebben (slechts één journalist is in vaste dienst, de rest freelancet ook voor onder meer The Guardian, Forbes en de BBC). ‘Onze artikelen over Qatar leidden tot een extra congres bij de Noorse bond, waar gestemd kon worden over een boycot van dat WK.’ Die haalde het niet. Daarbij plaatste Noorwegen zich niet voor het toernooi.

‘Toch voelt het vaak als kleine stapjes, snap je? Maar we doen dit omdat we het belangrijk vinden dat het publiek weet wat er aan de hand is, en zijn eigen mening kan bepalen, aan de hand van nieuwe en relevante informatie.’

Dreiging van rechtszaken

Talloze keren werd al gedreigd om Melnæs en zijn team voor de rechter te slepen. Sepp Blatter, de Fifa, gokbedrijven en het WK-organisatiecomité van Qatar: ze lieten advocaten op hoge poten brieven naar de Noorse hoofdstad sturen. Tot een rechtszaak kwam het nooit.

‘We zijn serieuze journalisten’, zegt Melnæs. ‘We hebben factcheckers voor ons werken, we weten dat het waar is wat we schrijven. Daarom zijn we ook nooit bang als we weer zo’n brief van een Londens advocatenkantoor krijgen. Dan denken we vooral: ah, we doen dus iets goed.’

Durf te graven. En loop niet zo klakkeloos achter de pr-praatjes van voetbalclubs en -organisaties aan, zou hij andere media willen aanraden. ‘De meeste van de kranten hier in Noorwegen lijken niet eens meer op kranten. Het zijn infotainmentportalen geworden; met journalistiek heeft het niets meer te maken. Maar hoe gaat het publiek nog het onderscheid kunnen maken tussen feiten en leugens, als media voetbal als entertainment beschouwen, en vooral de content van anderen doorgeven?’

Hartverwarmende respons

De hoofdredacteur is optimistisch over de overlevingskansen van Josimar, dat op 1 juni een campagne lanceerde om nieuwe abonnees en donateurs aan zich te binden. Op z’n Josimars ging dat. ‘Red Josimar niet’, staat er bijvoorbeeld op de eigen website boven een foto van een argwanend kijkende Gianni Infantino.

Sindsdien zijn er 950 Noorse abonnees aan boord gekomen en 400 uit andere landen, waaronder Nederland. Ook kwamen er donaties binnen van over de hele wereld, zegt Melnæs. ‘Geen enorme bedragen. Maar de respons is hartverwarmend, nadat we hebben moeten vertellen dat we met een voet boven het ravijn hangen.’

Melnæs erkent dat zijn kijk op het voetbal er door zijn werk niet vrolijker op is geworden. Lachje: ‘Het is nogal deprimerend, hè. Omdat we allemaal zwaar verliefd zijn op het voetbal en we de meest vreselijke dingen aan het licht brengen. Maar we doen het wel, omdat het publiek zulke dingen gewoon moet weten.’

Luister hieronder naar onze podcast de Volkskrant Elke Dag. Kijk voor al onze podcasts op volkskrant.nl/podcasts.

Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next